Home

Eindeloos wachten, zonder dat je weet waarop

Er was een tijd dat ik wachtte op iets, maar niet wist waarop precies. Lang waren de dingen min of meer vanzelf gegaan, zonder overdreven inspanningen, zonder tegenslagen, zonder oponthoud. Het leven stroomde voort, en ik dobberde erop mee – tot het stilviel.

Ik dobberde nog slechts in kleiner wordende cirkels en verbeeldde me dat er een geur van brak water om me heen hing. Ik kon alleen maar wachten tot het voorbij ging. Een ellendige vorm van wachten. Ondertussen stroomde de algemene tijd, de tijd waarin anderen er wat van trachtten te maken, gewoon door. Ik stond erbij, en ik keek ernaar, tot het leven langzaam weer ging stromen en het wachten overging in beginnen.

Dinsdag beschreef Loes Reijmer in deze krant de situatie in de noodopvang in de Eurohal in Zuidbroek, een plek waar normaal gesproken paardensportevenementen en vlooienmarkten worden gehouden. Volgens gerechtelijke uitspraken in het najaar van 2022 moeten asielzoekers in Nederland een menswaardige opvang krijgen, met een kamer, ‘met muren en een plafond en een deur die afgesloten kan worden’.

Dat, stelde Reijmer vast, hebben de bewoners van de Eurohal allemaal niet. Een methode om jezelf enige privacy te verschaffen, is het vastmaken van takken aan de hoeken van het bed, en zo met een deken een soort tentachtige constructie te maken. Maar zelfs dat is niet de bedoeling.

Menswaardig, dat woord valt vaak.

Menswaardig volgens Nederlandse normen: een zo ellendige noodopvang inrichten dat mensen die zijn gevlucht uit oorlogsregio’s of door klimaatverandering onvruchtbaar geworden gebieden vrienden en familie laten weten dat ze niet naar Nederland moeten komen. ‘Valt toch tegen hier.’

‘Oké,’ antwoorden de mensen in Syrië of Zuid-Soedan aan de andere kant van de lijn, ‘dan blijven we toch maar thuis dit jaar.’ Ja, superplausibel.

En het lugubere is: bijna niemand verbaast zich nog werkelijk over verhalen als die van Reijmer vanuit Zuidbroek. Alles went, dus ook: de chronisch gebrekkige interpretatie van het begrip ‘menswaardig’. Enige maanden geleden schreef Martijn Stronks in De Groene Amsterdammer over de voortmodderende asielpolitiek, en de permanente staat van crisismanagement.

Stronks beschreef hoe vulgaire en afschuwelijke beelden uiteindelijk altijd een sleur worden. Als je ze maar vaak genoeg ziet, slijt de betekenis ervan, een beetje zoals wanneer je twintig keer hetzelfde woord heel snel achter elkaar uitspreekt. Stronks had het in zijn stuk ook over ‘het leed dat wachten heet’, het wachten als ‘opgeschorte tijd’ die je niet terugkrijgt, en waarvan de schade moeilijk te meten valt.

‘Als de overheid iemand fysiek opsluit,’ schreef Stronks ‘is het onmiddellijk duidelijk dat dit een inmenging vormt op diens basale vrijheidsrechten. Als iemand wordt opgesloten in de tijd is dit minder evident.’

In de verslaggeverscolumn van Ana van Es vroegen bewoners zich maanden geleden al af of Eurohal wel ‘in het systeem staat’, of dat ze werden vergeten. De waarheid is dat het een bewust vergeten is, een vergeten dat systematisch als middel wordt ingezet. In Zuidbroek worden mensen in feite opgesloten in de tijd. De verlammende wetenschap dat jouw tijd buiten je wil om is stilgezet en dat de algemene tijd buiten gewoon doorgaat, moet de lucht in noodopvanglocaties overal in Nederland muf en bedompt maken.

Veroordeeld zonder iets te hebben misdaan.

De straf: eindeloos wachten, zonder te weten waarop.

Je kunt het ‘menswaardig’ noemen, maar veel heeft het daar niet mee te maken.

Source: Volkskrant

Previous

Next