Sport is emotie. Ook, of juist, als je pas 8 jaar bent. Een meisje met een blonde paardenstaart druipt in tranen af uit de megazandbak van handbalvereniging DSS in Heemskerk. Zo’n vijftig scholieren hebben zich op aanwijzing van trainster Kim de Ruyter net vrolijk warmgesprongen voor het ‘beach event’ waarmee deze vereniging vanmiddag een nieuwe generatie hoopt te interesseren voor de handbalsport. Maar het huilende meisje heeft maar één zorg: ‘Ik wil bij Jill in het groepje.’
Als dat even later is geregeld, rennen de vriendinnen blij gearmd terug het mulle zand in. De vrijwilliger die op het dak van de sportkantine staat, is er intussen in geslaagd de enorme speakers aan de praat te krijgen. De reggaeton schalt over het terrein, de wedstrijdjes kunnen beginnen.
DSS houdt wel vaker dit soort open evenementen voor kinderen, vertelt voorzitter Jelle Bos. ‘Een schooltoernooi handbal of een clinic tijdens de gymles. Het levert toch vaak weer een paar aanmeldingen op van nieuwe jeugdleden.’
Over de auteur
Anneke Stoffelen is verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over de multiculturele samenleving. Voor de podcastserie Een soort God onderzocht ze hoe mensen in een sekte belanden.
Die kan DSS goed gebruiken, want net als de meeste andere sportclubs moet de handbalvereniging behoorlijk haar best doen om het ledental op peil te houden. ‘Handbal is geen grote sport’, zegt Bos. Met enige teleurstelling in zijn stem: ‘In de laatste landelijke lijst staan we nu zelfs onder korfbal.’
Deze week bleek uit een representatief onderzoek door Kantar Public dat het aantal Nederlanders dat wekelijks sport, nog lang niet terug is op het niveau van voor de coronapandemie. Zo’n 700.000 sporters zijn afgehaakt en nooit meer teruggekomen. Daarbij valt op dat hoger opgeleiden weer bijna evenveel sporten als in 2019, terwijl lager- en middelbaar opgeleiden nog lang niet terug zijn op het oude niveau.
Maar sportkoepel NOC*NSF, die opdracht gaf voor het onderzoek, is vooral ongerust over het feit dat tieners niet zijn teruggekeerd naar de sportvelden en de fitnesscentra. Sinds de coronacrisis is het aantal jongeren tussen de 13 en 18 jaar dat wekelijks sport met 9 procentpunt gedaald, tot 66 procent. Dat was in 2019 nog 75 procent. ‘Daar maken we ons echt zorgen over’, zegt Lieselot Meelker van NOC*NSF. ‘Het is uit onderzoek bekend dat als je in je tienerjaren geen sportroutine opbouwt, je in je latere leven het sporten meestal ook niet meer oppakt.’
Dat pubers afhaken bij verenigingssport is geen nieuw fenomeen: het is een leeftijdsfase waarin kinderen andere interesses krijgen en vaker geen zin meer hebben in verplichtingen als twee keer per week trainen en elke zaterdagochtend een wedstrijd. ‘Maar we zagen niet eerder zo’n enorme daling als nu’, zegt Meelker.
Dat moet de sportsector ook deels zichzelf aanrekenen, denkt NOC*NSF. ‘Als je weet dat de doelgroep vraagt om meer variatie en meer flexibiliteit, dan is het ook aan sportbonden om mee te bewegen met de behoefte van mensen.’
Zo slagen basketbalclubs er wél in om tieners binnen te halen - het aantal jongeren dat begint met basketbal zit, tegen de trend in, in de lift. Meelker: ‘Dat komt onder andere doordat ze de spelvorm 3x3 hebben ingevoerd, die veel flexibeler en laagdrempeliger is en waar een hele lifestyle omheen hangt, met muziek bij de wedstrijden en een bepaalde kledingstijl die veel jongeren aanspreekt.’
In Heemskerk doet de handbalclub ook zijn best om te verhippen. Twee jaar geleden maakte het asfalt op het buitenterrein van DSS plaats voor vrachtwagenladingen vol zand. Met oude surfboards tegen de muur en kleurige handgeschilderde wegwijsborden heeft het clubgebouw nu iets weg van een strandtent.
Dat is zeker ook een bewuste poging om in te spelen op de wensen van jongeren, zegt voorzitter Bos. Aan de ene kant is beachhandbal als sport speelser dan de zaalvariant, bijvoorbeeld omdat een doelpunt na een pirouette twee punten oplevert. ‘Maar het is ook een handbalversie die meer op evenementenbasis wordt gespeeld, waardoor je niet vastzit aan de verplichtingen van een normale wekelijkse competitie. Bij een toernooitje is er veel sfeer omheen, met bijvoorbeeld een barbecue en een muziekje erbij.’
Yenthe (11) drinkt langs de kant uit haar bidon, bijkomend van een eerste partijtje. Ze handbalt normaal ook al drie keer per week, zowel in de zaal op het harde veld als in het zand. ‘Dat is het fijnste’, zegt ze overtuigd. ‘Gewoon omdat het zand zo lekker zacht is.’
Jongeren die minder sporten? ‘Ik zie wel in mijn klas dat vooral jongens veel bezig zijn met gamen. Misschien ligt het ook daaraan.’ Zelf is Yenthe niet van plan om bij te dragen aan de teruglopende statistieken. ‘Ik heb juist een middelbare school uitgekozen die extra veel aan sport doet, met per week twee uur meer gym dan op andere scholen.’ En ze ziet het ook niet gebeuren dat ze op haar 15de andere dingen belangrijker zal vinden. ‘Voor mij is handbal de beste manier om mijn gedachten kwijt te raken. Als je op het veld staat, denk je niet meer aan iets vervelends.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden