Home

‘Collega’s zeiden: ‘Je had hem dood moeten schieten’’

‘Ik ben God! Schiet maar! Mij kun je niks maken!’, riep een junk met een groot slagersmes. Om hen heen stonden een stuk of twintig politiemensen. Een van hen had ‘assistentie collega’ geroepen door de portofoon, dan komt er meteen hulp van alle kanten.

‘Het was een panieksituatie. In die tijd gold een samenscholings- en messenverbod op de Amsterdamse Zeedijk, alle collega’s stonden daar met getrokken wapenstok of pistool. Voor mij stond hoofdagent Peter Lugten met zijn gummiknuppel op die junk in te slaan om hem te ontwapenen, maar die vent leek wel gevoelloos, hij reageerde nergens op. Plotseling stak hij dat mes in de hals van Lugten, die meteen in elkaar zakte en vreselijk bloedde.

‘Van schrik week de cirkel van agenten uiteen, waardoor die vent kon wegkomen. Met vijf collega’s op een rij richtten we onze pistolen allemaal op hem. Iemand riep: ‘Staan blijven!’ en schoot een waarschuwingsschot in de lucht. Toen die vent bleef rennen, schoot ik op zijn benen en viel hij voorover.

‘Met z’n vijven renden we op hem af en boeiden hem op zijn rug. Terwijl hij op z’n buik lag, tekenden we de man met krijt af, evenals de plek vanwaar ik had geschoten. De situatie was gespannen. Omdat collega’s van de neergestoken hoofdagent woedend waren en met getrokken pistolen liepen, tilden we met z’n vieren snel die geboeide man een café in, om wraakacties te voorkomen.

‘Op dat moment kwamen er al leidinggevenden. Een inspecteur zei op straat dat ik mijn wapen moest inleveren. Dat gaf een heel ongemakkelijk gevoel, zo open en bloot. Ik voelde me daardoor meteen een verdachte.’

‘Zodra die neergeschoten man met een ambulance was afgevoerd, moesten mijn collega’s en ik ons melden op het bureau. ‘Je had hem dood moeten schieten’, zeiden sommige collega’s van Peter Lugten, zo kwaad waren ze. We zaten in de kantine te praten toen de commissaris binnenkwam. Hij zei: ‘Peter is overleden.’ Daar werd iedereen stil van, we waren allemaal terneergeslagen. Meteen daarna vroeg de commissaris: ‘Wie heeft er geschoten?’ Ook dat was heel akelig voor mij.

‘Ik kon niet naar Lugtens begrafenis, ik kon het niet opbrengen. ’s Avonds zag ik zijn uitvaart op het Journaal, met al die collega’s die hem de laatste eer kwamen bewijzen. Ik zag die beelden, liep naar buiten en barstte in huilen uit.

‘Ik kon er met niemand over praten, behalve met mijn broers die ook bij de politie werken en wisten hoeveel kracht er vrijkomt als je schiet. Gelukkig hadden zij geen vergelijkbare situatie meegemaakt, zij kenden het alleen van de schietbaan.'

‘Het zelfhulpteam zei dat ik gerust een maandje op vakantie kon, maar dat was een slecht advies. Ik was helemaal van het padje. In Italië sliep ik slecht, ik had een kort lontje en liep steeds agressief te schelden tegen mijn vriendin. Het was veel beter geweest als ik onder collega’s was gebleven en het van me af had kunnen praten.

‘Toen ik terugkwam, schoot het in mijn rug, ik kreeg een hernia. Mijn rug is altijd een zwakke plek gebleven. Pas na een jaar zei het Openbaar Ministerie: je hebt goed gehandeld tijdens dat schietincident, we gaan je niet vervolgen. Waarom moet dat zo lang duren? Een heel jáár? Al die tijd ben je verdachte. Dat is verschrikkelijk, daar heb ik veel last van gehad.

‘Ik zat een poos in de ziektewet, daarna ging ik op therapeutische basis weer aan het werk in mijn geboortestad Enschede. De eerste keer op de schietbaan stond het zweet me op mijn rug. Omdat er geen vacatures in Enschede waren, moest ik uiteindelijk weer terug naar Amsterdam. Ik heb lang gedacht: ik ga terug naar die plek waar Peter Lugten is neergestoken, maar dat heb ik uiteindelijk nooit gedaan, ik kon het niet. Wel ga ik in juni, voor het eerst, naar de herdenking van overleden collega’s in de Tuin van Bezinning in Warnsveld, een monument voor politiemensen die tijdens hun dienst zijn omgekomen.’

‘Pas jaren na die traumatische gebeurtenis constateerde de bedrijfsarts dat ik PTSS had. Ik ben behandeld met EMDR, een therapie met piepjes waarbij je met je ogen een vinger volgt terwijl je teruggaat naar de gebeurtenis. Steeds als je het verhaal opnieuw vertelt, heb je er minder emoties bij. Het hielp, maar ik voel soms wel een angst die ik voor dat schietincident nooit had.

‘Wij brengen verdachten aan in de rechtbank, maar wat rechters daar vervolgens mee doen, daar snap ik soms echt helemaal niks van. Weet je wat die junk zei toen hij vrijkwam? ‘Ik ben een cop killer.’ Verschrikkelijk. Maar wat ik nog erger vind: hij heeft maar vier jaar vastgezeten. Daar ben ik heel erg kwaad om. Vier jaar! Voor het doodsteken van een politieman! Dan denk ik: zijn wij als dienders echt niet meer waard dan vier jaar?’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next