Home

Minder zichtbaar, maar cruciaal: de Indiase opmars op het wereldtoneel

Terwijl alle ogen gericht zijn op het bezoek van de Amerikaanse buitenlandminister Blinken aan China, is het staatsbezoek van India’s premier Narendra Modi aan de Verenigde Staten later deze week minstens zo belangrijk. De ‘transformatie van de relatie’ tussen die twee landen is, zo zegt de Indiase buitenlandminister Subrahmanyam Jaishankar tegen The Economist, ‘de grootste verandering in mijn professionele leven’.

De VS en India, beide grote democratieën, vinden elkaar de afgelopen jaren steeds meer, vooral op het gebied van samenwerking inzake technologie en - in aanvulling op India’s historische militaire banden met Rusland - defensie. Sinds de grensincidenten tussen China en India in 2020 deelt Washington ook meer inlichtingen met New Delhi over Chinese militaire capaciteiten.

De twee landen zitten ook, samen met Japan en Australië, in de zogeheten Quad, een ‘veiligheidsdialoog’. Deze verplicht tot niets, maar de heropleving ervan wordt gezien als ‘signaal’ richting China. In India zegt men er dan direct bij: ja, maar we zitten ook met China in de Shanghai Cooperation Organisation, een politiek samenwerkingsverband met China, Rusland en Centraal-Aziatische landen.

David Ignatius beschrijft in de Washington Post hoe Blinkens reis naar China, het bezoek van nationaal veiligheidsadviseur O’Sullivan aan Japan, en Modi’s staatsbezoek aan Washington passen in Amerikaanse pogingen de kans op een ‘desastreuze directe confrontatie met China’ te verminderen. De VS zoekt een ‘evenwichtiger strategische balans’ door ‘een matrix van relaties’ met landen in de regio te creëren. India, citeert Ignatius iemand uit de regering-Biden, ‘zou weleens de belangrijkste bilaterale relatie voor de VS in de 21ste eeuw kunnen worden’.

Maar ook de VS opereren in een wereld die steeds meer ‘multipolair’ is en waarin andere grote machten hun plek aan tafel opeisen en niet vermalen willen worden in de rivaliteit tussen de VS en China. En dan heb ik het niet over Europa, op veiligheidsgebied zo van de VS afhankelijk, maar over landen als India.

India is dit jaar voorzitter van de G20 - de club van grote landen die representatiever is dan de VN-Veiligheidsraad. Ondanks het hoogdravende thema dat India koos voor de G20 - ‘een universeel gevoel van eenheid, één aarde, één familie, één toekomst’ - is de kern van de Indiase diplomatie heel eenvoudig (en schrik niet): het Indiase belang.

Voor New Delhi is neutraliteit niets nieuws’, schrijft oud-minister van Buitenlandse Zaken Nirupama Rao in een essay voor Foreign Affairs waarin ze op elke bladzijde de vloer aanveegt met westerse ‘hypocriete en kortzichtige narratieven’. Ze citeert Jawaharlal Nehru, India’s eerste premier: ‘We zijn niet pro-Russisch, noch pro-Amerikaans, we zijn pro-Indiaas.’ En: ‘Ik sta aan mijn eigen kant en die van niemand anders.’ Geen morele praatjes, geen tijd voor externe kritiek op Modi’s regeerstijl, wel duidelijkheid. Want waar we écht niet tegen kunnen, meldt Rao, wellicht ten overvloede, is morele kritiek uit het Westen.

De multipolaire wereld waarin India wil bloeien gaat over ‘transactionalisme’ en over (inwisselbare) partnerschappen, niet verplichtende allianties. De Amerikanen moeten dus zeker niet denken dat India ooit in hun kamp komt. ‘India speelt beide zijden (in de Amerikaans-Chinese rivaliteit) tegen elkaar uit’, schrijft Rao.

En de Russische positie in de Indiase diplomatie? Minister Jaishankar stelt vast dat Moskou zich vanwege de oorlog en de sancties ‘heroriënteert’ op Azië en dat Indiase groei de honger naar Russische grondstoffen bevordert. ‘Het is gezond verstand dat die twee trends elkaar raken.’ Noem het multipolaire ironie: het gefrustreerde Rusland dat de schimmen van zijn oude glorie najaagt en zelf Afrika afstruint op zoek naar goedkope grondstoffen, is gedoemd deze eeuw een grondstoffenaanhangsel te worden van grote machten in de Indo-Pacific - China en India.

Maar waag het niet om vanuit het Westen kritiek te hebben op India dat goedkope Russische olie koopt, waarschuwt Rao. ‘De weigering Moskou te veroordelen betekent niet dat India Ruslands invasie steunt.’ Westerse landen schonden in het verleden ook de principes van soevereiniteit en territoriale integriteit en toen reageerde India ook niet met felle veroordelingen of sancties. Integendeel, het bleef gewoon zaken doen met deze landen.

Hoe de multipolaire wereld er verder ook gaat uitzien, de jij-bak richting westerse landen (Amerika om zijn interventies, Europa om zijn halve millennium mondiale expansie en dominantie) wordt er een vast onderdeel van.

Over de auteur
Arnout Brouwers is journalist. Hij schrijft om de week een wisselcolumn met Arie Elshout.

alinea

Source: Volkskrant

Previous

Next