Denkfouten in het hedendaags ontwerp gefileerd door ontwerpwetenschapper (en ex-cabaretier) Jasper van Kuijk. Deze week: creativiteit als ongrijpbaar fenomeen.
Kunstmatige intelligentie (AI) laat zich ook in de ontwerpsector gelden. Daarbij is een belangrijke terugkerende vraag of AI-modellen ook creatief kunnen zijn, een eigenschap waarop juist ontwerpers en andere scheppende beroepen zich laten voorstaan.
Ik hoor van steeds meer ontwerpers dat ze de afgelopen maanden AI-gereedschappen zijn gaan gebruiken, voor bijvoorbeeld het opstellen van programma’s van eisen, het in kaart brengen van mens-productinteracties, het uitwerken van schetsen en het genereren van varianten op een ontwerp. Ik hoor ook: we zien het als een gereedschap, de creativiteit zit nog bij de mens. En in een recent Volkskrant-artikel stelde filosoof Stefan Buijsman dat AI niet echt creatief is omdat het zich niet bewust verhoudt tot de wereld, niet handelt met intentie.
Maar wanneer is iemand – of iets – creatief? Margaret Boden, filosoof en cognitief wetenschapper op het gebied van kunstmatige intelligentie, schreef al in 2009 een boeiend en zeer leesbaar essay over de vraag of computers en AI-modellen creatief zouden kunnen zijn. Boden onderscheidt drie soorten creativiteit: combinatorische, exploratieve en transformationele creativiteit.
Om met de laatste te beginnen: transformationele creativiteit gaat over compleet nieuwe ideeën en dingen, die veranderen hoe we kijken naar de wereld, die regels herdefiniëren. Zoals Marcel Duchamp door een urinoir te presenteren als kunstobject de grenzen van wat kunst is oprekte.
Exploratieve creativiteit is het verkennen binnen een conceptuele ruimte. In plaats van de grenzen en regels van het domein te verleggen houd je je eraan, maar genereer je wel nieuwe ideeën of dingen. Bijvoorbeeld: kijken welke mogelijkheden er zijn binnen het genre hiphop.
Combinatorische creativiteit, ten slotte, gaat over het combineren van bestaande ideeën, concepten en ontwerpen, op zo’n manier dat iets nieuws ontstaat. Hier zien we de laatste tijd veel door AI gegenereerde voorbeelden van, zoals een afbeelding van het laatste avondmaal met skeletten.
Vooral in die exploratieve en combinatorische creativiteit beginnen AI-gereedschappen een steeds grotere rol te spelen. Alleen, zoals Boden stelt, draait combinatorische creativiteit niet alleen om dingen combineren, maar is het ook essentieel of je kunt inschatten of die combinatie waarde heeft, of die ergens op slaat. Daar zijn mensen voorlopig nog beter in.
Nog. Voorlopig. We moeten niet naar AI kijken zoals Europa ooit naar de Chinese industrie keek. Dat begon bij een arrogant ‘Die kunnen alleen produceren en kopiëren, meer zit er cultureel gezien niet in’. Om een paar decennia later verbouwereerd te concluderen dat Chinezen prima creatief en innovatief kunnen zijn.
De huidige creatieve vermogens van AI zijn niet het eindpunt, want AI-modellen zijn nog niet geoptimaliseerd voor creativiteit. Daarnaast betwijfelt Boden of het zo relevant is of een AI-model handelt met intentie. Als wij het resultaat als creatief zien, is de handeling dat dan niet daarmee ook?
Creativiteit is niet iets mystieks en ongrijpbaars, maar minstens deels te vatten in procedures en processen, en dus in modellen. En dus in AI.
Jasper van Kuijk is ontwerpwetenschapper. Hij doet onderzoek naar, onderwijst in en communiceert over (gebruiksgericht) ontwerpen. @jaspervankuijk@mastodon.social
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden