Home

Opinie: De structuur van onze democratie vertoont sporen van achterstallig onderhoud. Hier is een verbouwingsplan

Over een grondige verbouwing van het Huis van Thorbecke wordt al lang nagedacht. Echt opschieten doet het niet. De naamgever koos destijds bewust voor een veranderingsresistent ontwerp. Aan ideeën, adviezen en commissies is nooit gebrek geweest, maar het onderwerp - de inrichting van onze parlementaire democratie - schiet pijnlijk tekort in glamour en spektakel. Zo blijft alles ongeveer zoals het was.

Niet dat iedereen tevreden is: er wordt met grote regelmaat gejammerd over het matig functioneren van onze democratie. Dat heeft natuurlijk met meer te maken dan alleen met de structuur van het Huis, bijvoorbeeld met het gedrag van de bewoners. Maar toevalligerwijs lijkt een aantal wenselijke structuurveranderingen ineens wel keurig in elkaars verlengde te liggen. Zou de hieronder beschreven verbouwingskans dan niet benut moeten worden?

Over de auteur
Alexander Rinnooy Kan is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, oud-voorzitter van de SER en voormalig Eerste Kamerlid voor D66.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Vooraan in die rij van hervormingen staat de vaak gehoorde wens om het aantal Tweede Kamerleden uit te breiden. Internationaal is dat aantal, rekening houdend met de omvang van ons land, zeer laag. Overbelasting van de nu zittende leden is dan ook aan de orde van de dag, vooral bij de kleinere fracties; een vijftigtal extra zetels is alleszins te verdedigen. En kijk: het gebouw van de Tweede Kamer krijgt toevallig net nu een grote beurt, zodat de vergaderzaal gemakkelijk even wat kan worden vergroot (dan wel de ruim bemeten blauwe fauteuils een tikje verkleind).

Als er dan toch vijftig zetels bijkomen, dan biedt dat een natuurlijke kans om over te stappen op het Duitse gemengde parlementaire stelsel en deze nieuwe zetels te koppelen aan even zoveel nieuw te vormen kiesdistricten. Elke kiezer brengt in de toekomst dan twee stemmen uit: één op een landelijke lijst, en één in zijn of haar district. Dat laatste is aantrekkelijk voor de lokale kiezers; zij kunnen voortaan - net zoals bijvoorbeeld in Engeland - met al hun zorgen aankloppen op het spreekuur van het eigen Kamerlid, dat bij uitstek gemotiveerd is om een lokale reputatie te verwerven als politieke probleemoplosser.

Er moeten dus zo’n vijftig kiesdistricten gevormd worden. Maar dat sluit op zijn beurt prima aan bij het al heel lang lopende proces van gemeentelijke schaalvergroting. Steeds meer beleid wordt immers gedecentraliseerd, en dat dwingt kleine gemeentes tot een onoverzichtelijk en democratisch oncontroleerbaar ratjetoe aan samenwerkingsverbanden. Schaalvergroting ligt dus zeer voor de hand.

Diverse analyses hebben aangetoond dat indeling van Nederland in een vijftigtal regio’s leidt tot bestuurlijke eenheden die precies groot genoeg zijn om alle gedecentraliseerde taken goed aan te kunnen, uiteraard onder toezicht van een democratisch gekozen regioraad. Binnen elke regio kan dan naar hartelust verder gedecentraliseerd worden, zodat bestaande dorpen, kleine (deel)gemeentes, buurten en wijken herkenbaar en aanspreekbaar blijven voor hun bewoners; elke regio moet dat vooral geheel naar eigen inzicht doen.

De kleine gemeentes kunnen in dit hervormingsproces het beste het voortouw nemen. Zo kan de burger greep blijven houden op wat er in zijn onmiddellijke omgeving gebeurt, en democratisch toezien op alles wat op meer afstand plaatsvindt.

