Hoewel de Nederlandse economie volgens de jongste ramingen van De Nederlandsche Bank (DNB) dit jaar met maar 0,8 procent groeit, is er nog altijd sprake van oververhitting, vertelde directeur Olaf Sleijpen. De koopkracht mag dan vanwege de hoge inflatie onder druk staan, de arbeidsmarkt blijft bijzonder krap, met een verwachte werkloosheid dit jaar van 3,6 procent.
Daardoor blijft de roep om hogere lonen bij werknemers onverminderd luid. ‘Met claims voor loonstijgingen om al het koopkrachtverlies van de start van 2022 in te halen snijden we ons op de middellange termijn alleen maar in de vingers’, meent Sleijpen. Hij wijst erop dat de inflatie van 11, 6 procent vooral het gevolg was van gestegen energieprijzen. ‘Die rekening zullen we allemaal moeten betalen. Niet alleen de werkgevers, maar ook de werknemers.’
Over de auteur
Daan Ballegeer is economieverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over financiële markten en centrale banken.
DNB-president Klaas Knot waarschuwde eerder al voor te hoge loonstijgingen, omdat die het risico op een loon-prijsspiraal vergroten. De vakbonden reageerden daar geërgerd op, ook omdat Knot niet over de soms enorme winsten van bedrijven begon. Ze muntten tevens de term ‘graaiflatie’, waarbij hebzuchtige bedrijven de inflatie misbruiken om overdreven hoge prijzen te rekenen aan de consument.
In zijn nieuwe economische ramingen roept DNB nu op tot ‘een beheerste groei van winsten en lonen’. Is dat een impliciete erkenning van het bestaan van graaiflatie? ‘Wij houden niet van dat woord’, zegt Sleijpen. ‘Het past heel erg in een sociaal conflictmodel, terwijl er volgens mij juist samen uit moeten komen.’
Het beperken van de loongroei lijkt eenvoudiger te beheersen dan die van de winst. In het eerste geval zijn er cao-afspraken die over een langere periode gelden. Hoe doe je dat met winst? ‘Winst is wat er onderaan de streep overblijft voor een onderneming’, vertelt Sleijpen. ‘Daar valt veel minder makkelijk op te sturen. Ik zou zeggen tegen bedrijven: betaal wat aan loonstijgingen wordt afgesproken gewoon uit de winst en accepteer dan dat de winst misschien iets lager uitkomt. Probeer dat niet terug te halen door de prijzen van je producten te verhogen. Zo hou je de winstontwikkeling beperkt.’
DNB herhaalt dat loonstijgingen tussen de 5 en 7 procent mogelijk zijn. Zit er toch niet meer in het vat? In het laatste kwartaal van vorig jaar stegen de verkoopprijzen in Nederland beduidend sneller dan de inkoopprijzen, wat op graaiflatie kan wijzen. Volgens Sleijpen was dat maar één kwartaal, hij ziet geen structureel hogere bijdrage van de winst aan inflatie. Op cijfers over de eerste drie maanden van dit jaar die deze stelling bevestigen, is het nog steeds wachten.
In de praktijk stijgen de lonen sneller dan volgens DNB maximaal aanvaardbaar is. Werkgeversorganisatie AWVN constateert dat de gemiddelde loonstijging op jaarbasis in nieuwe cao’s in de maand mei 8,1 procent bedroeg. ‘We zitten nog niet in een klassieke loon-prijsspiraal, maar het zijn wel grotere loonstijgingen dan in veel andere Europese landen’, zegt Sleijpen.
Zijn er redenen om te geloven dat de kerninflatie, een maatstaf die de volatiele voedsel- en energieprijzen uitsluit, in Nederland hardnekkiger hoog zal blijven dan elders in eurozone? ‘Jawel, precies omdat de loonontwikkeling hier hoger is dan in de rest van het eurogebied. Daarnaast doet onze economie het gewoon goed, wat zorgt voor een relatief grotere inflatiedruk dan bij landen waar het minder gaat.’
Overheid als pyromaan
De overheid geeft meer geld uit dan past bij de stand van de economie, want die is nog altijd oververhit, vertelt DNB-directeur Olaf Sleijpen. ‘Met het te hoge begrotingstekort van 2,2 procent van het bruto binnenlands product gooit de overheid olie op het inflatievuur.’
Het klinkt bijna alsof de overheid een pyromaan is. Voelt DNB zich genegeerd met de oproep die de bank al meer dan een jaar doet, namelijk dat de steun van de overheid aan de economie kariger en selectiever moet zijn?
‘Er wordt wel degelijk naar ons geluisterd’, reageert Sleijpen. ‘We zitten in een politiek complexe situatie. Er is sinds 2020 het idee ontstaan dat de overheid elk probleem voor je kan oplossen. Dat is natuurlijk niet zo, maar dat is de modus waarin we terecht zijn gekomen en daar moeten we op een bepaald moment uit. Ik denk dat daarvoor in de voorjaarsnota goede eerste stappen zijn gezet. Dat geluid hoor je niet alleen bij het kabinet, maar ook in toenemende mate in de Tweede Kamer. Ik zou zeggen: hou dat vast en ga ermee door.’
Hij pleit voor een terugkeer naar de ‘basale regels van begrotingsdiscipline’. Dat betekent geen blanco cheque uitschrijven in de miljoenennota. ‘Extra uitgaven of tegenvallers moeten dus elders in de begroting worden gecompenseerd.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden