Cabaretier Kasper van Kooten is op zoek naar een nieuwe, grote liefde. Hij doet hier verslag van zijn tocht.
Wat wil ik? Door de variëteit aan vrouwen en verhalen op de datingmarkt is mijn vaste antwoord op deze vraag enorm aan het wankelen. Mag ik er blind van uitgaan dat alle dames in mijn tijdlijn aan dezelfde zoektocht als ik zijn begonnen? Die naar een nieuwe, verpletterende en allesomvattende liefde? Nee, dat mag ik zeker niet. Vanwege het herhalende aanbod op Inner Circle en mijn kieskeurigheid, probeer ik inmiddels ook platforms als Bumble, Happn, en toch ook Tinder.
Wat is mijn type ook alweer? Heb ik wel een type? Wie wil ik zijn voor een ander? Lastige vragen die je jezelf moet stellen omdat je op basis van wat uiterlijkheden en een summier aantal karakteromschrijvingen als ‘christelijk’, ‘bewust kinderloos’, ‘eigenwijs’, ‘koppig’ of ‘meegaand en verzorgend’, moet bepalen of je met iemand (voorzichtig, eerst met de tenen) in zee wilt.
Om enige structuur aan te brengen in wat ik níét wil, heb ik een paar piketpaaltjes geslagen: ik stuur geen hartje terug aan vrouwen die altijd naar Ibiza gaan (verzin eens een nieuw eiland), die van carnaval houden (voor je het weet staan ze lam te tongen met je beste vriend) of een hond hebben die in een handtas past (en gaat!). Maar tegelijk heb ik er weleens eentje weggestuurd om de genoemde piketpaaltjes, terwijl ik dacht: die lijkt toch wel erg leuk. De uitdaging is dus: waar begin je met afkeuren en hoe standvastig blijf je daarin?
Als zich tijdens een avond swipen ieder kwartier een andere gegadigde met een nieuwe frisse combinatie van uiterlijkheden, karaktereigenschappen, politieke voorkeuren en grappige uitspraken meldt, kan je dat vreselijk in de war brengen.
Terwijl je diep van binnen allang weet dat er onder al die gegadigden eigenlijk maar twee categorieën geliefden bestaan: zij die zich willen binden om niet alleen te hoeven zijn, en zij die als de dood zijn om zich te binden en zichzelf te verliezen. Ik ben een enorm zwevende kiezer, al val ik zelf haast altijd automatisch in die laatste categorie.
Toen ineens had mijn algoritme mij een hartje van een dame van Aziatische afkomst gebracht. C.X. (33!) meldde zich en haar overdonderende openingszin luidde: ‘Hi there... nice to meet u’. Hoewel ik direct verveeld was, bleef ik toch even bij haar hangen en dacht: zou het kunnen dat ze hetzelfde zoekt als ik? Je hoort soms wel zo’n succesverhaal over ware liefde van ver. Ik bekeek haar profiel.
Op een van de foto’s zat ze in een designslobbertrui met daaronder alleen een soort satijnen onderbroek in kleermakerszit op een strandschommel in Dubai. Ik herkende de stad aan dat maanvormige twaalfsterrenhotel. Haar ranke handen had ze sierlijk gevouwen rond een gouden mok verse muntthee en ze keek mij door de lens met grote zwarte ogen aan. Uit interesse naar het grote onbekende waagde ik mij aan een hartje terug en we konden chatten.
C.X. in de slobbertrui wilde weten: ‘What you does for a living?’ Die vraag kwam nadat ze had gezegd dat ik mooie ogen heb en dat ik wel een boogschutter moest zijn. Dat staat gewoon in je profiel op Tinder, maar daar dacht ik even niet aan. Zou het kunnen dat de interesse gemeend is, dagdroomde ik, mijn gezond verstand nog even kickboksend in de hoek van de ring des levens houdend.
Ik begon stuntelig uit te leggen dat ik cabaretier ben, maar daar bleek geen beginnen aan: ‘I do sometimes songs, sometimes jokes or storytelling...’ Daar begreep ze geen snars van, en ze deed ook geen enkele moeite om het te begrijpen. Voor het gemak koos ik snel ‘actor’, en dat had ik beter niet kunnen doen, want nu dacht ze dat ik loaded was, zoals Bradley Cooper. Dat zei ze ook, dat ik op hem lijk. Ik vroeg me af wat de laatste film met Bradley was die ik gezien had. Ik vind hem ook knap.
Niet lang daarna schreef ze dat ze dat weekend in Düsseldorf was en erover dacht om vanuit daar Madurodam te komen bezoeken, ‘Maybe together?’. Dat benauwde me. Ik was er net nog geweest en het is een veel te klein dorp om met een veel te jonge Aziatische aan je arm te worden herkend. Ik sloeg beleefd af en stelde voor om een wandeling bij de Duitse grens te maken. Daar kwam geen reactie op. Een dag later vroeg ze of ik crypto’s met haar wilde kopen. Ze had er die nacht zelf nog 5 duizend dollar mee verdiend. Ik wist genoeg en blokkeerde haar, stiekem toch een klein beetje verdrietig dat mijn toekomst in een Koreaans bergdorpje niet doorging.
Source: Volkskrant