Ferrari doet na vijftig jaar weer mee aan de hoogste klasse in de 24 uur van Le Mans en eiste direct de voorste startrij voor zich op. Antonio Fuoco stuurde de #50 Ferrari 499P, die hij deelde met Miguel Molina en Nicklas Nielsen, naar de pole-position. Alessandro Pier Guidi maakte het Ferrari-feest compleet, door de #51 (gedeeld met James Calado en Antonio Giovinazzi) op de tweede startplek te zetten. De #8 Toyota van Sebastien Buemi, Brendon Hartley en Ryo Hirakawa completeerde de top-drie.
De 24 uur van Le Mans viert dit jaar haar honderdste verjaardag - al is het pas de 91ste editie van de klassieker - en verveelde geen moment. Er waren veel incidenten - er werd ruim drie uur achter de safety car gereden - en in de eerste tien uur kregen de coureurs ook met regen te maken. Ook de #50 Ferrari bleef niet uit de problemen. Fuoco, Molina en Nielsen verloren veel tijd door technische problemen, waardoor zij uit de strijd om de winst werden geworpen en hun pole-position niet konden verzilveren.
Desondanks hoefde Ferrari niet te balen, want met nog vier uur te gaan ging de #51 Ferrari aan de leiding. Het was echter wel spannend: het verschil met de #8 Toyota bedroeg op dat moment slechts vijf seconden. Met Calado in de cockpit vergrootte de #51 Ferrari de marge naar de achtervolgende #8 Toyota, in handen van Hartley, tot ruim vijftien seconden. Nadat Calado het stuur had afgestaan aan Giovinazzi werd het verschil weer kleiner, waarna ook Toyota van rijder wisselde: Hirakawa wisselde Hartley af.
Hirakawa werd via de radio aangemoedigd om het gat naar leider Giovinazzi te dichten, maar stond even later naast de baan. De Japanner verloor met nog honderd minuten te gaan bij het aanremmen voor Arnage de controle over de achterkant van de #8 Toyota en spinde de muur in. Hirakawa kon zijn weg wel vervolgen, maar moest naar de pits met schade. Daarmee was het verschil gemaakt: Hirakawa kwam met bijna een ronde achterstand op de leidende #51 Ferrari weer naar buiten.
Bij de laatste pitstops werd het nog even spannend, omdat de #51 Ferrari niet meteen wegkwam. Daarmee ging een groot deel van de riante voorsprong verloren, maar het gat was ruim genoeg om de koppositie onbedreigd te behouden. Pier Guidi reed de 499P over de finish en bezorgde de Italiaanse formatie zo een droomrentree op het hoogste niveau van Le Mans. De #8 Toyota finishte na de spin van Hirakawa in een soort van niemandsland als tweede: de achterstand op de #51 Ferrari bedroeg ongeveer een minuut, maar zelf had het een ronde voorsprong op de nummer drie.
Die nummer drie was de #2 Cadillac van Earl Bamber, Alex Lynn en Richard Westbrook. Zij hadden weer een ronde voorsprong op de zusterwagen, de #3 Cadillac van Sebastien Bourdais, Scott Dixon én Renger van der Zande, die vierde werd. Van der Zande was daarmee de beste Nederlander overall. Hij was ook de enige Nederlandse deelnemer aan de Hypercar-klasse. De polesittende #50 Ferrari completeerde ondanks de eerdere technische problemen nog wel de top-vijf.
Met Bent Viscaal (#9 Prema), Robin Frijns (#31 Team WRT), Giedo van der Garde (#39 Graff Racing), Job van Uitert en Tijmen van der Helm (beide #65 Panis Racing) stonden er vijf Nederlanders aan de start in de LMP2-klasse. Van der Garde had naar eigen zeggen de snelheid om de wedstrijd te winnen, ware het niet dat hij op de late zaterdagavond werd aangereden door de #66 Ferrari. Ook de #7 Toyota was bij dat incident betrokken: Kamui Kobayashi remde bij Tertre Rouge af voor een slow zone, maar werd over het hoofd gezien door de Ferrari en dat leidde de chaos in.
Van Uitert en Van der Helm deden lang mee om een podiumplaats, maar verloren in de laatste uren veel tijd in de pits omdat de accu van de #65 Panis gewisseld moest worden. Zij vielen daardoor terug naar het LMP2-middenveld, al finishten ze wel voor Viscaal en Van der Garde. Frijns leek met een podiumplek voor Nederlands succes in de LMP2 te zorgen. In de laatste anderhalf uur maakte de Limburger jacht op de derde plek van de #30 Duqueine. Op dat moment was het verschil nog ongeveer vijf seconden. Frijns reed het gat echter snel dicht en ging met nog een uur op de klok naar het podium, maar raakte P3 weer kwijt na een late pitstop en werd uiteindelijk vijfde.
De #34 Inter Europol Competition domineerde verrassend de LMP2-klasse. Albert Costa, Fabio Scherer en Jakub Smiechowski wonnen met zestien seconden voorsprong op de nummer twee, de #41 Team WRT van Rui Andrade, Louis Deletraz en Robert Kubica. Dit ondanks dat de #34 in de laatste vier uur een drive through-penalty moest inlossen wegens inhalen tijdens een safety car-situatie op zaterdagavond. Er staat nog wel een vraagteken achter de winst van de #34 Inter Europol omdat er nog een onderzoek loopt naar mogelijk nog een overtreding van het Poolse team.
Bij het ingaan van de laatste vier uur hadden de vrouwen van de #85 Iron Dames (Sarah Bovy, Rahel Frey en Michelle Gatting) de leiding in handen in de GTE-Am, maar het lukte ze niet om deze te behouden. De zege ging naar de #33 Corvette van onder meer Nick Catsburg, samen met Ben Keating en Nicolas Varrone.
Keating en Varrone hadden goed werk geleverd, alvorens Catsburg de laatste uren voor zijn rekening mocht nemen. De Nederlander, de enige landgenoot in deze klasse, hield het tempo daarna hoog en stelde overtuigend de winst veilig. Ze wonnen met twee minuten voorsprong op de #25 ORT by TF (Ahmad Al Harthy, Michael Dinan en Charlie Eastwood). De laatste podiumplek ging naar de #86 GR Racing (Ben Barker, Riccardo Pera en Michael Wainwright). De dames moest uiteindelijk genoegen nemen met P4, op acht seconden van het podium.
Source: Motorsport