Home

Gaye Su Akyol: ‘Je kunt leven in een hemel of in een hel, de keuze is aan jou’

Wie de Turkse zangeres Gaye Su Akyol nog niet kent, doet er goed aan eerst eens in het lied Anadolu Ejderi te duiken. Dat nummer, het openingsstatement van haar laatste plaat, heeft zich vermomd als een hippe en dansbare Anatolische indiehit zoals je die de laatste jaren vaker voorbij hoort komen – Turkse pop doet het goed. De stem van Akyol kronkelt langs een scherpe surfgitaar die ook nog door een wahwahpedaal is getrokken, langs synthesizers en een tokkelende Turkse saz. Het ritme is gemaakt voor de dansvloer en stuitert een beetje richting de reggaeton: ook uiterst geschikt voor de vele festivals die de zangeres dit jaar aandoet.

Maar Anadolu Ejderi (‘Anatolische draak’) is veel meer dan een zonnig festivalanthem. Zelfs als je het Turks niet machtig bent, hoor je aan die sierlijke zinnen van Gaye Su Akyol dat hier naast bedwelmende en lichtelijk psychedelische muziek ook een boodschap je oren binnenkomt.

Oh köşkünde rahat mısın
Biz evimizde sürgün iken
Ye, ye, ye, ye, ye doymazsın
Sen ne biçim insansın

(Zit je comfortabel in je paleis?
Terwijl wij verbannen waren in ons huis?
Eet, eet, eet, eet, je krijgt nooit genoeg
Wat voor mens ben je?)

De muziek van Gaye Su Akyol (38) zit vol venijnige aanklachten, tegen machthebbers en misbruikers, tegen iedereen die zich meer voelt dan een ander. En zij staat met haar psychedelische protestmuziek in een eerbiedwaardige Turkse traditie, die de laatste jaren nieuwe levenskracht en betekenis heeft gekregen, uiteraard in eigen land maar ook ver daarbuiten.

We spreken Akyol in de Noorse fjordenstad Bergen, waar zij speelt op een jazzfestival in een oude visverwerkingsfabriek. Ze is net aangekomen vanuit haar woonplaats Istanbul en heeft een eerste rondje door de pittoreske stad gemaakt, tussen de bekende houten huisjes in pastelkleuren. ‘Mooi hoor’, zegt ze. ‘Het lijkt mij een buitengewoon veilig stadje. En als ik hier zou wonen, zou ik me binnen een maand stierlijk vervelen. Want ja, ik kom uit Istanbul, de gekste en heerlijkste stad van de wereld.’

Die gestoorde metropool, met bijna zestien miljoen inwoners, kan de hypnotiserende mengmuziek van Gaye Su Akyol helpen verklaren, zegt ze. Ze beschrijft haar stad met een mengeling van afkeer, ontzag en hartstochtelijke liefde. ‘Je weet waarschijnlijk dat Istanbul een ongelooflijk gecompliceerde stad is, waar heel veel culturen en bevolkingsgroepen samenkomen. Je kunt de stad zien als een kronkelende chaos, een enorme berg rommel waar je iedere dag tegen aankijkt. Maar als je een nieuwsgierig mens bent, en gretig, dan kun je die berg beklimmen en gaan schatgraven. Er zit zo veel moois in verstopt.’

Gaye Su Akyol was als kind nieuwsgierig. En gretig. Ze groeide op in een artistiek gezin: haar vader is de in Turkije bekende schilder Muzaffer Akyol. Haar moeder en oma duwden de jonge Akyol richting de muziek. ‘Zij waren gek op klassieke Turkse muziek, die stamt uit het Ottomaanse Rijk.’

Ze zingt even een paar noten in een onnavolgbare toonschaal, met zo’n typerend, buigzaam vibrato. ‘Je weet wel: die muziek dus. Zij draaiden de hele dag liederen van de volkszanger Zeki Müren, die in de jaren zeventig en tachtig echt de Michael Jackson van Turkije was.

‘Ik vond het allemaal prachtig en was vooral zeer gefascineerd door de verschijning van Zeki Müren. Heb je weleens foto’s van hem gezien? Zoek maar op. Hij droeg opzichtige juwelen, zag eruit als een vrouw en hij had een enorm geföhnd kapsel, echt schitterend. Hij was overduidelijk queer. Zijn homoseksualiteit werd niet besproken, daar was de tijd niet rijp voor, maar iedereen accepteerde hem. Hij had een nieuw normaal gecreëerd, waar iedereen uiteindelijk gewoon in mee ging. God, wat was Turkije bijzonder in die tijd. En raar.’

Er kwam veel meer muziek voorbij in Istanbul. ‘Ik had een heel coole oom, die draaide Led Zeppelin en Motörhead. Ook leuk. En mijn broer had muziek ontdekt die mijn leven zou veranderen. Hij zat altijd in de auto om daar muziek te draaien, want het klonk er zo lekker. Ik kroop vaak naast hem en hoorde voor het eerst Nirvana, het album Nevermind. Ik wist gelijk dat ik had gevonden wat ik al heel lang had gezocht. Het geluid van de gitaar raakte mijn ziel, ik werd gegrepen door de geest van rebellie die in al die nummers zat. Ik was gewoon in shock.’

Het spoor van de rock werd verder gevolgd. ‘Ik ging me verdiepen in de Turkse rock. Ik ontdekte Barış Manço, een van de invloedrijkste Turkse popmusici: luister naar hem!’

