N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Karin Amatmoekrim is schrijver en letterkundige. Ze schrijft om de week een column.
Karin Amatmoekrim is schrijver en letterkundige. Ze schrijft om de week een column.
Ze publiceerde zes romans, waaronder het boek Het gym (2011) en de historische roman De man van veel (2013) over het leven van verzetsheld Anton de Kom. De documentaire die Gulsah Dogan maakte over de memoir Tenzij de vader (2016) werd genomineerd voor een Gouden Kalf. Momenteel werkt Amatmoekrim aan een proefschrift in de vorm van een biografie over essayist Anil Ramdas en ze werkt aan een grote geschiedenis van Suriname.
Meer artikelen van Karin Amatmoekrim
1 juli nadert, en dat betekent Keti Koti, en het betekent zomer. De stad waarop mijn raam uitkijkt schittert in het zonlicht. Het voelt als een herinnering die ik opnieuw mag beleven. De herkenning schuilt in de kruinen van de bomen die in duizend tinten groen uitbarsten, in de lachende mensen op straat, het verhitte toeteren in het verkeer.
Aan de overkant van de gracht loopt een jongen langs. Hij draagt een zwarte minirok, en goudkleurige enkellaarsjes met een hakje.
Mijn telefoon gaat, ik gun het mezelf om niet op te nemen. Ik word veel gebeld, deze periode. Of ik wil komen praten, nadenken, schrijven over het slavernijherdenkingsjaar. Ze vragen me waarom het belangrijk is, de herdenking. De vraag stellen is hem beantwoorden, dat weten we allemaal. Ja, het is belangrijk dat we met elkaar blijven praten, en dat we samen herdenken. Want in dat gesprek en in die gezamenlijkheid ontstaat zoiets als een samenleving.
Een ingesproken bericht op mijn voicemail; of ik naar de studio kan komen om te praten over Anton de Kom, en zijn rehabilitatie. Ik kan niet, de agenda is te vol. Bovendien, maar dat zeg ik er niet bij, wil ik niet. Over De Kom schreef ik tien jaar geleden een roman. Ik kroop in zijn huid, probeerde de wereld te zien zoals hij dat zou kunnen hebben gedaan. Probeerde hem tot leven te brengen voor al die mensen die hem niet kenden (dat waren er destijds veel).
Toen het boek uitkwam was er in Nederland lof. Uit Suriname kwam kritiek, want ik had het boek laten plaatsvinden in de psychiatrische inrichting waarin De Kom voor een korte periode was opgenomen geweest. Onbehoorlijk, zei men. Onaardig en kwetsend. Psychische problemen waren een vorm van zwakte. En zwakte ging kennelijk niet samen met heldendom. De opmerking die me het meest raakte: „Dat krijg je ervan als zij over ons gaan schrijven.” ‘Zij’ dat waren Nederlanders. Dat was ik. ‘Ons’, dat waren Surinamers. Dat was ik niet.
Ik besefte; als herdenken een gesprek is, dan was ik hier niet uitgenodigd.
Ik bel de studio om te zeggen dat ik geen tijd heb om over De Kom te praten. En dat ik hoop dat ze iemand anders vinden (iemand die op een gepastere manier weet te herdenken dan ik, denk ik, maar ook dat zeg ik niet).
Wanneer ik heb opgehangen, kijk ik een poosje naar buiten.
De jongen is bijna uit mijn zicht. Ik zie nog net zijn lange, sluike haar, het korte, geplooide rokje dat ver boven zijn knieën eindigt. Zijn benen zijn lang en slank.
Ik bewonder hem, en ik ben bezorgd. Wens hem in stilte een veilige wandeling, hoop dat hem geen vijandige blikken toegeworpen worden, geen geweld, geen wraak op wat hij verbeeldt.
Keti Koti, zo bedenk ik nu, valt samen met het einde van Pride Month. De maand waarin de rechten en de schoonheid van de queer mens worden gevierd, maakt plaats voor de herdenking aan alle mensen die zijn ontkend in de nasleep van het slavernijverleden. Mensen als Anton de Kom: helden die aan ons werden verkocht als een gevaar voor de nationale veiligheid. Zoals deze jongen op zijn eigen manier een held is, en zijn eigenzinnig verzet door nog steeds te veel mensen gekenmerkt wordt als gevaarlijk, overbodig, abnormaal. Met alle gevolgen van dien.
Herdenken en vieren is op zoveel vlakken nog zo noodzakelijk. Een voortdurend gesprek is het eigenlijk, over wie we waren en wie we willen zijn. Een gesprek waarin we het meestal niet eens met elkaar zullen zijn. Over of een man in een rokje aanstoot geeft of niet. Of over hoe je over helden schrijft, bijvoorbeeld.
U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.
Source: NRC