N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
GezondheidsZorg
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevat meningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groep redacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer een handvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Nederland heeft niet meer de beste gezondheidszorg van de wereld. Zeker, de ziekenhuiszorg is heel goed, de spoed-, kraam- en huisartsenzorg ook. Maar er zijn te veel mensen die zorg nodig hebben en te weinig vakmensen om die te leveren. 84.000 Nederlanders wachten volgens toezichthouder NZa langer dan normaal op een ggz-afspraak. Afdelingen spoedeisende hulp sluiten soms een paar keer per dag hun deuren omdat ze vol liggen. En in de minder zichtbare hoeken, zoals de thuiszorg, zitten elke dag meer ouderen te wachten. Op een schone luier of een pil.
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevat meningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groep redacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer een handvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Bovendien kost de zorg steeds meer geld, onder meer doordat vrijwel alles – van IVF en maagverkleiningen tot ineffectieve kankermedicijnen – wordt vergoed in het basispakket.
De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RvS) constateerde afgelopen dinsdag wat onder andere de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) al eerder zeiden: de zorg kan de vraag niet meer aan. Om de steeds schaarsere zorg solidair te houden, moeten zorgaanbieders gaan samenwerken in plaats van met elkaar te concurreren, zegt de RvS. De WRR en de NZa stelden dat er harde keuzes moeten worden gemaakt.
Het is goed om te zien dat minister Kuipers (Volksgezondheid, D66) recent al een paar keuzes maakte. Hij concentreerde de kinderhartchirurgie op twee plekken, ondanks hevige protesten van ziekenhuizen, en zei nee tegen de vergoeding van enkele dure nieuwe kankermedicijnen waarvan niet is aangetoond dat ze patiënten enorm kunnen helpen.
De architecten van de Zorgverzekeringswet uit 2006 hadden goede bedoelingen. Wilde de groeiende en vergrijzende Nederlandse bevolking in de toekomst ook nog alle zorg krijgen, dan moest de collectieve rekening beheerst worden. Want die rekening liep de laatste jaren, voordat het stelsel op de schop ging, al behoorlijk op. Als zorgverleners met elkaar zouden concurreren, zo was het idee, dan zou de prijs voor medische behandelingen dalen. En de kwaliteit en de service verbeteren.
Gereguleerde marktwerking werd het devies en er zijn mensen die daar tot op de dag van vandaag vertrouwen in hebben. Maar marktwerking verlaagde de kosten niet én de tijden zijn veranderd. Ziekenhuizen en klinieken gingen juist steeds meer zorg leveren per patiënt. En de patiënt heeft geen enkele financiële reden om die hulp te weigeren want zijn verzekeraar betaalt de rekening. Artsen kúnnen ook steeds meer en burgers verwachten steeds meer.
Daarnaast groeide het belang van ziekenhuizen om rond te komen: er moet ‘productie’ worden gedraaid. Een patiënt die soms beter ergens anders geholpen kan worden, houden ziekenhuizen liever bij zich. Geen goede ontwikkeling.
De zorgverzekeraars doen er sinds 2006 van alles aan om die kosten te beheersen. Ze stellen per ziekenhuis per jaar bovengrenzen aan de productie – zeker als die als duur te boek staat. En ze onderhandelen elk jaar opnieuw met hen over prijzen. Daar maken ze zich niet populair mee maar het is wel nodig. Minder nodig zijn de vele administratieve eisen die ze aan zorgverleners stellen waardoor artsen en verpleegkundigen veel meer tijd dan voorheen kwijt zijn aan turven en noteren van wat ze de hele dag doen.
Onderwijl gingen steeds meer artsen en verpleegkundigen in deeltijd werken. Alleen al daardoor zijn er veel meer nodig dan voorheen. In de huisartsenzorg is dat het duidelijkst: vroeger werkte de huisarts fulltime. Nu werkt tweederde van de huisartsen in deeltijd en is er een nijpend tekort.
Tegelijk bloeide de rest van de economie waardoor mensen die verzorgende of verpleegkundige kunnen worden, vaak voor een ander vak kiezen waar ze meer verdienen.
Keuzes zijn noodzakelijk – harde keuzes. Ja, sommige individuele burgers kunnen minder veeleisend worden maar dan kun je lang wachten. Het is nu ook aan artsen en hun wetenschappelijke verenigingen om harde keuzes te maken. Zij bepalen op grond van hun kennis wat er bij een medische behandeling uit de kast wordt getrokken. Zij, en zij alleen, kunnen de omvang van ingrepen en het aantal beperken. Want alle zorgverleners volgen hun richtlijnen. Elke ingreep die de patiënt niet per se beter gaat maken, belastend zal zijn én veel geld zal kosten, is er één te veel. Dappere artsen die concrete keuzes bepleiten, zijn er al. Hopelijk overtuigen ze hun collega’s, bazen en de politiek.
U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.
Source: NRC