Home

Wat is duurzamer: een nieuwe elektrische auto kopen, of mijn oude Jaguar helemaal ‘op’ rijden?

Binnenkort wordt mijn auto zeventien jaar. Toen hij nog bijna nieuw was, nam ik hem via via over van een advocaat, die elk jaar de zijne inruilde voor een nog mooiere. Eigenlijk kocht ik hem voor prikkie, want nieuw had ik zo’n auto nooit kunnen betalen: een Jaguar S-type.

Het bleek een gouden greep. Met zijn drielitermotor zoeft hij als een limousine. Hij start altijd en overal. Anders dan mijn eerdere Citroëns en Saabs is hij nooit stuk. Er moet wel eens wat gerepareerd worden, maar sinds ik deze auto bezit, heb ik nooit meer langs de weg gestaan – toch de nachtmerrie van iedere automobilist. Ik ben zuinig op hem. Eens in de drie jaar laat ik zijn deukjes wegwerken en opspuiten. Als hij uit de wasstraat komt, lijkt het alsof hij zo de showroom is uitgereden.

Maar een auto van zeventien jaar oud met zo’n 250.000 km op de teller raakt toch op leeftijd. Soms overweeg ik een nieuwe te kopen en schuldbewust bezie ik hem, als hij trouw langs het trottoir op mij staat te wachten. Duurzaamheid is het nieuwe toverwoord en ik vraag mij of wat duurzamer is: een nieuwe elektrische auto kopen, of de mijne helemaal ‘op’ rijden?

Ik wil best een elektrische auto aanschaffen, want nieuwe technieken kun je alleen maar toejuichen. Maar zelfs van de bezitters hoor ik veel nadelen over hun elektrisch voertuig. Goed, hij vervuilt niet tijdens het rijden, wat belangrijk is in de stad. Hij is ook goedkoper in het gebruik – al beweert mijn garagist dat elektrisch laden uiteindelijk net zo duur, zo niet duurder zal zijn dan benzine tanken. Daarnaast is de elektrische auto tamelijk sloom, qua ontwerp niet erg opwindend en tweedehands veel te duur.

Over de bereikbare afstand wordt behoorlijk gelogen. Verschillende Schipholchauffeurs zijn een proces tegen Tesla begonnen, omdat de accu’s vooral in de winter sneller leegraken dan beloofd. Een Tesla ga ik sowieso niet kopen, want die Elon Musk vind ik een kwal en een opschepper. Rijd je naar Frankrijk of verder, dan moet je regelmatig een half uur laden op vaak zeer onaantrekkelijke plekken. In het buitenland is het trouwens een heel gedoe met creditkaarten, die incompatibel zijn en door laadpalen worden geweigerd.

Mij lijkt het dus verstandig om nog even te wachten met de aanschaf van een elektrische auto. Dat is ook het advies van Rowan Atkinson – mr. Bean – die onlangs een stuk publiceerde in The Guardian, waarin hij verklaarde dat de wittebroodsweken van de elektrische auto helaas voorbij zijn. Ik ben een groot bewonderaar van Atkinson. Hij is een briljant komiek, alleen al bij zijn persiflage op Peters Sellers (‘Goodness gracious me’) springen mij de tranen in de ogen van het lachen. Maar ook de lezingen van Atkinson over atheïsme en de vrijheid van meningsuiting zou ik iedereen willen aanraden. Op YouTube kun je uren van hem genieten.

Atkinson is veel meer dan alleen een komiek. Hij is een bèta-man met een elektrotechnische opleiding. Vandaar dat hij, naast allerlei andere auto’s – zijn wagenpark is indrukwekkend – al negen jaar geleden zijn eerste elektrische auto kocht. Volgens Atkinson zijn elektrische auto’s inderdaad duurzamer in het gebruik, maar geldt dat niet voor hun fabricage. De duurzaamheid van de batterijen vormt een probleem dat niet helemaal is opgelost en bovendien zijn die dingen loodzwaar, wat bij het rijden weer extra energie kost.

Op 9 juni schreef deze krant het bericht dat Noorwegen een deel van de oceaanbodem bij Spitsbergen wil openstellen voor het mijnen van metalen, die nodig zijn voor de energietransitie. Aan kobalt, neodymium, dysprosium en misschien ook aan lithium, zal in toekomst ‘een wanhopige behoefte’ ontstaan, aldus Amund Vik, de Noorse staatssecretaris voor Energie. Vissers en milieuactivisten vrezen uiteraard dat de natuur door het mijnen onherstelbare schade zal lijden. In een notendop het dilemma waarvoor politici staan, wanneer zij de opwarming van de aarde willen reduceren en het klimaat willen beheersen.

Atkinson ziet een alternatief in rijden op waterstof, maar ook daar kleven bezwaren aan. Ik ken een chemicus die voorspelt dat binnen niet al te lange tijd een op waterstof aangedreven auto zal ontploffen, met onaangename gevolgen. Geen idee of hij een punt heeft.

Uiteraard heeft Atkinsons stuk veel reacties opgeroepen. De meeste baseren zich op het factcheck-antwoord van Simon Evans, die in The Guardian uitlegt waar Atkinson de plank misslaat. Op een enkel punt heeft Atkinson zijn stuk inmiddels aangepast. Na hoeveel kilometer wordt een elektrische motor, in duurzaamheid gemeten, gunstiger dan een benzinemotor? Dat is een van de cruciale vragen. De daarbij behorende vraag luidt: hoeveel kilometer ga ik in mijn gemeten leven nog rijden?

Source: Volkskrant

Previous

Next