Home

Hoe meer de vrouw is gaan doen, hoe meer wordt gekeken naar wat zij laat liggen

Als vrouwen nou wat meer zouden nadenken, komen we tenminste vooruit met z’n allen. Dan zou bijvoorbeeld het personeelstekort op de arbeidsmarkt opgelost kunnen worden. Zo beroerd klinkt de overheidscampagne ‘Wil je meer werken? Laat het merken!’ Daarmee worden uitsluitend vrouwen aangesproken, en dat op een manier alsof het nog nooit in hun mooie bolletje is opgekomen om drie tellen stil te staan bij de inrichting van hun werkweek. De aansporing dat wél te doen komt wat infantiel over, waarbij het niet helpt dat er teksten voorbijkomen als: ‘Mijn man vond het helemaal prima toen ik besloot meer te gaan werken.’

De campagne – afkomstig van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) – loopt nu al enkele maanden en zorgt al die tijd voor gespreksstof. Deze week was het voorpaginanieuws bij het AD, waarin beleidsexpert Amy-Jane Gielen haar ongenoegen uitte over de in haar ogen seksistische en belerende boodschap van het ministerie. Volgens Gielen heeft dit soort campagnes bovendien helemaal geen zin: er zou geen gedragsverandering uit voortkomen. Zij pleit ervoor de campagne achterwege te laten en meer te doen aan fundamentele oorzaken, zoals de loonkloof en de kosten van kinderopvang.

Het is ook wel een mysterie, die Nederlandse vrouw. In een keur aan onderzoeksrapporten en discussies wordt zij uitvoerig besproken, maar niemand lijkt echt te weten waarom zij zo weinig arbeid lust. Door de een wordt zij opgevoerd als een zwoegende engel die thuis alle gaten dichtloopt zonder ooit een cent te verdienen aan haar poetsende en verzorgende taken. Een ander meent juist de verklaring te zien in haar verwende, luie aard. Zelf vermoed ik dat er een vloek in het spel is: hoe meer de vrouw is gaan doen, hoe meer wordt gekeken naar wat zij laat liggen.

Aan dergelijke bespiegelingen hebben we verder niks natuurlijk, en de campagne van het ministerie lijkt vooral laaghangend fruit te willen oogsten. Gelukkig zijn er partijen in het veld allang bezig met concrete oplossingen. Zo richt de organisatie Het Potentieel Pakken (HPP) zich op de begeleiding van werkgevers bij urenuitbreiding voor werknemers – vrouw én man. Daarbij heeft HPP sinds 2020 enkele pilots gedraaid op scholen in het primair onderwijs, waarvan de bevindingen begin dit jaar in een rapport zijn uitgebracht.

Er blijkt flink wat te winnen: meer dan de helft van de leraren had een aanstelling van minder dan 25 uur. Bij navraag bleek 37 procent open te staan voor meer uren. Leraren gaven daarbij te kennen dat zij dan wel hun flexibiliteit wilden behouden én dat een urenverhoging financieel voldoende aantrekkelijk moest zijn. Tegelijkertijd constateerde HPP de nodige belemmeringen: het onderwerp urenuitbreiding staat binnen organisaties nauwelijks op de kaart, schoolleiders weten niet (goed) wat de ruimte en regels zijn voor urenuitbreiding en het HR-beleid is er lang niet altijd op toegerust. Verder blijken er onterechte overtuigingen te spelen bij zowel leraren als schoolleiding, waardoor het potentieel niet wordt verzilverd.

Al met al genoeg reden voor zowel werkgevers als werknemers om inderdaad meer na te denken over de inrichting van de werkweek. De gedachte achter de campagne van SZW is dus zinnig, de uitvoering daarentegen hopeloos. Maar misschien was dat juist de bedoeling en heeft iemand tijdens een brainstormsessie geroepen: ‘Hoe misplaatster de campagne, hoe meer discussie erover!’ Gewiekste jongens daar, bij SZW.

Source: Volkskrant

Previous

Next