Soms krijg ik te horen dat ik de gevaren van sociale media te groot maak. Meestal onder verwijzing naar de stompzinnigheid van televisie, het medium dat onze nieuwsvoorziening al decennia debiliseert en de massa richting populisten kan drijven. Denk aan de vorige week overleden Silvio Berlusconi, die er groot mee werd.
Toch meen ik dat het probleem van sociale media anders is. Allereerst is er het praktische verschil dat het nu eenmaal heel moeilijk is om een televisiezender te beginnen, laat staan het medialandschap te domineren. Sociale media hebben ervoor gezorgd dat iederéén zijn domheid aan anderen op kan dringen en alle filters en toetredingsbarrières zijn weggenomen. Daarnaast zijn sociale media in tegenstelling tot televisie internationaal, met als gevolg de ironische globalisering van het extreem-rechtse anti-globalisme.
Maar het grootste probleem is dat de vuiligheid van sociale media niet beperkt blijft tot sociale media. De ellende van sociale media zou een stuk beperkter zijn, wanneer de mainstreammedia het putdeksel ‘gewoon’ op het riool zouden laten. Dan zou de invloed van sociale media niet verder reiken dan het riool zelf. Maar men kan het niet laten; onderbetaalde tikgeiten zien Twitter als hun ChatGTP en hun bazen worden afgerekend op click- en kijkcijfers. Zo worden de mores van sociale media langzaamaan de mores van de mainstreammedia en, erger nog, wordt ons collectieve denken vergiftigd.
Het centrale begrip daarbij is de valse balans. Zo was daar Nieuwsuur, dat tegenover de lezing van Oekraïne over de damdoorbraak de mening van de extreem-rechtse Amerikaanse vlogger Tucker Carlson zette. Hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat de eindverantwoordelijken bij zo’n programma toestaan dat iemand als Carlson het ‘tegengeluid’ mag verzorgen? Vraag desnoods de eeuwige Rob de Wijk, maar niet een gevaarlijke propagandist die zelfs voor Fox News te ver ging, en nu alleen nog maar op Twitter zit.
RTL Nieuws sprak van een ‘harde uithaal’ na een volstrekt normaal en fatsoenlijk statement van Sigrid Kaag over het weghalen van een filmpje van haar ministerie nadat extreem-rechtse horden de medewerker uit het filmpje racistisch belaagd hadden. De NOS tot slot, beschreef deze week een reclame van een Amerikaanse biermerk met een transgender als een ‘polariserende reclamestunt’. De boodschap van beide omschrijvingen: het benoemen van racisme of een transgender in een reclame is ‘provocerend’. En dit is slechts de oogst van één week, van nota bene gerespecteerde nieuwsinstituten.
Door de voortdurende tapijtbombardementen van extreem-rechts op sociale media wordt onze realiteitszin aangetast. We hebben in Nederland te veel talkshows, die allemaal met elkaar in voortdurende concurrentie zijn, aangejaagd door stompzinnige media-over-media. Dat heeft tot gevolg dat redacties bij elk onderwerp naar de grootst mogelijke tegenstelling zoeken, omdat die immers de grootste kans op vuurwerk geeft. Dat De Telegraaf of de VVD zich bezondigt aan een valse balans is te verwachten, maar dat neutrale kwaliteitsmedia zich daaraan voortdurend vergrijpen is een grote schande.
De valse balans is een instrument van extreem-rechts, en elke keer dat fatsoenlijke mensen in die val trappen is een overwinning. Veelzeggend is dat Elon Musk momenteel wanhopig naar linkse propagandisten op Twitter zoekt; die heeft hij nodig om een valse balans met eerdergenoemde Carlson te creëren.
Wanneer staatsgevaarlijke extremisten als tegengeluid worden opgevoerd bij Nieuwsuur, wordt hun waanzin genormaliseerd. Wanneer een transgender in een reclame provocerend wordt genoemd, wordt discriminatie gewoon. Wanneer een fatsoenlijk statement over racisme een ‘harde uithaal’ wordt genoemd, wordt dat racisme in het redelijke getrokken. Eindverantwoordelijken bij kwaliteitsmedia moeten hun verantwoordelijkheid nemen en het putdeksel op het riool laten liggen.
Source: Volkskrant