Home

De eerste vrouwelijke burgemeester van Amsterdam móét slagen

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Burgemeester Femke Halsema is vijf jaar burgemeester van Amsterdam. Ze heeft bewonderaars, maar roept ook verdeeldheid op. „Ze is meer gaan luisteren en minder gaan vinden.”

Femke Halsema bij de jaarlijkse herdenking van de Decembermoorden in Amsterdam (2019).

Bij het wekelijkse overleg van de Amsterdamse veiligheidsdriehoek, ’s maandags op het stadhuis, is de opstelling altijd dezelfde. Aan de ene kant van de tafel: de politiechef en de hoofdofficier van Justitie. Aan de andere kant: burgemeester Femke Halsema.

De twee mannen aan de overkant noemt Halsema wel eens schertsend ‘Statler en Waldorf’, naar de twee oude heertjes uit The Muppet Show. Politiechef Frank Paauw en hoofdofficier René de Beukelaer maken graag grappen en kunnen goed over voetbal praten.

Toch gaat het vooral over serieuze zaken op maandagochtend. De ‘driehoek’ is de belangrijkste vergadering van de week: openbare orde en veiligheid zijn de enige formele portefeuilles van de burgemeester. Aan deze tafel ging het de afgelopen jaren over de moorden op Derk Wiersum en Peter R. de Vries, minderjarigen met kapmessen in Zuidoost, de avondklok, de gijzeling in de Apple Store en coronademonstraties die eindigden in geweld – om maar iets te noemen.

In het begin van hun samenwerking, vertellen Paauw en De Beukelaer, was er wel eens spanning. De voormalige oppositiepoliticus Halsema – slim, belezen, verbaal sterk – had snel een mening over kwesties. Even afstand nemen of wachten op het advies van de deskundigen? Vaak had Halsema haar punt al klaar – ook voor de buitenwereld. „Ze is betrokken en ze is een debater”, zegt Paauw. „Om meningen zit ze niet verlegen.”

Komende dinsdag is Femke Halsema vijf jaar burgemeester van Amsterdam. Haar voordracht was een primeur voor de hoofdstad, in meerdere opzichten: de eerste GroenLinkser, na zeventig jaar PvdA’ers, en de eerste vrouw, na zevenhonderd jaar mannen.

Er is ook een groep die haar ziet als boegbeeld van de arrogante grachtengordel

De Amsterdammers lijken haar – voorzichtig – te hebben omarmd: in een peiling van het gemeentelijk onderzoeksbureau OIS kreeg ze onlangs een 6,3 als rapportcijfer. Ze heeft bewonderaars, maar is zeker niet geliefd bij iedereen: er bestaat ook een groep luidruchtige Halsema-haters, die haar zien als boegbeeld van de arrogante Amsterdamse grachtengordel.

Over een jaar zit Halsema’s eerste ambtstermijn erop. Deze zomer, zegt ze, besluit ze of ze verder wil, met nog eens zes jaar. In en om het stadhuis is niemand te vinden die eraan twijfelt dat ze doorgaat. Als ze daartoe besluit, lijkt een herbenoeming door de raad een formaliteit.

Hoe opereerde Halsema de afgelopen vijf jaar achter de schermen? Hoe doet de burgemeester het op de minder zichtbare momenten? NRC sprak met 25 bestuurders, raadsleden, ambtenaren, betrokken burgers en ondernemers die haar van nabij meemaakten. De burgemeester, zo blijkt uit die gesprekken, is een bestuurder met een fenomenale werklust en uitgesproken opvattingen; nieuwsgierig, zelfkritisch en niet bang aangelegd. Maar ook iemand die ongeduldig, veeleisend en snel gekwetst kan zijn. Empathisch en toegankelijk, zoals ze zelf zegt in het ambt te willen staan? Hangt ervan af wie je het vraagt. Een burgemeester voor álle Amsterdammers? Vaak wel, maar ze blijft ook iemand die verdeeldheid oproept – of ze het nou wil of niet.

Pinkstermaandag 1 juni 2020: de Dam in Amsterdam staat afgeladen vol. Meer dan tienduizend mensen demonstreren tegen racisme en politiegeweld. Het is de zomer van George Floyd en Black Lives Matter.

Het is ook de eerste zomer van corona. Het protest verloopt vredig, maar de demonstranten schenden op spectaculaire wijze de afstandsregels. Halsema, overrompeld door de massale toeloop, grijpt niet in. Wel komt ze even kijken. Op haar blouse draagt ze een button die ze van activisten heeft gekregen, met het jaartal ‘1873’.

De (sociale-)mediastorm die volgt op de ‘Damdemonstratie’ is ongekend. Openlijke kritiek uit het kabinet. Tweede Kamerleden die Halsema’s aftreden eisen. „Zo kan het ook Femke”, kopt De Telegraaf twee dagen later op de voorpagina bij een foto van een Black Lives Matter-demonstratie in Den Haag waar wél afstand wordt gehouden. Op Twitter kondigt Story-hoofdredacteur Guido den Aantrekker een „mediaoorlog” aan tegen de burgemeester van Amsterdam: „Als de politiek er niet voor zorgt dat Halsema aftreedt, ga ik daar persoonlijk voor zorgen. Enough is enough.”

Bestuurlijk zal Halsema de affaire overleven: ze neemt „de volle verantwoordelijkheid” voor wat er mis is gegaan en behoudt de steun van de gemeenteraad. Wel vormt de massale woede tegen haar persoon een van de dieptepunten in haar eerste vijf jaar als burgemeester – daar maakt ze geen geheim van.

