Home

Tunesische president Saied ontpopt zich als dictator in spe, maar buigt mee met de wind uit Europa

Er zijn leiders die consequent proberen te zijn, en precies doen wat ze beloven. En er zijn leiders zoals de Tunesische president Kais Saied, die de kunst verstaan het ene te zeggen en vervolgens het compleet tegenovergestelde te doen.

Op zaterdag verklaarde Saied dat zijn land onder geen beding ‘een grenswacht mag worden voor andere landen’. Op zondag, nog geen 24 uur later, zegde zijn regering toe – in ruil voor een flinke zak geld – grenswacht te worden voor de Europese Unie.

Over de auteur
Jenne Jan Holtland is correspondent Midden-Oosten voor de Volkskrant. Hij woont in Beiroet, en is auteur van het boek De koerier van Maputo (2021).

Het is een draai die typerend genoemd kan worden voor Saied, een autocraat die sinds een kleine vier jaar aan de macht is in het kleine land aan de Middellandse Zee. Zijn stijl wordt vergeleken met die van grillige populisten als Silvio Berlusconi en Donald Trump. Net als zij presenteert Saied zich als een buitenstaander (hij was tot 2019 een wat stoffige professor) die ‘dicht bij het volk’ staat, niets op heeft met traditionele ‘elites’ en bij wie oppositie gelijkstaat aan kwaadaardige samenzweringen.

Dat Saied de draai maakte, heeft een simpele reden: hij heeft het geld hard nodig. De Tunesische economie verkeert in zwaar weer, de inflatie zit in de dubbele cijfers en sommige analisten houden er rekening mee dat het land voor het einde van het jaar een staatsbankroet moet uitroepen. Kort voor het weekend verlaagde kredietbeoordelaar Fitch de status van de Tunesische schuldenpapieren naar de junk status (CCC-), een veeg teken.

Lege schappen in de supermarkten en rijen bij benzinestations waren het afgelopen jaar geen uitzondering. Het land leunt zwaar op de import, en omdat basisgoederen zoals brood, kookolie en benzine sinds decennia worden gesubsidieerd, hebben mondiale schommelingen op de wereldmarkt een onmiddellijk effect op de staatskas. Met name de oorlog in Oekraïne en de daaropvolgende schok in de graanprijzen hebben ervoor gezorgd dat Tunis grote moeite heeft leningen te verstrekken aan importeurs.

Om uit die spagaat te komen (en om aanspraak te maken op de bulk van het Brusselse geld), zal Saied een deal moeten sluiten met het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Ook in die onderhandelingen is hij erin bedreven geraakt de prijs op te drijven. Eerder dit jaar verraste de president iedereen – zijn eigen regering incluis – door te beweren dat hij nooit zal tekenen voor ‘buitenlandse dictaten.’

De goede verstaander weet: dat gaat hij wel doen, alleen de voorwaarden zijn nog onduidelijk. Het IMF heeft het land 1,8 miljard euro in het vooruitzicht gesteld, maar in ruil zal Saied het mes moeten zetten in de genoemde subsidies voor basisgoederen.

De gevolgen kunnen groot zijn, met name op het arme platteland. Economen waarschuwen dat de ongelijkheid zal groeien. Toen een van Saieds voorgangers veertig jaar geleden iets wilde doen aan de broodsubsidies, leidde dat tot grootschalige protesten en tientallen doden.

Het vergt ook weinig fantasie te bedenken dat de migratiebehoefte eerder zal toe- dan afnemen: van het platteland naar de stad en mogelijk ook verder, naar het Europese vasteland. Eerdere miljardenpakketten van het IMF (2013 en 2016) hebben aan structurele problemen zoals de jeugdwerkloosheid (zo’n 40 procent) weinig veranderd.

Een andere voorwaarde voor EU-steun is ‘respect’ voor de mensenrechten, doelend op de talloze Afrikaanse migranten die het land als springplank naar Europa gebruiken. In de nieuwe asielplannen van de EU, afgelopen week beklonken, zullen zij – als hun asielverzoek tijdens de ‘screening’ niet kansrijk wordt geacht – mogelijk naar transitlanden als Tunesië worden teruggestuurd.

Over de dictatoriale wijze waarop Saied bezig is in eigen land alle macht naar zich toe te trekken, liet de Europese delegatie zich dit weekend niet uit. De president zette de grondwet bij het grofvuil, stuurde het parlement naar huis en zette de kiescommissie naar zijn hand. Aanvankelijk kon hij in eigen land op grote steun rekenen, omdat hij – anders dan de meeste politici – niet als corrupt te boek staat.

Maar nu vrezen veel Tunesiërs dat Saied het land terugvoert naar waar het was vóór de Arabische ‘lente’ van 2011, toen dictator Ben Ali de scepter zwaaide. Saied zet zijn opponenten weg als ‘kankercellen’ die simpelweg verwijderd moeten worden. De voorbije maanden liet hij zeker dertig prominente journalisten, activisten en oppositieleden oppakken. Onder hen is Rached Ghannouchi, de leider van de grootste oppositiepartij, die een jaar cel aan zijn broek kreeg.

Wat de EU-lijn in de praktijk betekent, bleek zaterdag tijdens een verrassingsbezoek van Saied aan Sfax, de havenstad waar de meeste bootjes vertrekken. Tunesiërs op de markt juichten hem toe, maar zelf liep hij regelrecht naar een plukje Afrikaanse migranten. Een verbouwereerde vader nam hij het kindje uit de armen, om het voor het oog van de camera’s tweemaal op de wang te kussen.

Het was nogal een contrast met de Saied van drie maanden geleden. Toen waarschuwde hij op tv voor ‘criminele’ hordes Afrikanen die deel zouden uitmaken van een malicieus westers plan om de Tunesische bevolking te ‘vervangen.’

In het hele land ontketenden zijn woorden xenofobe aanvallen en klopjachten op migranten. Dat was toen, leek Saied tv-kijkers te willen zeggen. Nu is hij bijgedraaid. In Brussel zullen ze die boodschap graag horen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next