In het vierde kwartaal van 2022 telde Nederland 350.000 werklozen, blijkt uit onderzoek van het CBS. Iemand wordt pas werkloos genoemd als diegene recent naar werk heeft gezocht en op de korte termijn weer aan de bak kan. In het eerste kwartaal van 2023 waren vier van de tien werklozen alweer aan het werk.
Vooral jongeren vonden een baan. Van alle personen die in het vierde kwartaal van 2022 geen werk hadden en in het eerste kwartaal van 2023 wel aan het werk waren, was 51 procent in de leeftijd van 15 tot 25 jaar. Zij waren daarvoor vaak werkloos of ze volgden een opleiding.
Voor ouderen (65-75 jaar) en mensen met een aandoening of langdurige ziekte is de situatie anders. Voor hen is de kans dat ze binnen een kwartaal betaald werk vinden kleiner dan 1 procent.
Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt krijgen vaak niet de hulp die ze nodig hebben, bleek eerder dit jaar uit onderzoek van de Arbeidsinspectie. Medewerkers van gemeenten en uitkeringsinstantie UWV zijn vaak zo druk dat juist de mensen die hun ondersteuning het meest nodig hebben die niet krijgen.
Verder stromen vrouwen met een partner minder vaak door naar werk dan mannen met een partner. Het onderwijsniveau en hoelang ze werkloos waren spelen ook mee. Mensen met een lage opleiding blijven vaker zonder werk zitten. Ook mensen van niet-Nederlandse afkomst gaan minder vaak aan het werk.
In het vierde kwartaal van vorig jaar waren in totaal 3,6 miljoen mensen niet aan het werk. Bijna 3 miljoen mensen zijn om verschillende redenen niet gelijk beschikbaar voor de arbeidsmarkt en zoeken ook niet naar werk.
Naast de 350.000 werklozen telt het CBS ook nog 300.000 semiwerklozen. Dat zijn mensen die niet op de korte termijn kunnen werken of niet recent naar werk hebben gezocht.
Source: Nu.nl economisch