Sônia Guajajara is de eerste minister voor Inheemse Volkeren van Brazilië. De door president Lula benoemde activist stuit op de aanhang van oud-president Bolsonaro in het parlement. Die is op weg meer landbouw in het Amazone-gebied mogelijk te maken.
Op woensdag 11 januari, drie dagen nadat aanhangers van de extreem-rechtse oud-president Jair Bolsonaro het interieur van het presidentieel paleis in Brasilia aan gort hadden geslagen, vindt op diezelfde plek opnieuw een historische gebeurtenis plaats. Verbeten woede heeft plaatsgemaakt voor feestvreugde. Sônia Guajajara (49) draagt voor de gelegenheid een witte verentooi met bovenaan, als een diadeem, een randje van gele veertjes.
‘Kom Sônia’, zegt het inheemse parlementslid Célia Xakriabá, die dienstdoet als ceremoniemeester. ‘Kom’, zegt ze, ‘jij die de roep tot het lied van de inheemse volkeren hoorde.’ Guajajara loopt onder luid applaus naar het katheder: ze is de eerste minister voor Inheemse Volkeren van Brazilië. President Luiz Inácio Lula da Silva kijkt toe en klapt. Het is 523 jaar nadat de Portugese ontdekkingsreiziger Pedro Álvares Cabral voet had gezet op Braziliaanse bodem en het land met ongeveer 7 miljoen inwoners opeiste voor de Portugese kroon.
Over de auteur
Joost de Vries is correspondent Latijns-Amerika voor de Volkskrant. Hij woont in Mexico-Stad. De Vries werkte eerder op de economische en politieke redactie.
Van de huidige 217 miljoen Brazilianen behoren nog 900 duizend tot de inheemse bevolking. Hun toekomst loopt onverminderd gevaar, zegt minister Guajajara in een videogesprek met de Volkskrant een klein half jaar nadat ze namens de ruim driehonderd oorspronkelijke volkeren toetrad tot de macht. Achter haar valt het middaglicht van de Braziliaanse hoofdstad door vitrages op het witte interieur van haar ministerie. De zwarte haren van de bewindsvrouw hangen los over haar schouders. Ze oogt moe.
Dat is niet verwonderlijk. Een rechtse meerderheid in het parlement – onder wie veel geestverwanten van voormalig president Bolsonaro – beukte de afgelopen weken in op haar ministerie, haar inheemse volkeren en hun Amazone-regenwoud. De inheemse activist zetelt nu weliswaar in de regering, ze vecht nog steeds tegen een conservatief deel van Brazilië dat droomt van grootschalige landbouw in de Amazone. ‘Hier voer ik activisme van binnenuit. Alleen de plek van onze strijd is veranderd, de eisen zijn hetzelfde.’
Eind mei stemden machtige agro-politici en conservatieve bolsonaristen in het lagerhuis voor PL 490, een wet die inheemse landrechten inperkt, inheems land nog kwetsbaarder maakt voor ontbossing en mijn- en landbouw, en de ministeriële bevoegdheid om inheemse territoria te erkennen overhevelt naar het parlement. ‘Als dit voorstel ook in de Senaat wordt aangenomen, betekent dat een totale afkalving van territoriale rechten, van autonomie, van inheemse identiteit’, waarschuwt de minister.
De afgelopen vier jaar had de landbouwsector zijn eigen ambassadeur in het presidentieel paleis. Onder president Bolsonaro schoot de ontbossing in de Amazone omhoog: volgens overheidscijfers van 7,5 duizend vierkante kilometer in 2018 (het jaar voor zijn aantreden) naar 13 duizend in 2021, ontbossingswaakhond Global Forest Watch constateerde in 2022 zelfs een record ontbossing. Het regenwoud werd (nog meer) een vrijplaats voor criminele gelukszoekers. De conservatieve populist sneed rigoureus in de twee overheidsorganisaties die de Amazone en haar inwoners zouden moeten beschermen: milieutoezichthouder Ibama en inheemsen-instituut Funai. Alle inheemse landaanspraken lagen tijdens zijn regering stil.
En precies daarop was de inheemse hoop gevestigd toen Lula aantrad en Guajajara benoemde als minister: landrechten. Het erkennen en beschermen van inheems land moest haar hoofdtaak worden. ‘De strijd om territoria is onze belangrijkste strijd’, zegt ze. ‘Heel veel inheemse gebieden wachten op officiële erkenning.’ Juist op dat punt weten de erfgenamen van Bolsonaro haar vanuit het parlement te raken. Want terwijl de linkse Lula in oktober won van Bolsonaro, rukten de bondgenoten van de oud-president tegelijkertijd op in beide kamers van het Congres.
De minister moet de komende maanden alle zeilen bijzetten om te voorkomen dat ook de Senaat voor het ingrijpende wetsvoorstel stemt. Het potentiële effect van PL 490 gaat ver voorbij enkel inheemse rechten, benadrukt ze. ‘Dit is niet alleen een aanval op inheemse levens, maar ook op onze gedeelde belangen als mensheid. De inheemse territoria functioneren als belangrijke barrières tegen ontbossing en tegen oprukkende landbouw. Deze wet bedreigt milieu en klimaat en uiteindelijk de planeet.’
