N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
.tk Een Nederlandse ondernemer geeft al twintig jaar internetdomeinen van eilandstaatje Tokelau en vier Afrikaanse landen gratis weg. Maar het misbruik is ongekend hoog, en nu eist Meta een half miljard dollar.
Het jonge internet heeft nog niet lang geleden z’n eerste grote klap gehad. De dotcombubbel is gespat, de beurswaarde van grote internetbedrijven is geïmplodeerd, maar Joost Zuurbier zit optimistisch op een boot in de Stille Oceaan. Hij gaat internet brengen naar Tokelau.
De Amsterdamse ondernemer, dan 31 jaar, weet hoe je geld aan internet kunt verdienen. Dat wist hij al op zijn vijftiende, toen hij floppy’s met gedownloade software verkocht op de allereerste beurs van de Hobby Computer Club in Utrecht, en later, toen hij internetaansluitingen verkocht in de Vijzelstraat in Amsterdam en nog later, toen hij vlak voor het spatten van de bubbel een online betaaldienst opzette, onder meer voor pornowebsites. En nu biedt Tokelau een nieuwe, geweldige kans.
Na onderhandelingen – die begonnen met een fax naar de ulu, het staatshoofd van Toke-lau, via de Nederlandse ambassadeur in Nieuw-Zeeland waar de eilandjes onder vallen – heeft Zuurbier de lokale autoriteiten weten te overtuigen om hem hun eigen internetdomein te laten beheren. Door die deal kan hij alle internet-adressen die eindigen op .tk uitgeven en daar geld aan verdienen. In ruil daarvoor krijgt Tokelau, 1.500 inwoners op 10 vierkante kilometer, een deel van de opbrengst en een internetverbinding via een satelliet – de reden dat Zuurbier nu, in september 2003, met tassen vol apparatuur op een veerdienst van Samoa naar de drie atollen van het eilandengroepje zit, anderhalf etmaal varen verderop.
Het plan slaagt. Sterker, een aantal jaren later beheert Zuurbier de domeinen van vijf landen en heeft hij een internationaal web van lucratieve internetbedrijven rond domeinnamen, advertenties en online betalingen geweven. Het Tokelause internetadresboek groeit door zijn toedoen uit tot een van de grootste ter wereld.
Maar wat op de boot in de Stille Oceaan nog zo’n goed idee leek, is twintig jaar later een blok aan het been geworden. Zuurbier vecht een conflict uit met een investeerder, die bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam een onafhankelijk onderzoek heeft afgedwongen. Het .tk-domein van het tropische eilandenrijkje is inmiddels het riool van het internet. En Meta, het moederbedrijf van internetgigant Facebook, heeft een claim van een half miljard dollar bij hem neergelegd, omdat zijn domeinen-business medeplichtig zou zijn aan inbreuk op het merkrecht en het faciliteren van cybercriminaliteit.
Het .tk-domein van het tropische eilandenrijkje is inmiddels het riool van het internet
Een „onzinclaim”, zegt Zuurbier daar zelf over in zijn Amsterdamse kantoor, al moet hij toegeven dat de domeinenhandel bovenmatig veel malafide partijen heeft aangetrokken en z’n „slechtste businessmodel ever” was.
Het was nog voor internet echt internet was, toen in de jaren tachtig computerwetenschappers nadachten over de bewegwijzering voor de datapakketjes die over het prille netwerk van computers werden verstuurd. Hoe kon daar enige ordening in komen? Per soort instelling? Per land?
Het werd beide. Nadat afkortingen waren vastgesteld zoals .gov, .edu en .com voor overheids- en onderwijsinstanties en bedrijven, begon de Amerikaanse instantie die verantwoordelijk is voor adressering ook ‘domeinnaamextensies’ aan landen uit te delen, naar de tweeletterige landencodes die ooit al waren vastgesteld. Het beheer van zo’n ‘.de’, ‘.fr’ of ‘.nl’ kwam in handen van wie er maar zin in had – de internetgemeenschap was nog niet zo groot en wie kon voorspellen dat dit een miljardenbusiness zou worden? In Nederland stak Piet Beertema, een plichtsgetrouwe systeembeheerder van het Centrum voor Wiskunde en Informatica, z’n hand op. Op 25 april 1986 registreerde Beertema het eerste .nl-adres, en zo werd het Nederlandse deel van het internet actief.
Beertema nam zijn verantwoordelijkheid. Hij deed tien jaar lang de registratie van nieuwe namen, tot hij met een paar anderen SIDN oprichtte, de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland, die nog steeds verantwoordelijk is voor het .nl-domein. SIDN wijst voor een klein bedrag domeinnamen toe, in ruil voor techniek, administratie en misbruikbestrijding. Zo speelt SIDN een belangrijke rol in het wereldwijde domain name system (DNS) dat is ontstaan, het adresboek van het internet.
Maar niet in ieder land kwam de afkorting zo goed terecht. Een aantal landen waar internet nauwelijks van de grond kwam, gaf de extensie weg, of verkocht die aan slimme ondernemers die er handel in zagen, zoals een projectontwikkelaar aast op leegstaand onroerend goed. Het domein .tv van eilandenrijkje Tuvalu wordt inmiddels commercieel geëxploiteerd door derden, net als .nu van Niue, beide in de buurt van Tokelau. En ook .io dat eigenlijk voor het Brits-Indische Oceaanterritorium staat, en favoriet is bij start-ups omdat ‘io’ ook voor input/output staat. De domeinen zijn eigendom van de landen, ze mogen zelf beslissen wat ze er mee doen.