Denemarken heeft laten zien dat zo’n gemeentelijke opschaling snel gerealiseerd kan worden en plukt daarvan nu de vruchten. Die vijftig regio’s annex kiesdistricten kunnen bovendien in één klap financieel zelfstandiger worden ingericht dan de huidige gemeentes. Een internationaal ongekend hoog percentage van alle gemeente-inkomsten komt immers op dit moment rechtstreeks van het Rijk. Dat ontneemt het decentrale bestuur de ruimte om zelf meer of minder belasting te heffen al naar gelang hun kiezers de daarmee te bekostigen voorzieningen de moeite meer of minder waard vinden. Een lasten-neutrale verschuiving van nationale naar regionale belastingheffing ligt dus voor de hand.

Maar als op deze manier een efficiënte en effectieve regionale bestuurslaag tot stand komt, dan is er een goede reden tot herbezinning op de huidige provinciale bestuurslaag. Provincies met een rijke geschiedenis, een aparte cultuur, een mooie carnavalstraditie of een sporadische Elfstedentocht kunnen natuurlijk blijven bestaan, maar dat hoeft, in dit kleine land, niet per se als aparte democratische bestuurslaag. Dat scheelt geld en menskracht en hoeft niet ten koste te gaan van traditionele feestelijkheden, al dan niet onder leiding van een ceremoniële commissaris van de koning.

In dit regionale model is ook gemakkelijk een alternatief te verzinnen voor de ongemakkelijke waterschapsverkiezingen van nu. En wie ten slotte twijfelt aan de meerwaarde van de Eerste Kamer kan deze hervormingsronde dan ook nog benutten voor een reeks aanpassingen aldaar. Wie, zoals ik, een aantal jaren deel heeft uitgemaakt van dat gezelschap, kan zowel de noodzaak bevestigen van een stevige controle op wetskwaliteit en -uitvoerbaarheid als de kwetsbaarheid onderkennen van een versplinterde politieke subcultuur, waar de hoffelijkheid de laatste tijd niet meer vanzelf spreekt.

Van dat eerste valt veel meer te maken dan nu, maar voor substantiële verbeteringen in de uitvoerbaarheid van beleid is meer nodig dan alleen een betere politieke infrastructuur.

Zo’n lange agenda suggereert dat de structuur van onze democratie flinke sporen vertoont van achterstallig onderhoud. Dat is ook zo, maar dat is natuurlijk niet het hele verhaal. De structuur van een democratie zegt weinig tot niets over de dagelijkse omgang tussen bestuurders en bestuurden. Goede toegankelijkheid van de eersten en nauwe betrokkenheid van de laatsten vormen in alle inrichtingsvarianten lastige opgaven.

Burgerberaden, ingelote jury’s, referenda, dorps-, wijk-, buurt- en straatraden kunnen daar stellig aan bijdragen, maar vormen geen panacee. In Denemarken wordt eens per jaar op het eiland Bornholm een politiek festival georganiseerd waar de gehele politieke top van het land en de regio’s zich toegankelijk maakt voor tienduizenden kiezers. Zou dat ook niet iets voor Nederland zijn?

De representatieve democratie zal nooit een rustig bezit zijn, en zal onderhoud blijven verlangen; het is nu eenmaal, naar klassiek inzicht, een uitermate beroerd systeem dat desalniettemin beter is dan alle ervoor bedachte alternatieven. Wie autocratieën aan den lijve heeft ondervonden of slachtoffers van dictaturen heeft gesproken, zal dat beamen.

Wat bemoedigt is dat elke nieuwe politieke partij, hoe marginaal, radicaal of theatraal ook, maar één ding wil: een zetel in het parlement. Dat is en blijft gelukkig maatgevend voor politieke macht en invloed.

Een van de grote voordelen van de representatieve democratie is en blijft de mogelijkheid van snelle bijsturing van beleid die door vierjaarlijkse verkiezingen wordt geboden. Hoe sneu ook voor de democratische bestuurders, hun mandaat kan van de ene op de andere dag vervallen, samen met de dienstauto en het recht op volle loodgieterstassen.

Niet elke democratische spelregel kan van de ene op de andere dag aangepast worden, maar doelgerichte uitvoering van bovenstaande agenda is heel goed mogelijk. De kern van de representatieve democratie laat zich op t-shirtomvang samenvatten: ‘Ik tel mee.’ Het zou ons veel waard moeten zijn om dat besef levend te houden.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next