Minder bekend is dat ‘1 juni’ ook leidde tot een vertrouwenscrisis in de Amsterdamse veiligheidsdriehoek, die volgens een later verschenen rapport op die dag leed aan een „collectieve vorm van passiviteit”. Dagenlang maakten Halsema, politiechef Frank Paauw en het tijdelijke hoofd van het Amsterdamse OM elkaar verwijten. Ze konden het niet eens worden over de vraag of het niet-ingrijpen nou een ‘gezamenlijk besluit’ was geweest of niet.

Toen René de Beukelaer in augustus 2020 aantrad als nieuwe hoofdofficier van Justitie, voelde hij de Damdemonstratie nog „nadreunen” in de driehoek. „We moesten echt elkaars vertrouwen winnen. Een nieuwe driehoek moet zich sowieso zetten, maar door die demonstratie moesten we nog een extra slag maken.”

Het duurde eventjes, maar het vertrouwen kwam er, zeggen Paauw en De Beukelaer. Betrokkenen bij het Amsterdamse veiligheidsbeleid beamen dit: ze zien Halsema en de twee mannen functioneren als een hecht team dat bereid is naar elkaar te luisteren.

Die teamgeest is, opmerkelijk genoeg, mede te danken aan een ánder protest in coronatijd: de verboden Museumpleindemonstraties van de ‘koffiedrinkers’, begin 2021. Dertien zondagen achtereen zaten Halsema, Paauw en De Beukelaer met elkaar in het commandocentrum van het hoofdbureau van de politie aan de Elandsgracht. Tussen het coördineren van de Mobiele Eenheid door werden er muziektips uitgewisseld, hobby’s besproken en stemwijzers ingevuld. Of ze voerden een persoonlijk gesprek. „Dat was goed voor de onderlinge band”, zegt De Beukelaer.

Onder Halsema, zegt politiechef Paauw, is er „een behoorlijke kentering” geweest in de relatie tussen stadhuis en hoofdbureau. De ambtenaren van Openbare Orde en Veiligheid (OOV), die traditioneel een beetje afstand houden van de Elandsgracht, werken onder haar nauwer samen met de politie-organisatie dan voorheen. En die is op zijn beurt sneller bereid fouten toe te geven in het openbaar, zegt Paauw, mits Halsema de politie publiekelijk steunt. Haar raadsbrieven over openbare orde en veiligheid ondertekent de burgemeester tegenwoordig met de zin: „namens de andere leden van de veiligheidsdriehoek”.

Femke Halsema bij de botenparade van de Gay Pride (2018). Foto Remko de Waal/ANP

Ook van Halsema’s snelle meningsvorming zijn de scherpe kantjes afgegaan. „Ze is meer ontspannen”, zegt De Beukelaer. „Niet direct haar punt maken, maar ook eerst de ander willen horen.” Paauw: „Ze is meer gaan luisteren en minder gaan vinden.”

De Damdemonstratie bezorgde Halsema – in ieder geval tijdelijk – de reputatie van een bestuurder die niet ingrijpt als het erop aankomt. Dat is onterecht, zeggen ambtenaren en bestuurders die met haar werken. In veel opzichten is ze juist een burgemeester van law and order – méér dan de linkse Amsterdamse raad soms lief is. Demonstraties van Extinction Rebellion laat ze snel beëindigen, net als bezettingen van universiteitsgebouwen. Ze heeft het kraakbeleid aangescherpt. Boeren die met honderden tractoren naar de hoofdstad wilden komen, kregen te horen dat ze met alle mogelijke middelen zouden worden tegengehouden.

Halsema is ook bereid om Amsterdamse taboes te doorbreken. Zo liet ze zich door Paauw en De Beukelaer overhalen tot een proef met preventief fouilleren. Ze trotseerde daarmee een ruime meerderheid in de Amsterdamse raad, inclusief twee coalitiepartijen, die vreesde voor etnisch profileren.

Een paar keer per jaar, bij risicowedstrijden van Ajax, gaan Halsema, Paauw en De Beukelaer met z’n drieën naar de Johan Cruyff Arena. Halsema maakt bij die gelegenheid geen geheim van haar gebrek aan kennis van de sport. „Buitengewoon gezellig”, noemt René de Beukelaer de dienstuitjes naar de Johan Cruyff Arena. „Dat Femke niet weet wie de rechtsbuiten is van Ajax, daar kan ik mee leven.”

De eerste twee jaar waren moeilijk, zegt vrijwel iedereen die met Femke Halsema samenwerkte. Ze moest het vak leren – nooit eerder had ze een ambt in het openbaar bestuur bekleed. De heiligenstatus van Eberhard van der Laan, haar in het harnas gestorven voorganger, hing nog lang over het stadhuis. En Halsema was het mikpunt van aanvallen van rechtse media – een campagne die al voor haar benoeming begonnen was.

In augustus 2019 onthulde De Telegraaf dat Halsema’s minderjarige zoon was gearresteerd in het bezit van ‘een alarmpistool’, bij het plegen van een gewapende inbraak. Dat klopte niet, zo bleek al gauw: van inbraak was geen sprake, van een alarmpistool evenmin. Het wapen, zo vertelde Halsema’s partner Robert Oey later aan NRC, was een onklaar gemaakte revolver die hij voor een film had gebruikt. Documentairema Source: NRC

Previous

Next