Hoog tijd om ons ideaal van mannelijkheid te veranderen, stelt emeritus hoogleraar genderstudies Maaike Meijer in haar boek Radeloze helden. Wat is daarvoor nodig?
Maaike Meijer (1949), toch jarenlang een van de meest radicale feministen van Nederland, is mild geworden. In de jaren zeventig was ze nog een van de oprichters van Paarse September, samen met Dolle Mina de bekendste vrouwenbeweging van Nederland, onder meer omdat ze weigerden met mannen te praten en vonden dat lesbisch zijn een politieke keuze was. Inmiddels zegt Meijer: ‘Wat ik jammer vind, is dat mensen elkaar zo ontzettend de maat nemen. Vooral in de transgenderdiscussie moet alles continu op het scherp van de snede.’
En misschien nog wel opvallender: in haar boek Radeloze helden – De verbeelding van mannelijkheid in literatuur en film, dat deze maand verschijnt, zegt ze zowaar dat mannen mededogen verdienen. ‘We moeten mannen helpen, want ze zitten vaak klem in hun eigen mannelijkheidsmythe.’
Haar punt: van jongs af aan krijgen jongens, onder meer via boeken en films, te horen dat ze sterk, intelligent, daadkrachtig, stoer en geil moeten zijn en dat leidt op termijn tot een gigantische dosis frustratie. Het lukt namelijk vrijwel geen enkele man om aan al die verwachtingen te voldoen met als gevolg dat ze, in vergelijking met vrouwen, veel minder goed op hun gezondheid letten, slechter eten, vaker verslaafd zijn, vaker dakloos, meer suïcide plegen, langzamer studeren, enzovoorts, enzoverder.
Hoog tijd dus om dat mannelijkheidsideaal te veranderen, zegt Meijer, inmiddels emeritus hoogleraar genderstudies in Maastricht en biograaf van onder meer M. Vasalis en Fritzi Harmsen van Beek. ‘En de ideale manier om dat ideaal te veranderen, is via de cultuur. Cultuur bereidt de samenleving namelijk altijd voor op verandering.’
En dus laat ze In Radeloze helden zien hoe auteurs als W.F. Hermans en Michel Houellebecq dat mannelijkheidsideaal vormgeven of juist proberen te moderniseren. Ze onderzoekt welke rol castratieangst speelt in het oeuvre van Jan Wolkers, hoe een film als The Big Lebowski een nieuw soort mannelijkheid propageert, wat de overeenkomsten zijn tussen Vladimir Poetin en het hoofdpersonage uit Moby Dick van Herman Melville. En ze beschrijft haar eigen route van vrouwelijkheid via mannelijkheid naar non-binariteit.
‘Sinds ik mij verdiep in genderstudies heb ik voortdurend artikelen geschreven over mannelijkheid. En dan vooral over mannen in de populaire cultuur. Bijvoorbeeld over The Beatles, die zingen: ‘You better run for your life if you can, little girl/ Hide your head in the sand, little girl/ Catch you with another man/ That’s the end, little girl.’ Daarbij zeggen ze eigenlijk: ik maak je dood als je vreemdgaat, waardoor het gewoon een vreselijk wraaklied is.
‘Tegelijkertijd schreef ik over hoe er in de jaren zestig ook een nieuw soort mannelijkheid ontstond. Namelijk de mannelijkheid van de studerende jongens uit de middenklasse die een soort verlengde adolescentie kregen, omdat ze niet meer thuiswoonden, maar ook nog niet getrouwd waren. Daardoor konden ze experimenteren met de liefde, waardoor een heel lieve, mooie, nieuwe romantiek ontstond.
‘Jaap Fischer, van wie ik erg hield en wiens muziek ik prachtig vond, is een voorbeeld van zo’n nieuwe man. Toch heeft zelfs hij nog heel kwaadaardige liedjes gemaakt. ‘Tem me dan als je kan/ je kan me toch niet krijgen Tem me dan als je kan/ Want zo krijg je me nooit.’ Luister naar de scheldpartij richting de vrouw in die tekst. Dat geeft aan hoe diep de clash tussen mannen en vrouwen zit en dat thema wilde ik nu verder uitdiepen.’
Meijer noemt het strikte onderscheid tussen mannen en vrouwen in haar boek een vorm van fundamentalisme. ‘Vanaf de 18de eeuw is het verschil tussen man en vrouw enorm op de spits gedreven, waarbij de vrouw als een totaal verschillende persoon wordt gezien: emotioneel, minder begaafd, zwakkere hersenen, noem de hele onzin maar op. Het gevolg is dat we de hele maatschappij hebben geordend volgens dat sekseverschil. In alle instituties die we hebben, is die ongelijkheid georkestreerd. Terwijl mijn punt is: laten we gewoon kijken naar individuen, welk lichaam ze ook hebben. Wat er wel of niet tussen je benen bungelt, is echt niet zo belangrijk.
‘Zodra we dat inzien, zullen we elkaar vanzelf serieus gaan nemen. Dan krijg je eindelijk een maatschappij waarin iedereen kan meedoen. Het blijkt alleen heel lastig voor sommige mensen om die man-vrouwcategorieën te relativeren, af te breken en te differentiëren, omdat ze er totaal ingehamerd zitten.’
