Home

Mark Oliver Everett – bekend als E – staat weer dolgelukkig op het podium: dit zijn de favorieten van de singer-songwriter

Pas wanneer het normale leven weer hervat zou worden, zou Mark Oliver Everett (60) zijn album Earth to Dora – op één na gevuld met liedjes die voor de covid-periode al af waren – willen uitbrengen. Zoals veel muzikanten twijfelde hij er aan of hij ooit nog de wereld over zou kunnen om zijn nieuwe plaat te delen met het publiek.

Dat duurde even. E, zoals Mark Everett zich sinds het debuutalbum Beautiful Freak van rockband Eels uit 1996 het liefst laat aanspreken, werd er zelfs een beetje wanhopig van. Maar langzaam daalde het besef in dat juist in tijden van lockdown mensen meer behoefte hadden aan muziek als afleiding. Dus bracht hij eind 2020 Earth to Dora toch maar uit en begon hij samen met producer John Parish zelfs aan een nieuw album, Extreme Witchcraft, dat vorig jaar verscheen.

‘Een leuk experiment’, noemt E het nu, aan de telefoon vanuit Belfast waar hij met Eels op tournee is. ‘Ik mag dan een beetje een hypochonder zijn maar zeg nou zelf, we hadden toch allemaal niet gedacht dat we gewoon weer met z’n allen in een concertzaal konden staan? Ik word er echt heel gelukkig van.’

Het werken aan het album, dat E als een leuk experiment beschrijft was vooral bijzonder vanwege het tijdverschil van acht uur (E in Los Angeles, Parish in Bristol) en natuurlijk het gegeven dat ze niet samen in een studio waren. E stond iedere dag om vier uur ’s ochtends op, iets waar hij sinds de geboorte van zijn zoon Archie in 2017 toch al aan gewend was. ‘Wil ik iets productiefs met mijn dag doen dan moet dat gebeuren voordat hij wakker wordt.’ Het album rockt meer dan voorganger Earth to Dora vindt E. ‘Daar had ik echt zin in, los van de gedachte hoe of wanneer we de liedjes ooit live zouden kunnen spelen.’ Toen dat ineens toch mogelijk was, maakte E een vreugdesprongetje. ‘Ik had de hoop al opgegeven en nu mochten we ineens naar Europa.’ De Lockdown Hurricane-tournee deed begin april, daags na het gesprek, ook Afas Live in Amsterdam aan.

Op Earth to Dora staan liedjes die E schreef over een nieuwe relatie in zijn leven die stuk liep maar hem wel op zijn 54ste vader deed worden. ‘Ik had eigenlijk nooit gedacht dat ik dit nog zou meemaken, maar het heeft zoals het cliché zegt, mijn leven veranderd. En een eerste weerslag daarvan is terug te horen op Earth to Dora.

Het spelen van de nieuwe liedjes maakt hem echt gelukkig, zegt E. Hij geniet meer van het geven van concerten dan hij ooit heeft gedaan en noemt het een ongekende luxe dat hij ineens met twee nieuwe albums op tournee kan. ‘Het voelt als een nieuw begin, ook omdat we veel oude liedjes voor het eerst spelen. Maar daar belde je toch niet voor?’

E is zo enthousiast over zijn huidige tourleven dat hij even vergeten is dat Volkskrant Magazine hem graag wat culturele tips wil ontfutselen. ‘O jeetje, daar neem ik normaal gesproken twee dagen de tijd voor. Ik moet daar echt goed over nadenken en wil de juiste afwegingen maken. Ik kan niet zomaar even roepen wat mijn favoriete film of boek is. Dat is iets dat ik heel serieus neem, maar ik klap nu helemaal dicht.’

E wil er tijdens zijn bezoek aan Amsterdam een paar dagen later wel op terugkomen, maar nog beter is het als hij zijn gedachten erover op papier mag zetten. Zo ontstaat er een mailwisseling, onderbroken door een ontmoeting in Afas Live, enkele uren voor het concert van Eels.

‘Sinds mijn tienerjaren ben ik in de ban van de muziek van Randy Newman. Vooral het album Good Old Boys koester ik. In mijn boek Things the grandchildren should know (2008) schrijf ik over hoe jongens met wie ik omging heel hard een liedje als Rednecks meezongen. Alleen begrepen ze de ironie niet in tekstregels ‘We talk real funny down here/We drink too much and laugh too loud’ niet. Ze dachten dat Newman het meende, en zongen instemmend mee. Newman kan zo geweldig de onbetrouwbare verteller zijn in liedjes waarin hij zich als een racist voordoet of als drankmisbruiker in Marie. Maar zelfs dan heb je met zijn protagonisten te doen en weten zijn personages je te raken. Dat vind ik geniaal.’

‘Toen ik aan de schrijftafel ging zitten voor mijn eigen boek was het enige criterium om mijn eigen versie van Brother Ray te schrijven. Mijn eigen verhaal over hoe ik opgroeide en als muzikant naam wist te maken, met op de achtergrond mijn persoonlijke leed zoals het verliezen van mijn ouders en mijn zuster, moest net zo meeslepend worden opgeschreven.

Ik heb veel geleerd van dat boek dat ik als tiener voor het eerst las. Het belangrijkste is misschien wel dat hij zei dat je als muzikant altijd op zoek moest gaan naar datgene dat jou uniek maakt. Het lijkt zo’n simpel advies maar het was nog best lang zoeken voordat ik het gevoel had dat ik het gevonden had en ik met Eels Beautiful Freak kon maken.