Ze verdiepte zich daarna in de folk- en protestmuziek van de grote zangeres Selda Bagcan, die Turkije in de jaren zeventig het in die tijd onmisbare gevoel van vrijheid én strijdbaarheid gaf. ‘Ik wist het nog niet, maar ik was toen al een puzzel aan het leggen’, zegt ze. ‘Ik was met al deze muziek mijn innerlijke universum aan het vormgeven.’

Gaye Su Akyol ging antropologie studeren in Istanbul. Ze ging ook schilderen, naar het goede voorbeeld van haar vader. Maar vanaf haar 18de pakte ze toch ook zelf de gitaar, het was onvermijdelijk. ‘Er was een geweldige club in Istanbul, de Peyote, waar beginnende punkbandjes hun eigen liedjes durfden te spelen. Dat was bijzonder in die tijd, want de meeste popbandjes speelden stomme covers. En er kwam ook nog publiek op af, ook naar mijn eerste punkbandje. Er ontstond daar echt een subcultuur waar alle weirdo’s van de stad zich konden uitleven. Zonder de Peyote hadden wij hier nu niet zitten praten over mijn muziek.’

Na haar punkjaren – en haar studie – begon ze tien jaar geleden aan een serieuze loopbaan onder haar eigen naam, met muziek waarin ze die legpuzzel van duizend stukjes eindelijk voltooide. Haar album met de raadselachtige titel Develerle Yaşıyorum (‘Ik leef met kamelen’), uit 2014, maakte indruk in Turkije; daar hoorden ze als eersten hoe de vrijheidslievende Turkse muziektraditie weer tot leven kwam, met poëtische en politieke teksten, die betoverende rockgitaren, kietelende keyboards en soms ook onmiskenbaar oriëntaalse orkestraties.

Ze werd bovendien een livesensatie: Akyol ontdekte dat ze op een podium ook haar eigen normaal kon creëren, net als de door haar zo bewonderde zanger Zeki Müren. Ze kleedde zich in spectaculaire creaties, volgens zichzelf een soort superheldenpakken, en bracht haar liedjes tot leven in een magisch en theatraal decor.

‘Ik wilde mensen graag laten zien dat er andere waarheden bestaan, waarop je soms alleen even gewezen moet worden: je kunt leven in een hemel of in een hel, de keuze is aan jou. Maar heel eerlijk: ik vond het ook gewoon leuk om risico’s te nemen en mezelf desnoods compleet te laten uitlachen.

‘Ik ben nog steeds van mening dat niemand bang moet zijn om slechte kunst te maken. Als ik nu bijvoorbeeld kijk naar de schilderijen die ik twintig jaar geleden maakte, denk ik ook: kan iemand ze onzichtbaar maken, please? Toch hebben ze me verder gebracht. Begrijp je me nog een beetje?’

Gaye Su Akyol trok met haar optredens en geestverruimende muziek niet alleen de aandacht van een vrijdenkend Turks poppubliek. Haar teksten werden toch ook maar eens bestudeerd door de autoriteiten, die onder het gezag van president Erdogan al te frivole uitspattingen de laatste jaren wat minder kunnen waarderen.

In 2016 bracht Akyol het lied Nargile (waterpijp) uit, met van woede trillende teksten over een machthebber die zijn volk berooft. ‘Ik werd beleefd uitgenodigd op het politiebureau en mij werd gevraagd mijn tekst uit te leggen. Als mijn verklaring ze niet zou bevallen, kon ik voor het gerecht worden gesleept. Ik vertelde ze toen dat ik het lied had geschreven voor alle mensen die in armoede leven en worden onderdrukt, voor mensen die de voet van een autoritair bewind op hun hoofd voelen, waar ook ter wereld. Ik vroeg ze: over wie dachten jullie dan dat het ging? Dat was kennelijk afdoende. Ik mocht weer gaan.’

We kunnen het er moeilijk níét over hebben: eind mei won de al sinds 2003 zittende president Erdogan opnieuw de verkiezingen en werd de hoop van veel progressieve Turken op een nieuwe, liberalere regering de grond in geboord.

‘Ik hoopte natuurlijk ook dat er iets zou veranderen in Turkije’, zegt ze. ‘Dat er weer eens meer zuurstof in de lucht boven het land zou komen. De politieke islam van de regerende partij is de afgelopen decennia steeds verder in het hoofd van de mensen gekropen. Iedereen die gelooft in een seculiere maatschappij, en in meer gelijkwaardigheid, vraagt zich nu af: wat staat ons te wachten? Al op de avond van de laatste verkiezingsuitslag werd bekendgemaakt dat lhbti-clubs in Turkije zouden worden gesloten. Verschrikkelijk gewoon.’

Misschien zelfs een tikje angstig? ‘Nee, dat woord zou ik nooit gebruiken. Dat zou ze alleen maar meer moed geven. Maar het is natuurlijk ongelooflijk frustrerend dat de regering op deze manier blijft proberen de vrijheid in te perken en de geest van de mensen te beïnvloeden, als een soort tovenaars van de hersenen. Autoritaire machthebbers, in welk land dan ook, begrijpen maar niet dat ze zijn aangesteld om ervoor te zorgen dat er bruggen worden gebouwd, dat het water uit de kraan stroomt en dat de treinen rijden. Niet om als een soort magiërs de gedachten van de bevolking te sturen en te zeggen wat ze moeten denken.’

Ze heeft een interessante theorie over de zoveelste verkiezingsoverwinning van Erdogan. ‘Volgens mij blijven mensen op hem stemmen omdat ze altijd maar op zoek zijn naar een vaderfiguur. Een vader die je soms als shit behandelt, die verkeerde din Source: Volkskrant

Previous

Next