Mochten alle wegen in het parlement doodlopen, dan is er nog de rechter, stelt ze. ‘De grondwet garandeert onze inheemse rechten.’ Maar ook dat is nog maar de vraag. De invloedrijke landbouwsector zaagt eveneens via juridische weg aan haar stoelpoten. Het hooggerechtshof buigt zich over een zaak met mogelijk net zulke destructieve gevolgen voor inheems Brazilië als het rechtse wetsvoorstel. De kwestie die voorligt: hebben oorspronkelijke volkeren enkel recht op de territoria waarin zij leefden toen Brazilië in 1988 een nieuwe grondwet aannam?
Het zou een mokerslag betekenen voor talloze gemeenschappen die strijden voor terugkeer naar het land van hun voorouders. Ook veel reeds erkende territoria zouden op losse schroeven komen te staan. ‘We vertrouwen erop dat een meerderheid van de rechters tegen zal stemmen’, zegt Guajajara. Maar ook in de hoogste Braziliaanse rechtbank laat de invloed van oud-president Bolsonaro zich gelden. De door hem aangestelde conservatieve rechter André Mendonça vroeg op 7 juni om negentig dagen uitstel van stemming – een opsteker voor de rechtse parlementariërs die vóór de juridische uitspraak hun wet door de Senaat hopen te loodsen.
Tot overmaat van ramp ontnam de rechtse meerderheid haar onlangs de bevoegdheid om inheemse gebieden te erkennen, in veel opzichten de essentie van haar ministerie. Met het mes op de keel dwong het parlement Lula om deze taak over te hevelen van het ministerie voor Inheemse Volkeren naar het ministerie van Justitie. ‘Met deze parlementariërs viel niet te onderhandelen. Het landbouw-blok probeert op alle mogelijke manieren inheemse politiek te verzwakken.’
De moed zou je haast in de schoenen zakken als eerste minister voor Inheemse Volkeren, ware het niet dat Sônia Bone de Souza Silva Santos, kind van het Guajajara-volk uit het woud van deelstaat Maranhão, niet anders gewend is. Een leven van inheems activisme leidde Guajajara naar het voorzitterschap van de landelijke inheemse belangenclub Apib. In die rol zei zij vorig jaar tegen (toen nog kandidaat) Lula: wij willen vertegenwoordiging in jouw regering. Waarop hij een inheems ministerie beloofde.
De twee kennen elkaar al langer. Toen Lula president was van 2003 tot 2011, voerde Guajajara luidruchtig actie tegen het plan om in de Amazone een grote waterkrachtcentrale te bouwen. De Belo Monte-dam opende in 2016 – Lula stond bij de inheemse volkeren in het krijt. Nu zegt ze over haar nieuwe baas: ‘President Lula heeft zich verbonden aan de inheemse zaak.’ Ze zijn geen partijgenoten, in plaats van Lula’s arbeidersbeweging PT is zij lid van de socialistisch-democratische PSOL.
De oprichting van een ministerie voor de oorspronkelijke volkeren van Brazilië betekent geen onmiddellijk einde aan ‘aan al onze historische problemen’, weet ze. ‘Maar het opent een deur naar meer zichtbaarheid, meer aanwezigheid.’ In het Portugees ‘protagonismo’, oftewel een inheemse hoofdrol: ‘De kans om te laten zien dat wij in staat zijn mee te regeren.’
Nu het parlement haar een belangrijke bevoegdheid ontnam, geldt des te meer dat Guajajara zich als inheemse ambassadeur moet opstellen in Lula’s omvangrijke kabinet (met 37 bewindspersonen). Half juni gaf ze daar al een voorbeeld van. Samen met minister Flavio Dino van Justitie kondigde ze een eerste stap aan naar erkenning van dertien nieuwe inheemse territoria, nadat Lula al zes gebieden had erkend. ‘We laten aan het Congres zien dat we niet opgeven.’
Ondanks de harde rechtse tegenwind in het parlement, boekte de inheemse politiek in een half jaar tijd al meer successen. Guajajara vertelt hoe ze honderden nieuwe ambtenaren aanstelt op het nationale inheemseninstituut Funai, naast haar ministerie het belangrijkste overheidsorgaan voor inheemse rechten. De nieuwe Funai-baas is de inheemse parlementariër en advocaat Joênia Wapichana.
En ook Ibama, het Braziliaanse Instituut voor Milieu, krijgt weer tanden. Dit voorjaar voerde Ibama een spectaculaire reddingsmissie uit in het gebied van de Yanomami diep in de Amazone. Ibama-agenten en militairen landden met helikopters naast illegale mijnen en vernietigden de machines die de indringers in grote haast hadden achtergelaten. Minister Guajajara bezocht samen met president Lula het bedreigde en zwaar ondervoede Yanomami-volk.
President Lula en minister Marina Silva van Milieu (samen met Guajajara het Amazone-boegbeeld van Lula’s regering) reageerden op het rechtse machtsvertoon door begin juni een plan tegen illegale houtkap te presenteren. Voor 2030 moet er een einde komen aan ontbossing, zo luidt de belofte. Minister Silva’s milieubeleid gaat hand in hand met inheemse politiek: onderdeel van het actieplan is het erkennen van in Source: Volkskrant