Home

Waar komt het armoedige idee vandaan dat kunst leerzaam of eenduidig moet zijn?

Niemand had het gelezen, en niemand gáát het lezen. Honderden Oekraïners beklaagden zich afgelopen week online bij schrijfster Elizabeth Gilbert (die van Eat, Pray, Love), alleen omdat haar komende roman zich afspeelt in Rusland. Ongevoelige timing, vonden ze, en Gilbert gaf hun gelijk: ze trok de publicatie in, om hun ‘geen verder leed te berokkenen’. Groots, vonden sommigen, want het ‘romantiseren van Rusland’ was smakeloos. Anderen verdedigden Gilbert omdat het boek juist kritisch zou zijn op Rusland – het ging trouwens over een familie die zich verzet tegen de Sovjet-regering. Maar waarom gisten ze überhaupt naar de morele lading?

Bij dit soort censuurpogingen hoort wel vaker een nogal armoedige opvatting van verhalen: dat ze didactisch en eenduidig zouden moeten zijn. Dat als je alle letters bij elkaar optelt, onder aan de streep een boodschap verschijnt waarover we het met zijn allen eens kunnen worden.

In april nog bepleitten een aantal betrekkelijk bekende Nederlanders in een campagne dat roken moest worden uitgebannen uit films en series. Niet alleen kinderfilms en -series, nee, alle films en series. Zo zei regisseur Tim Oliehoek dat de kijker die ‘coole personages’ ziet roken, zou denken: ‘wow, zo cool wil ik ook zijn’.

Ik zal in kindertaal blijven: coole mensen doen niet-coole dingen, en andersom. In de meeste verhalen die iets van de verwarrende toestand van mens-zijn vatten, zijn personages gemankeerd en grillig en moreel grijs. Hadden we ons Mad Men kunnen voorstellen zonder gepaf, gezuip en bedrog? Mensen die fictie willen inzetten als een Teleac-cursus Hoe te leven, zou ik verzoeken er ver bij uit de buurt te blijven.

Er is de afgelopen tijd veel gepraat over geknoei aan boeken, vooral zodra ‘wokeness’ als schuldige kon worden aangewezen. Het lijkt erop dat sociale media (of de angst ervoor) de straalmotor is achter censuurpogingen, ongeacht politieke kleur. Zo werd deze week de titel van een aflevering van Mocro Maffia aangepast, ‘Jezus aan het kk kruis’. De serie gebruikt citaten van vuilgebekte personages, wat op Twitter verder uit de context werd gehaald en besproken als blasfemie van de makers.

Illustrator Nora Krug, die onder andere voor de Volkskrant een oorlogsdagboek van een Rus en een Oekraïner maakte, wordt op sociale media verweten dat zij met ‘bothsideism’ de Russen witwast. Haar nog niet verschenen bundel Diaries of War heeft daardoor (net als Gilbert) te maken met ‘review bombing’: 186 éénsterrenrecensies op Goodreads. Personages zijn goed of slecht, dus is alles wat ze doen of denken bewijs van de morele boodschap van het verhaal, die je vervolgens de auteur kunt aanwrijven. Zie ook: het geval Pim Lammers.

Er is een soort mismatch tussen de wereld van verhalen en die van sociale media. Gilbert werd niet eens op haar tekst gewogen, maar op de aankondiging, door een semi-geïnteresseerd publiek dat scrollt, tweet en verder swipet, op dezelfde snelheid waarmee ze dat doen met talkshows of debatten – een ander publiek dus dan de lezer die een boek uitkiest en de schrijver uren, dagen gunt om te worden meegevoerd.

Een geweldig publiek, zei schrijver Fran Lebowitz ooit, is belangrijker voor het maken van grote kunst dan grote kunstenaars zelf. Ze omschreef hoe in de jaren tachtig door de aidscrisis het publiek van kenners van het New York City Ballet in één keer werd weggevaagd, en hoe het ballet daarop verslechterde: voor het nieuwe publiek moest de boodschap er duimendik bovenop, het ballet werd ‘dommer en dommer’.

Stel je nu voor dat via sociale media voortdurend een gigantische stroom lezers en niet-lezers schrijvers vertellen wat ze precies willen hebben. Gilberts boek kan ik missen, maar ik durf er niet aan te denken op hoeveel kleine, onkenbare manieren andere makers door dit mechanisme iets plattere keuzes maken, zich voegen naar niet-nieuwsgierige mensen, die waarschijnlijk niet eens hun publiek zijn.

Source: Volkskrant

Previous

Next