Het domein .tv van eilandenrijkje Tuvalu wordt inmiddels commercieel geëxploiteerd door derden, net als .nu van Niue, beide in de buurt van Tokelau
Het beheren van domeinnamen is inmiddels een lucratieve bezigheid. Verisign uit de VS, uitgever van onder meer .com en .net, noteerde in 2022 een operationele winst van 675 miljoen dollar, op een omzet van 1,42 miljard.
Op een warme middag in september 2003 lukt het Joost Zuurbier om de kabel van de satellietschotel op het Tokelause eilandje Fakaofo zo aan te passen dat er internetverkeer overheen kan. Hij heeft net een lange, stormachtige nacht op zee achter de rug, meldt het webdagboek dat hij en zijn zakenpartner van de reis bijhouden. Foto’s tonen kasten vol kabels en een zwetende Zuurbier aan het werk. Tijdens de werkzaamheden doet de telefoon het niet en is het eilandenrijk volstrekt onbereikbaar voor de buitenwereld. De dag erna installeert Zuurbier een modem en een router, en dan heeft Toke-lau voor het eerst in zijn geschiedenis een redelijke internetverbinding. Een dag later opent het internetcafé voor de bewoners, van wie velen nog nooit een webpagina hebben gezien.
In ruil voor deze grote stap in de Tokelause ontwikkeling mag Zuurbier via een Amsterdamse bv Tokelause domeinnamen registreren. Ter promotie deelt hij op internetconferenties tosti’s kaas uit, „inclusief gratis .tk-domeinnaam”. Daarna verlegt hij zijn blik naar Afrika. In de jaren erna gaat hij ook met vier Afrikaanse landen in zee. In Gabon wint hij een aanbesteding en in de Centraal-Afrikaanse Republiek brengt hij het hele domein terug online, nadat rebellen de infrastructuur hebben gestolen. En zo kan het dat achter de glazen pui van een kantoorgebouw aan de Danzigerkade in Amsterdam, met uitzicht over de Nieuwe Houthaven, de internet-adresboeken van vijf landen beheerd worden. Vanaf hier voert Zuurbier regie over de internetdomeinen van Tokelau (.tk), Centraal-Afrikaanse Republiek (.cf), Equatoriaal-Guinea (.gq), Mali (.ml) en Gabon (.ga).
Illustratie Ming Ong
De uitgifte verloopt via zijn bedrijf Freenom, ‘a name for everyone’. Voor Freenom hanteert Zuurbier een ‘freemium’ businessmodel. Hij doet het anders dan de meeste partijen: iedereen kan bij hem een gratis internetadres krijgen met de afkorting .tk of .ml. of .cf., maar Freenom blijft de eigenaar van de domeinen. Op die manier kan hij eraan verdienen. Als de sites inactief raken of verlopen, blijven er altijd bezoekers binnenkomen die nog niet doorhebben dat de site dood is. Dit ‘residuverkeer’ verkoopt Zuurbier aan advertentienetwerken.
Klanten kúnnen wel betalen bij Zuurbier en daarmee zelf eigenaar worden van een domein, maar dat model komt niet zo goed van de grond. Mensen willen niet betalen voor een onduidelijk .tk of .gq-adres, dan kopen ze wel een chic .nl of .com-domein. De gratis dienstverlening neemt wel een vlucht, met name die via Tokelau. Eind 2021, blijkt uit een rapport van concurrent Verisign, staan zo’n 24,7 miljoen domeinen bij .tk geregistreerd, puur omdat Zuurbier ze gratis aanbiedt. .Com is met zo’n 150 miljoen adressen veel groter, maar de Tokelause internetzone is op dat moment wel het grootste landendomein op internet, op afstand gevolgd door Duitsland (.de) met 17 miljoen domeinen. Voor het piepkleine Tokelau betekent dat omgerekend 16.000 webadressen per inwoner. Een jaar later wordt .tk van de lijsten geschrapt. Verisign schrijft dat het niet meer betrouwbaar de omvang van die zone kan inschatten.
Hoe Tokelau precies profiteert van z’n gigantische internetvoetafdruk, is onduidelijk. De afspraak met Zuurbier is dat Tokelau deelt in de winst, via een joint venture van het Tokelause telecombedrijf en een bv van Zuurbier. Na een aantal jaar zou de opbrengst goed zijn voor 10 tot 20 procent van het bbp van circa 8 miljoen euro van het eilandstaatje, melden nieuwsberichten, maar betrouwbare cijfers ontbreken. Hoeveel het Zuurbier oplevert, blijft ook onduidelijk. Winstcijfers zijn niet bekend en jaarrekeningen worden niet of minimaal gedeponeerd.
Op 29 april 2022 komt er bij de Nederlandse Ondernemingskamer een verzoekschrift binnen van een Frans investeringsfonds. Kima Ventures stak in 2013 en 2015 in totaal 3 miljoen dollar in Zuurbiers domeinenbusiness Freenom. In ruil daarvoor kreeg het iets meer dan een kwart van de a Source: NRC