Nog altijd proberen vluchtelingen in bootjes over de Middellandse Zee Europa te bereiken. Italië-correspondent Rosa van Gool reist sinds anderhalve week mee met een reddingsschip van Artsen zonder Grenzen. ‘We hebben ons voorbereid op het scenario dat er veel mensen in het water zouden liggen.’
‘De meeste mensen zijn redelijk ontspannen. Op het bovendek van het achterste gedeelte van het schip zit een gezin met vijf kinderen en een zwangere vrouw. De anderen zitten op het benedendek. Dat zijn allemaal mannen, de meeste nog vrij jong. Er zitten ook drie minderjarigen bij.
‘Met een paar jongens gaat het duidelijk minder goed. Vooral mentaal. Zij liggen met hun deken over hun hoofd. Fysiek zijn ze wel in een goede gezondheid.
‘Het is nu de elfde dag op het schip. In principe gaan we vrijdag weer aan land. Het beleid van Italië is om een schip na een reddingsactie meteen een port of safety toe te wijzen. Wij zijn nu op weg naar de haven van Brindisi in Zuid-Italië.’
‘Ik vond het indrukwekkend om te zien. Ook al was dit voor de reddingswerkers van Artsen Zonder Grenzen een – tussen aanhalingstekens – relatief makkelijke redding. Het was geen grote boot, het was overdag, de golven waren niet zo hoog. Maar alsnog maakte het veel indruk op me.
‘Na dagen en dagen te hebben gevaren, zie je ineens een rubber bootje met vijf kleine kinderen. De boot was totaal niet zeewaardig. Die mensen hadden met die boot nooit de Middellandse Zee kunnen oversteken.’
‘Sommigen heb ik gesproken, ja. Het is geen homogene groep: ze komen uit verschillende landen. Er zitten een paar jonge jongens uit Bangladesh tussen. Jongens en mannen uit Egypte, Kameroen, Nigeria, Ghana, Gambia. De familie komt uit Libië zelf – niet heel gebruikelijk.
‘De opvarenden hebben zelf alarm geslagen via Alarm Phone, een ngo waarlangs de meeste reddingsacties tot stand komen. Het is een soort hotline voor dit soort bootjes. Op het moment dat Alarm Phone een noodoproep binnen krijgt, stuurt het een e-mail naar zowel de Libische kustwacht als naar het schip waar ik op zit.
‘De mensen zeiden dat ze erg blij waren dat wij er waren. Ze zaten al negen of tien uur op het bootje. Ze lagen al een tijdje stil, niet ver van Libië. De motor deed het niet meer, er stond water in de boot. Ze dachten dat ze dood gingen. Er was geen kans dat ze op deze manier ooit Malta of Italië hadden bereikt.’
‘Via de centraal mediterrane route, waarop wij nu varen, kwamen vorig jaar ruim 150 duizend mensen naar Europa. In dat getal zijn ook de mensen die vanuit Tunesië vertrokken meegerekend. De afgelopen jaren is dat aantal weer flink toegenomen. In het coronajaar 2020 was het erg ingezakt, in 2021 was het ook nog vrij laag. In 2022 en dit jaar is het aantal juist weer heel hoog.
‘De centraal mediterrane route is een van de meest dodelijke routes. Volgens Artsen zonder Grenzen kwamen vorig jaar meer dan 1.400 mensen om op zee. In de eerste maanden van dit jaar zijn het er al bijna 1.000. Het blijft een beetje nattevingerwerk: je weet niet precies hoeveel bootjes vertrekken en hoeveel er zinken zonder dat iemand er ooit iets van hoort.’
‘Dit plan stond al een tijdje op mijn lijst. De afgelopen tien jaar zijn op deze centraal mediterrane route vele duizenden mensen gestorven. Waarschijnlijk is dat nog een onderrapportage: je weet niet precies hoeveel bootjes precies vertrekken en hoeveel er zinken zonder dat iemand er ooit iets van hoort. Met dit schip kom je zo dicht mogelijk bij de pogingen van die mensen.
‘Andere media hebben eerder dit soort reizen gemaakt, vooral op het hoogtepunt van de vluchtelingencrisis, in 2015 en 2016. Nu vond ik het weer eens tijd. Het probleem is er namelijk nog steeds: elke week verdrinken er mensen.’
‘Vantevoren heb ik daar over nagedacht. Fotograaf Jelle Krings en ik gingen op een van de rubberen reddingsboten mee. Daarvoor kregen we ook een training. Toen hebben we ons ook voorbereid op het scenario dat er veel mensen in het water zouden liggen. Op zo’n moment blijf je niet als een fly on the wall toekijken, maar ga je helpen.
‘Dat is gelukkig niet nodig geweest. We konden redelijk onze rol van observator behouden. Wij zijn hier om te documenteren wat er gebeurt.’
Source: Volkskrant