Home

‘Kijk, die mevrouw heeft een stok’, wees mijn dochter (6) naar een vrouw met een enorme dildo

In Arnhem, waar we verbleven voor een korte vakantie, bezochten we Museum Arnhem, moderne kunst dus, iets waar ik me nogal toe moet zetten, maar een goed huwelijk is ook wat waard, zeker op vakantie.

We hadden van tevoren niet bekeken wat er te zien was, maar met de tentoonstelling Hans Baluschek en Carel Willink, Kunst voor het volk vielen we met onze neus in de boter. Vooral het werk van Baluschek (1870 – 1935), een Duitse kunstenaar van wie ik nog nooit had gehoord en die bekend werd om zijn bewogen, geëngageerde kunst en zijn socialisme – hij wijdde zijn tekeningen aan mensen in de samenleving die leden onder uitbuiting, alcoholisme, ziekte, (gedwongen) prostitutie en mentale problemen, geen gebruikelijke thema’s in die tijd – viel in de smaak. Hij was de leermeester van de jonge Carel Willink in diens Berlijnse periode en die kende ik dan weer wél, al is dat dan vooral door zijn vrouw Mathilde Willink – zijn gewezen vrouw moet ik erbij zeggen. In 1977 gaf ze een uiterst merkwaardig interview aan roddelkoning Henk van der Meijden, waarbij ze hem gelegen op een hemelbed toevertrouwde dat ze liefst in haar eigen mausoleum zou wonen, ‘alles met marmer, en de muren van albast’, en dat ze het ‘afschuwelijk’ vond om alleen te zijn, daarom kon ze Willink niet loslaten, en dan die enorme ogen erbij – zoekt u het vooral op, staat allemaal op YouTube, schitterend gedateerd, een voorbije tijd, de camera traag, de tut-tut-meisje-toch psychoanalyse van de interviewer ook toen al niet kies, maar het geheel is fascinerend. Een paar maanden later werd ze met een kogel in het hoofd op datzelfde hemelbed aangetroffen.

‘Kijk eens!’ Mijn oudste dochter (7) wees naar een houtskooltekening waarop een welgestelde heer de kamer binnenloopt van een jonge vrouw, een meisje nog, dat slechts in ondergoed op een sofa zit. ‘Oompje’ las ik op het bord ernaast. Wát een titel, dacht ik, en daar was de vraag al – wat gebeurde hier?

Ondertussen waren de jongste twee dochters, 6 en bijna 2, doorgestiefeld naar de tentoonstelling How Dare You Make Me Feel This Way, waarin ‘trans en queer vreugde centraal staan’. Ik vond ze terug op een roze plastic bank, waar ze naar een film keken van Samantha Nye met de titel: Daddy. We zagen een ensemble dat de gemiddelde Nederlandse kiezer de rillingen over de rug zou doen lopen: een trans persoon van middelbare leeftijd in een roze tutu, handboeien, een zweep, een minnaar in een rolstoel, nog een minnaar, nog één, en dat alles in een campy roze glittersetting.

‘Kijk, die mevrouw heeft een stok’, wees mijn dochter (6) naar een vrouw die een enorme dildo in haar handen hield.

‘Tok’, wees haar zus (1) nu ook.

Die van 7, ernstig: ‘Waarom heeft ze een halsband om?’

‘Het doel van dit werk’, las ik voor van het uitlegbord, ‘is om te laten zien dat het niet alleen mogelijk is, maar dat iedereen het ook verdíént om naar verlangd te worden.’ Op het filmpje dat hun vader van ons maakte hoorde ik achteraf hoe normaal ik had willen klinken, net zo normaal als de vier pensionado’s achter ons die ook net deden alsof ze niks bijzonders zagen.

Even later keken we toe hoe de meisjes rondbanjerden in de museumtuin, onbekommerd en licht, nog niet door het leven te grazen genomen. ‘Je wordt niet als vrouw geboren, je wordt tot vrouw gemaakt’, zei ik Simone de Beauvoir na terwijl ik peinzerig over het dal uitkeek.
Het kwam uit de lucht vallen, maar ook weer niet.

Source: Volkskrant

Previous

Next