‘Knip’ is het woord van de week in Amsterdam. Sinds maandagochtend is een van de drukste straten, de Weesperstraat, zes weken lang afgesloten voor doorgaand verkeer. Deze ‘knip’ is een stap naar een autoluwe binnenstad. Gaat het werken?
‘Ik ben een ramptoerist en vind dit helemaal top.’ Tevreden kijkt een bewoner van de Amsterdamse Weesperstraat naar de lange rij auto’s die in slakkentempo voorbijkomt. Eén voor één moeten de auto’s omkeren bij de verkeerskegels. Er klinkt getoeter. Een boze automobilist stapt uit zijn busje om verhaal te halen bij een verkeersregelaar.
‘Nu gaat het beginnen’, zegt de bewoner grinnikend terwijl hij in de middagzon over zijn fiets leunt, om naar het schouwspel te kijken. Maar de boze automobilist druipt al snel weer af en maakt met zijn busje rechtsomkeer. ‘Je had hier maandag moeten zijn, toen werd er pas echt gescholden’, vertelt de buurtbewoner. Veel van zijn buurtgenoten maken zich druk over de knip, vertelt hij. ‘Maar ik zie het probleem niet zo.’
‘Knip’ is hét woord van de week in Amsterdam. Sinds maandagochtend is een van de belangrijkste verkeersaders naar het stadscentrum zes weken lang afgesloten voor doorgaand verkeer. Er zijn slagbomen, verkeerskegels en bloembakken neergezet. Een deel van de Weesperstraat is bovendien veranderd in een ‘pocket park’, oftewel: over een lengte van 40 meter is zes meter kunstgras uitgerold voor een tijdelijk gazon.
Voorafgaand aan de ‘knip’ werd er gewaarschuwd voor een verkeerschaos. En vrijwel direct nadat de straat werd afgesloten, werden die waarschuwingen werkelijkheid. Stadszender AT5 wijdde er twee dagen een liveblog aan. Op sociale media werd getwitterd over de ‘waanzin’ van ‘het domste stadsbestuur ooit’. En ook oud-minister Lodewijk Asscher (PvdA) noemde de ‘knip’ op Twitter een ‘geslaagd experiment om zo veel mogelijk file en overlast in de hele stad te krijgen’.
Maar als verkeerswethouder Melanie van der Horst (D66) dinsdag aan het eind van de middag van haar fiets stapt bij de Nieuwe Herengracht, is ze niet ontevreden. ‘Wat een andere straat is het geworden. Rustig. En we verstaan elkaar als we praten.’
Toegegeven, de eerste dag verliep niet helemaal volgens plan. De slagbomen die het verkeer moesten tegenhouden, arriveerden te laat omdat ze ook vast stonden in de file. En de nabijgelegen Piet Heintunnel kampte met een onverwachte storing, waardoor het verkeer nog meer werd opgehouden. De verkeersregelaars die de auto’s uit de Weesperstraat moesten weren, kregen bovendien de een na de andere ziekte naar hun hoofd geslingerd.
Maar inmiddels, zegt Van der Horst, ‘is het precies zoals ik had verwacht’. De wethouder wordt vergezeld door projectleider Matthew Eelman. Hij en zijn collega’s onderzoeken de komende weken of de Amsterdammer en de ‘knip’ goed samengaan.
Want als het aan het Amsterdamse stadsbestuur ligt, blijft het hier niet bij. De afsluiting op de Weesperstraat is een pilot, en een mogelijke opmaat voor nog meer ‘knippen’ in de stad om het doorgaand verkeer te beperken.
Amsterdam moet autoluw worden, is het plan. Om die reden wordt eind dit jaar de maximumsnelheid op de meeste wegen van de stad al verlaagd van 50 naar 30 kilometer per uur. ‘Maar als we niet nog meer stevige keuzen maken, staat straks iedereen alsnog in de file’, aldus Van der Horst. Komende 25 jaar komen er naar verwachting driehonderdduizend Amsterdammers bij, en ook het aantal mensen dat naar de stad komt om te werken, stijgt: met 200 duizend. ‘Veel mensen vinden het nu al te druk. Zonder maatregelen verdubbelt het aantal verkeersdeelnemers.’
Dus dát er iets gebeurt, juicht Walther Ploos van Amstel, lector city logistiek (Hogeschool van Amsterdam), toe. ‘Veel steden gingen Amsterdam al voor. Internationaal zijn er mooie voorbeelden, zoals Parijs en Barcelona, en in Nederland kan je naar Hilversum en Utrecht kijken.’
De maatregelen die de stad tot nu toe nam, hadden bovendien te weinig effect. ‘Het autoverkeer in Amsterdam is alleen maar toegenomen’, zegt Ploos van Amstel. Neem bijvoorbeeld de parkeerkosten. Om de auto uit de stad te weren, zijn die verhoogd en is het aantal parkeerplaatsen verlaagd. ‘Maar het resultaat is dat er meer parkeerplaatsen zijn bijgekomen, dankzij private partijen. Bij ons op de hogeschool bijvoorbeeld verhuren we de ongebruikte parkeerplekken in de garage in het weekend.’
Toch heeft Ploos van Amstel wel zijn bedenking over de manier waarop Amsterdam deze ‘knip’ aanpakt. ‘Je moet niet opeens zo’n weg afsluiten voor een experiment. Net als veel andere Amsterdammers was ik verbaasd toen ik het eind maart hoorde. Het leidt tot veel chagrijn. En het hoeft niet zo rigoureus. Er zijn uitstekende computermodellen waarmee je kunt voorspellen wat een wegafsluiting voor de verkeersstromen betekent.’
