Home

Academische vrijheid is niet geholpen met het agressief opdringen van eigen opvattingen

Het al dan niet erkennen van het verschijnsel non-binair, de discriminatie van homo’s door jongens met een Marokkaanse achtergrond, de ruimte voor iedereen en z’n moeder om zich gekwetst te voelen, de achterstelling van minderheden: er zijn leukere onderwerpen denkbaar. Maar we kunnen niet alle dagen zingend door het leven stappen, en ter behoud van vrijheden moet een mens zo nu en dan de mouwen opstropen en het debat induiken. Vóórdat men daarin plonst, is het wijs een punt van orde te behandelen, namelijk de vraag hoe je zo’n debat het best kunt aanvliegen. Anders brengt de duik je slechts in één rechte lijn naar de granieten bodem. Met het hoofd vooruit. Daar heeft niemand wat aan, en het brengt een hoop geknoei met zich mee – waar omstanders met alle liefde van de wereld geen snars mee te maken willen hebben.

Laurens Buijs is nu iemand die met het geknoei zit. In een interview met HP/De Tijd beklaagt de docent zich over zijn werkgever, de Universiteit van Amsterdam. Daar doceerde Buijs sociale wetenschappen, tot hij dit voorjaar op non-actief werd gesteld. In het interview krijgt hij ruim baan om te stellen dat zijn carrière is verwoest door de hysterische woke-cultuur op de UvA. De academische vrijheid zou daar ernstig onder druk staan, maar in een poging het tij te keren heeft Buijs zich opgeworpen als klokkenluider. Hij is naar eigen zeggen iemand die anderen graag een spiegel voorhoudt. ‘Ik kan er slecht tegen als instituten of mensen dingen bedekken die niet deugen. Daar heb ik een gevoeligheid voor.’

Gek genoeg bedekt deze nobele man zelf ook het een en ander, namelijk de werkelijke reden waarom hij op non-actief is gesteld: zijn gedrag op de werkvloer. In het interview wordt nadrukkelijk een verband gelegd tussen de beladen onderwerpen die Buijs aansnijdt en het arbeidsgeschil met zijn werkgever. ‘Omdat ik iets schreef waar de wokies het niet mee eens waren, moest ik ontslagen worden.’ Daarbij vergeet Buijs te vertellen dat hij een kort geding had aangespannen tegen de UvA.

Mogelijk hapert zijn geheugen, omdat de Amsterdamse voorzieningenrechter al zijn eisen van tafel heeft geveegd. In het openbare vonnis van 31 mei valt te lezen: ‘Ongetwijfeld zijn de afgelopen twee jaar voor eiser zwaar geweest en is het in een gespannen situatie niet altijd makkelijk de juiste toon aan te slaan. De manier waarop eiser tekeer is gegaan tegen collega’s en bestuurders gaat echter alle perken te buiten. Hij heeft op de man gespeeld, zich zeer beledigend uitgelaten, zowel rechtstreeks tegenover de betrokkenen als op Twitter. Hij heeft portretfoto’s van zijn ‘tegenstanders’ op Twitter gezet, met diskwalificerende teksten, en de namen van de studenten die de petitie waren gestart. Dat is allemaal in strijd met basale gedragsregels.’ Dat meneer Buijs zich had opgeworpen als klokkenluider, vindt de voorzieningenrechter geen vrijbrief voor wangedrag.

De academische vrijheid is een groot goed, en mogelijk staat die inderdaad onder druk van de zogeheten woke-beweging. Het debat daarover wordt echter op geen enkele manier vooruitgeholpen wanneer eigen opvattingen op agressieve wijze worden opgedrongen. Dan kun je nog zo’n mooie spiegeldrager zijn, verstandiger is het ook zelf eens in zo’n ding te kijken. Of om met Godfried Bomans te spreken: ‘Wie voor een bepaalde vrijheid is en degene die daar wat genuanceerder over denkt uitjouwt en het spreken onmogelijk maakt, kan wel menen dat hij aan deze zijde van de barricade staat, in feite staat hij aan de overkant.’

Source: Volkskrant

Previous

Next