Home

Protestmars als de koning spreekt tijdens Ketikoti: de Afro-gemeenschap wil meer daden zien

Activist Mitchell Esajas van The Black ­Archives ziet een ‘stortvloed van activiteiten in de aanloop naar Ketikoti op 1 juli’ op zich afkomen. ‘Maar daar heeft een zwart kind in de Bijlmer niets aan als hij een lager schooladvies krijgt dan andere Nederlandse kinderen met hetzelfde leer-­niveau.’ Daarom organiseren The Black Archives en Zwart Manifest een protestmars naar het Amsterdamse Oosterpark, als daar zaterdag de daadwerkelijke afschaffing van de slavernij wordt herdacht, 150 jaar geleden.

Koning Willem-Alexander zal spreken. ‘Of de koning excuses gaat aanbieden, dat is vooral van symbolische waarde’, zegt Esajas. ‘Uiteindelijk gaat het erom: wat gaat de overheid concreet doen? Tot nog toe is dat volstrekt onvoldoende.’

Ook anderen willen meer daden zien om instutioneel racisme uit te bannen en de positie van nazaten te verbeteren, hoe blij ze ook zijn met de excuses voor het Nederlandse slavernijverleden en het gesprek dat sindsdien is ingezet. ‘Herdenken is heel belangrijk’, zegt Dagmar Oudshoorn, voorzitter van het Adviescollege Dialooggroep Slavernijverleden. Volgens haar moet er meer gebeuren dan er nu aan plannen ligt. ‘Het gaat om de doorwerking van het slavernijverleden op het heden, dat de economische achterstanden worden verkleind. Of bijvoorbeeld discriminatie en institutioneel racisme voldoende worden aangepakt, daar ben ik kritisch over.’

Het motto van de protestmars op 1 juli is ‘Geen heling zonder herstel’. Daarmee willen de organisatoren de discussie aanzwengelen over mogelijke herstelbetalingen. En ook over, bijvoorbeeld, een ‘minder vrijblijvende’ aanpak van discriminatie. ‘Als je concludeert dat er een doorwerking is van dit verleden, dan moet je met een serieus pakket aan maatregelen komen om dat te repareren’, zegt Esajas.

Deze excuses zijn ‘geen punt, maar een komma’, beloofde premier Mark Rutte op 19 december. Nu op 1 juli het herdenkingsjaar van het slavernijverleden begint, laait de discussie op in hoeverre de overheid die belofte gaat waarmaken.

Minister Hanke Bruins Slot (Binnenlandse Zaken) beschreef vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer de plannen. Er is een zogenoemd bewustwordingsfonds opgezet, met 200 miljoen euro in kas. De helft van het geld is bestemd voor nog nader te bepalen maatschappelijke initiatieven. De andere 100 miljoen euro gaat onder meer naar meerjarig onderzoek naar de doorwerking van het slavernijverleden en het beheer van het slavernij-erfgoed op de Caribische eilanden. Ook krijgen nazaten de mogelijkheid kosteloos hun naam te wijzigen.

Daar bovenop maakt het kabinet jaarlijks 8 miljoen euro vrij voor een herdenkingscomité dat moet toezien op een ‘grotere, waardige, koninkrijksbrede herdenking van het slavernijverleden’. Ook wil het kabinet het ‘antiracismebeleid intensiveren’, onder meer door de antiracismebureaus te versterken. Binnen het onderwijs krijgt het slavernijverleden een prominentere plek.

Aan goede wil ontbreekt het niet, benadrukken betrokkenen. De overheid weet de gesprekspartners uit de gemeenschap nu ook aanmerkelijk beter te vinden dan eind vorig jaar, toen een aantal gesprekken op het Catshuis nodig waren met vertegenwoordigers uit de gemeenschap om in aanloop naar 19 december de plooien glad te strijken. Sindsdien organiseert de overheid doorlopend gesprekken, niet alleen in Nederland, maar ook in Suriname en op de eilanden van de voormalige Nederlandse Antillen. ‘Om inzicht te krijgen in de wensen en behoeften voor de invulling van het proces na de komma’, zoals het kabinet het zelf omschrijft.

‘Ik ervaar nu echt welwillendheid om naar elkaar te luisteren’, zegt voorzitter Linda Nooitmeer van NiNsee, het Nationaal Instituut voor het Slavernijverleden. ‘Wij hebben duidelijk gemaakt dat het er ons vooral om gaat dat de positie van de hele Afro-gemeenschap in de samenleving verbetert. Wij horen nog steeds dat zij soms niet goed worden behandeld door de Belastingdienst of het UWV. En dat er nog algoritmes worden gebruikt die discriminerend kunnen uitpakken.’

Veel betrokkenen hebben het gevoel dat ze het momentum van de brede belangstelling voor Ketikoti moeten benutten. ‘Het positieve is dat de bewindspersonen nu veel aandacht hebben voor deze thema’s, nu moeten de stappen worden gezet’, zegt Oudshoorn. En dat gaat, wat haar betreft, aanmerkelijk verder dan het aangekondigde herdenkingscomité en het bewustwordingsfonds. ‘Het is en-en-en’, zegt Oudshoorn. ‘Daar moet het niet stoppen.’

Maar het is aanmerkelijk lastiger om bijvoorbeeld institutioneel racisme uit te bannen dan een herdenking te organiseren. ‘Het gaat nog jaren duren om iets uit te roeien dat zo lang heeft kunnen woekeren’, zegt Oudshoorn. ‘Ook bij veel overheidsdiensten moeten diep ingesleten vooroordelen in het denken worden aangepakt.’

Nooitmeer waarschuwt dat het geld van het fonds niet alleen ‘naar toeters en bellen moet gaan, zoals monumenten en onderzoeken’. ‘Ik hoor dat ze op de Caribische eilanden, in Suriname en ook in veel Nederlandse wijken zeggen: wat zijn jullie allemaal aan het vergaderen? Ik ben al blij als ik mijn kinderen ’s avonds te eten kan geven. We moeten niet te hoog boven de hoofden van de mensen gaan zitten.’

Maar dat er nu zo veel over het slavernijverleden wordt gesproken, is volgens haar ‘pure winst’. ‘Mensen hebben weer hoop gekregen. We kunnen niet meteen verwachten dat alle problemen met een knip van de vinger worden opgelost.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next