Ray Charles vertelt zijn verhaal alsof je naast hem aan de keukentafel zit. Heel simpel, heel direct.’

‘Ik was bekend met de muziek van Brittany Howard en haar band Alabama Shakes, die ik mooi vond, toen ik stuitte op dit Tiny Desk Concert.’ Tiny Desk-concerten zijn videoregistraties die het Amerikaanse National Public Radio opneemt van artiesten en bands in een van hun kleine kantoorruimten, en die op YouTube worden uitgezonden. ‘Ik vond dit echt verbazingwekkend goed. Dit is wat muziek zo bijzonder kan maken, beter dan dit gaat het niet worden denk ik. Kijk bijvoorbeeld eens naar dat eerste liedje Stay High. Dat is echt een kippevelperformance. Het heeft die magie die zo moeilijk onder woorden te vatten is: er zit gospel in, het is hyperemotioneel en ze zingt over gevoelens op een manier zoals ik die nog niet eerder hoorde. Dat is wat mooie muziek kan doen, je raken op een manier die je niet eerder kende.’

‘Ik ben dol op biografieën omdat ik nieuwsgierig ben naar de mogelijkheden van het menselijk bestaan, wat we met ons leven kunnen doen, wat we meemaken en hoe we dat kunnen doorstaan. Ik stuitte toevallig op dit boek over de eerste Amerikaanse tv-horror host, Vampira. (Maila Nurmi kreeg in 1954 een eigen tv-programma The Vampira Show waarin ze verkleed als vrouwelijke vampier oude horrorfilms voor een groot televisiepubliek bracht, red.). In Ed Wood de film van regisseur Tim Burton uit 1994 werd ze gespeeld door actrice Lisa Marie.

Het boek, geschreven door Sandra Niemi, de nicht van Maila Nurmi, is fascinerend en deed mijn mond diverse keren openvallen van verbazing. Bijvoorbeeld als ze zwanger wordt van Orson Welles, wat ze hem nooit vertelt en het kind voor adoptie afstaat. Het kind zelf had geen idee dat zijn vader Welles was en zijn moeder Vampira totdat de schrijfster contact met hem zocht toe hij al een jaar of 50, 60 was.’

‘Ik was aanvankelijk sceptisch over deze documentaireserie die de laatste dagen van de Beatles als band in kaart brengt, met als climax het laatste Beatles-optreden op het dak van hun Londense platenmaatschappij. De hele hype eromheen maakte me wantrouwend. Ik ben een ontzettende Beatles-nerd en ik denk dat er geen onderwerp op deze wereld is waar ik meer vanaf weet dan van The Beatles. Ik vreesde voor alweer een Beatles-geschiedenisles, maar ik ben blij dat ik er helemaal naast zat. Regisseur Peter Jackson heeft iets ongelooflijks gedaan. En toen ik het zag vroeg ik me af waarom in vijftig jaar niemand op het idee is gekomen iets soortgelijks te doen. Ik vond het bijvoorbeeld interessant hoe lief en meegaand John Lennon in het hele proces bleek. En natuurlijk het moment dat Ringo Starr toegeeft dat hij een scheet heeft gelaten, dat is een hoogtepunt.’

‘Een van de leukste dingen aan de Get back-documentaire was dat ik als vader van een 5-jarige jongen, die de hele dag naar Disney + wilde kijken eindelijk iets tegenkwam op die zender dat papa ook leuk vond. En natuurlijk bleek toen dat er meer te halen was, zoals de film Coco, die ik pas laat ontdekte. Ik heb de film inmiddels wel honderd keer samen met mijn zoon gezien en ik heb er nog altijd geen genoeg van. Misschien is het ook wel precies op mijn lijf geschreven want het gaat over leven en dood en vooral hoe die twee zaken aan elkaar te verbinden op een mooie manier die oprecht kan ontroeren. Ik denk echt dat Coco dat doet en ik vind het een van de beste films ooit gemaakt.’

‘Graphic novels waren in de jaren negentig een belangrijke inspiratiebron voor me in de tijd dat ik net met Eels was begonnen. Dit is een mooi autobiografisch boek dat tegelijkertijd grappig is en ook een beetje wringt omdat Tomine er niet voor terugdeinst zichzelf onflatteus neer te zetten. Hij spaart zichzelf niet in veel verhalen en herinneringen. Zijn boek is open en eerlijk, en niet zelden ontroerend. Het is mijn favoriete genre, iets maken dat zowel grappig als hartverscheurend kan zijn. Tomine, vooral bekend als illustrator voor The New Yorker, is goudeerlijk over zijn kunstenaarschap. Ik geloof hem als hij zegt dat hem niet uitmaakt of hij erkenning krijgt in de hoogste kunstkringen, want het liefst begeeft hij zich onder de gewone mensen voor wie hij eigenlijk tekent.’

‘Inmiddels is Kaufman dankzij de film Man on the moon met Jim Carrey wat bekender, maar in de jaren zeventig kenden maar weinig mensen zijn naam. Ik was een vroege fan van Andy Kaufman. Als kind zag ik op tv zijn eerste tv-optreden in variétéshow van Dick Van Dyke. Hij deed daar een eenvoudige Elvis-imitatie in de tijd dat Elvis Presley nog leefde. Niemand deed in di Source: Volkskrant

Previous

Next