‘Ik heb Wolkers altijd al gevolgd en ook altijd al gedacht dat zijn imago van potente seksuele bevrijder een beetje overdreven was. Het taboe op seksualiteit was natuurlijk gigantisch in zijn tijd, net als het verbod op woorden om daarover te schrijven. En ja, dat heeft Wolkers opengebroken. Maar als je goed naar zijn personages kijkt, de jongens die hij ten tonele voert, zie je wat voor problematische relatie ze met meisjes onderhouden. Die is helemaal niet prettig.
‘Het feit dat hij de woorden ‘pik’ en ‘kut’ en ‘zaad’ gebruikt, maakte veel mensen blind voor de boodschap die eronder ligt. In het verhaal dat ik aanhaal, ‘De verschrikkelijke sneeuwman’, zie je bijvoorbeeld hoe een jongen wordt verpletterd door de enorme druk van een vaderlijke macht. Die frustratie ontlaadt hij vervolgens op zijn meisje. Je leest de hele tijd over een soort wraakseks – totaal niet leuk. Ze komt weliswaar klaar in zijn boek, maar het blijft een raadsel hoe dat kan. Met liefde heeft het in elk geval niets te maken.
‘De manier waarop die ik-persoon de problemen met zijn vader afreageert op zijn vriendin, vind ik fascinerend. Het is een vorm van projectie die erg belangrijk is om de dynamiek tussen de seksen te begrijpen. Daarom gebruik ik in het boek ook vrij veel psychoanalyse. Jongetjes krijgen van jongs af aan de boodschap: jij bent beter. Terwijl meisjes juist de boodschap krijgen: jij bent minder. Dat is een soort culturele verminking die voor beide seksen grote gevolgen heeft. Het is een systeemfout. Er is trouwens veel empirisch onderzoek dat die theorie ondersteunt. Jongensbaby’s, zo blijkt, worden meer geknuffeld, krijgen langer de borst en worden al vanaf het begin meer gewaardeerd, puur vanuit een cultureel idee dat jongens beter zijn. Niemand doet het expres, maar het lijkt bijna een blind automatisme om mannen serieuzer te nemen.
‘De neiging om de leiding te nemen in gesprekken is bijvoorbeeld geen mannelijke neiging, maar een menselijke neiging. Sommige mensen hebben die neiging en sommige niet, zowel mannen als vrouwen. Ik wil hier dus ook niet betogen dat mannelijk gedrag per definitie fout is. Dat niemand ooit de leiding moet nemen. Het is alleen wel fout om dat soort gedrag als puur mannelijk te zien. Als een vrouw de leiding neemt, moet dat evenzeer serieus worden genomen.’
‘Nee, je moet alles lezen. Lees vooral Wolkers. Maar lees dan ook mij. Wolkers is deel van het nationale erfgoed en dat is prima, maar vraag je ondertussen wel af waarom we hem zien als die potente seksuele bevrijder en we continu ‘hoera, hoera’ roepen, maar het ons niet lukt de vrouwenhaat te zien die ook overal in zijn werk zit.’
‘Ik heb materiaal genoeg om nog drie dezelfde boeken te schrijven, maar uiteindelijk heb ik de werken gekozen waarvan ik vond dat ze de patronen het helderst blootleggen. Moby Dick bijvoorbeeld. Daarin zit een kapitein met een afgebeten been wiens enige motief het is wraak te nemen op de walvis die hem dat heeft aangedaan. In zijn hang naar wraak sleept hij zijn hele crew mee en op één bemanningslid na gaan alle mannen blindelings achter hun leider aan, de verwoesting tegemoet. Het boek laat prachtig de waanzin zien van de mannelijke zelfoverschatting. Geen grenzen kunnen stellen, de onmacht van andere mannen om hun leider wel te begrenzen en dat allemaal opgeschreven als heldenepos.
‘Het is natuurlijk niet zo dat alle mannen worstelen met zo’n soort doodsdrift, maar mannen hebben wel vaak problemen bij het omgaan met hun grenzen en met verlies. Van jongs af aan is hun de giftige boodschap meegegeven dat grenzen in bepaalde gevallen genegeerd mogen worden. Jij bent de baas, je kunt altijd winnen, de wereld is van jou en jij mag alles hebben. Dat is ook de boodschap die uit Moby Dick spreekt. Maar in het echte leven zou dat anders moeten zijn. Daar bestaat nu eenmaal een strijd tussen je libido en het feit dat er grenzen zijn. Het echte leven is een soort evenwichtsoefening en mijn punt is dat veel mannen, mede door de boeken die we lezen en de films die we kijken, slecht voorbereid worden op die evenwichtsoefening. Ze struikelen continu.’
‘Ja, en wat dat betreft is Moby Dick een erg ouderwets heldenverhaal, maar nog wel een verhaal dat helaas veel navolging krijgt. Poetin laat nu bijvoorbeeld precies dezelfde explosie van giftige mannelijkheid zien als de kapitein uit Moby Dick. Hij wil wraak voor het uiteenvallen van de Sovjet-Unie en neemt daarbij iedereen mee in een strijd die uiteindelijk eindigt in dood en geweld. Maar het klopt, er zijn gelukkig ook steeds meer verhalen waarin een heel ander mannelijkheidsideaal naar voren komt.
‘De film The Big Lebowski is een goed voorbeeld. De man in die film onttrekt zich volledig aan alle bestaande idealen. Hij doet nergens aan mee, voelt geen druk om stoer of succesvol te zijn en de buitenwereld denk Source: Volkskrant