N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen.
Moeder: „Ons zoontje is net twee en heeft een sterke eigen wil. Zijn lievelingskleur is paars. Het helpt alle gemoederen bedaren als hij af en toe dingen zelf mag kiezen. Laatst gingen we op pad voor een nieuwe regenjas. Er waren er nog twee in zijn maat, een blauwige en een fel paars-roze. Hij wees meteen de laatste aan, toch kocht ik met schuldgevoel de eerste. Voordat we kinderen kregen, had ik me voorgenomen om ze zo ver mogelijk van maatschappelijke vooroordelen te houden. Daarom heb ik hem vanaf zijn geboorte een gevarieerde garderobe gegeven. Van begin af aan leverde dat onbegrip op van buurkindjes, die opmerkingen maakten als: ‘Wat heeft hij rare kleren aan, hij lijkt wel een meisje!’ Tegenwoordig snapt hij dit soort opmerkingen een beetje, en ik zou het jammer vinden als hij onzeker wordt. Ik wil hem graag zijn eigen keuzes laten maken, maar ik wil niet dat hij nare opmerkingen krijgt van buurkindjes.”
Bas Levering: „Het is een illusie te denken dat u uw kind voor nare opmerkingen van andere kinderen zou kunnen behoeden. Afwijkende kleren zijn hoe dan ook vaak object van spot. Hem steunen in zijn keuzes kan natuurlijk wel.
„Ooit dachten we dat we van het verschil tussen typische jongens- en meisjeskleren op jonge leeftijd af waren. Vanaf de jaren zeventig kwam een sterke nadruk te liggen op de doorbreking van de sekse-specifieke opvoeding. Die beperkte winst verdween weer toen het mogelijk werd om voor de geboorte het geslacht van het kind te bepalen. Vanaf dat moment kleurden de kinderkledingwinkels weer nadrukkelijk in blauw en roze. Tegenwoordig vormt de uitslag van de pretecho aanleiding voor de gender reveal party in een van die kleuren.
„We moeten kinderen helpen hun eigen keuzes te leren maken, en daarbij hun aangeboren egocentrisme helpen beteugelen. Op 2-jarige leeftijd is dat nog niet echt aan de orde, omdat kinderen de consequenties van hun keuzes nog niet kunnen overzien. Dat ze op die leeftijd wel een krachtige wil ontwikkelen maakt de omgang niet altijd gemakkelijk. Maar paarse kleren? Gewoon toestaan! U heeft niet het lastigste probleem gekregen om dat keuzeproces mee te oefenen.”
Stijn Sieckelinck: „Het is normaal om onzeker te worden over kostbare opvoedprincipes zodra je eenmaal de zorg hebt voor zo’n kwetsbaar wezentje. Toch is het belangrijk uw eigen onzekerheid niet te projecteren op uw kind, en hem onbekommerd een keuze te laten maken, ook al maakt dat reacties los in de omgeving. Hij zal wel meer uit eigen wil gaan doen waarvan anderen iets vinden; u kunt niet alle plooien gladstrijken.
„Genderidentiteit is in het jeugdwerk nu een van de meest besproken thema’s. Heel veel jongeren hebben daar vragen over. Er is een voorhoede die de ruimte eist om zelf op onderzoek te gaan, en niet op gender wil worden vastgepind. Tegelijk klinken in de maatschappij protesten.
„We kunnen niet jongens in camouflagekleding en meisjes in prinsessenjurken steken om het die afwijzende groep naar de zin te maken. Daarmee maken we het probleem alleen maar groter. De inspanning ligt eerder in verschillen tussen mensen leren accepteren.
„Opvoeding kan bijdragen aan dat maatschappelijke ideaal door zelfvertrouwen bij te brengen over eigen keuzes, en door verdraagzaamheid voor die van anderen. Daarom werkt het averechts om gespannen te kijken wat de reacties zijn op de kleur die uw kind aantrekt. Als hij ouder is, kunt u vertellen dat zijn keuzes eventueel voor afwijzing kunnen zorgen, maar op tweejarige leeftijd mag hij rustig kiezen voor paars. Bovendien is ‘meisje’ geen scheldwoord.”
Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement.Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.
U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.
Source: NRC