Maar daar is wethouder Van der Horst het niet mee eens. Het plan voor de ‘knip’ op de Weesperstraat ligt er al jaren, door corona werd het uitgesteld. ‘En we willen niet blijven hangen in computermodellen, maar zien wat er in de praktijk gebeurt. Het is voor het eerst dat we op grote schaal onderzoeken hoe dit de weggebruikers, maar ook de omwonenden beïnvloedt.’
Over zes weken hoopt ze niet alleen te weten welke andere routes automobilisten nemen, maar ook of de Weesperbuurt stiller is geworden, de luchtkwaliteit is verbeterd en of de bewoners de publieke ruimte anders gebruiken.
‘Ik heb mijn yogajuf al gevraagd of ze hier les wil geven’, zegt Manu Hartsuyker. De buurtbewoner staat in het nieuwe ‘pocket park’, en loopt meteen op de wethouder af. ‘Melanie, ik wil je een bos bloemen geven.’
Al tientallen jaren woont Hartsuyker aan de Wibautas. En deze week heeft ze voor het eerst haar natte was buiten gehangen. ‘Normaal racen bijna 28 duizend auto’s per dag door deze buurt. Ik merk nu al dat de lucht schoner is.’ En dat niet alleen: dinsdag zag ze foto’s van borrelende buren op straat. ‘Dat gebeurde voorheen nooit, door die racebaan heerste hier een buurtgevoel van niks.’
Maar, zegt ze tegen de wethouder, ‘ik schrok maandag. Zo veel taxichauffeurs scholden de verkeersregelaars uit.’
Vervelend, reageert Van der Horst. Drukte en irritatie op de eerste dagen had ze wel verwacht. ‘Ik denk dat mensen een week of twee nodig hebben om te wennen.’
‘En daarna vergeet men ook snel hoe het ooit was’, lacht Hartsuyker hoopvol. ‘Zo weet niemand meer dat het Museumplein ooit de kortste snelweg van Nederland werd genoemd.’
Met zo’n ‘radicale ingreep’, is dan ook niks mis, vindt Marco te Brömmelstroet (Universiteit van Amsterdam). Want, stelt de hoogleraar urban mobility futures , alleen dan kun je écht zien wat de effecten zijn. ‘In Londen hebben ze doorgaand verkeer uit woonwijken geweerd. Een angst was dat hierdoor de aanrijtijden van de hulpdiensten zouden oplopen. Maar wat bleek: die namen juist af doordat er minder ongelukken waren.’
Wat hem betreft is Amsterdam afgelopen jaren juist te terughoudend met zulke experimenten geweest. ‘We lopen achter. Parijs werkt aan het autovrij maken van 170 straten waarin scholen staan. En Gent heeft in één weekend de stad in vijf zones verdeeld, zodat er nergens meer doorgaand verkeer is.’
Niet dat de Gentse wethouder meteen op het gejuich kon rekenen, erkent de hoogleraar. ‘Hij had politiebegeleiding nodig. Maar toen er daarna verkiezingen waren, heeft de man juist veel voorkeurstemmen gekregen.’ Oftewel, zegt Te Brömmelstroet, ‘de stille meerderheid en haar belangen hoor je vaak niet in deze discussies. We focussen ons altijd op de automobilist. Maar bijna 70 procent van de Amsterdamse huishoudens heeft geen auto.’
Toch is ook hij niet onverdeeld enthousiast over de ‘knip’ op de Weesperstraat. ‘Je moet wel goed nadenken over hoe je het communiceert.’ Alleen al het woord ‘knip’ is ongelukkig gekozen. ‘Nu lijkt het net of we de stad opknippen. Maar de Weesperbuurt wás juist ‘opgeknipt’ door de drukke straat, de buurt wordt nu weer gehecht. In andere landen hebben we gezien dat hierdoor de sociale cohesie toenam, ouderen weer de straat opgingen en kinderen weer buiten speelden.’
Wat projectleider Eelman betreft, is de Weesperstraat komende zes weken dan ook ‘één groot practicum’. Naar verwachting zal een deel van het autoverkeer ‘verdampen’ doordat de bestuurders kiezen thuis te blijven, te gaan fietsen of het openbaar vervoer te pakken. ‘Wat de rest gaat doen, gaan we onderzoeken. De laatste twee weken plaatsen we driehonderd camera’s door de hele stad om de routes van de automobilisten in kaart te brengen, en met Rijkswaterstaat hebben we overleg over de effecten op de ring. ’
Daarnaast kunnen tweeduizend buurtbewoners een enquête verwachten, en binnenkort gaat Eelman in gesprek met de ondernemers, de logistiek- en taxibranche. ‘We willen ook weten wat het betekent voor hen.’ Want, zegt hij, ‘uiteindelijk gaat het erom dat je een aantrekkelijke stad blijft voor iedereen’.
Op de brug bij de Nieuwe Keizersgracht loopt een DHL-bezorger dinsdagavond met ferme pas naar zijn bestelwagen. Als pakketbezorger is hij wel wat gewend, zegt hij gelaten. ‘Er zijn altijd wel wegwerkzaamheden.’ Maar vandaag doet de bezorger, die per pakket betaald wordt, wel erg lang over zijn ronde. ‘Ik ben al twee uur extra kwijt.’ En hij is nog niet klaar. ‘Maar wat kan je eraan doen? Alle Source: Volkskrant