‘Zo, dit is een bijzondere avond’, zegt een stonede zestiger met twinkelende, bruine ogen. Zijn heupen beginnen te wiegen en zijn armen deinen ritmisch mee op de maat van de harde technomuziek die uit de boxen schalt bij de daklozenopvang van de Amsterdamse Regenboog-groep.
Wie er verantwoordelijk is voor de muziek? Dat weet deze verslaafde, dakloze man niet. Maar hij weet wel dat ‘vanavond is als een bloemetje in de woestijn’. ‘Ik ga lekker los!’, zegt hij vrolijk, om dansend te verdwijnen in de rook van de rookmachine.
Achter de dj-set staat Munish Ramlal (40), sinds ruim anderhalf jaar de ombudsman van metropoolregio Amsterdam, waar behalve de hoofdstad ook andere gemeenten in Noord-Holland en Flevoland onder vallen. Soms beweegt de ‘jongste ombudsman ooit’ met zijn vuist in de lucht mee met het ritme, maar het grootste deel van de avond kijkt hij geconcentreerd naar zijn dj-set terwijl een stuk of tien dakloze dansers losgaan op zijn muziek.
Sinds zijn aantreden verrast Ramlal bestuurders graag met zelfgemaakte wandtegeltjes om ze in beweging te zetten. ‘Een klacht is gratis advies’, is een van zijn favorieten. Net als het tegeltje met de spreuk: ‘Als ambtenaren niet zelf nadenken, zijn méér ambtenaren die niet zelf nadenken geen oplossing.’
Ook publiceerde hij de afgelopen tijd meerdere kritische, soms snoeiharde, rapporten over de manier waarop – vooral – de gemeente Amsterdam met burgers en ondernemers omgaat. Zo vindt hij Amsterdam respectloos en onbetrouwbaar in de omgang met marktkooplieden en functioneert de klachtenafdeling van de gemeente beneden peil. Er worden veel mooie woorden gebruikt door het gemeentebestuur, aldus Ramlal, maar in praktijk wordt er onvoldoende geluisterd naar bewoners en te weinig geleerd van fouten. Dat ziet hij bijvoorbeeld terug bij gemeentelijke bouwplannen. Bewoners voelen zich er vaak door overvallen.
Maar Ramlal ontdekte nog iets: veel burgers weten niet waar ze terechtkunnen met klachten, laat staan dat ze hem weten te vinden. ‘Veel mensen kennen het instituut ombudsman niet, of hebben daar een ander beeld bij.’ Daarom introduceerde de in Rotterdam wonende ombudsman – ‘want ook voor mij zijn de Amsterdamse huizenprijzen te hoog’ – een aantal onorthodoxe methodes om de burger op te zoeken. Om de plekken te vinden waar het schuurt tussen bewoners en de overheid.
Zo houdt hij spreekuren op de lokale radiozender van stadsdeel Zuidoost, rijdt hij wekelijks rond in zijn ‘ombulance’ – een blauwe wagen voor de ‘eerste hulp bij bureaucratisch leed’. En op deze lenteavond draait hij als techno-dj voor daklozen. Voor het eerst van zijn leven voor een echt publiek. ‘Tijdens de coronajaren heb ik lessen gevolgd bij de Haagse dj-coach. Mijn enige optredens waren tot nu toe de verjaardag van mijn vrouw en de bruiloft van mijn broer.’ Wordt het een succes? Dan hoopt hij zijn dj-optreden voor daklozen eens in de zes maanden te herhalen.
‘Ik heb nu een paar zaken gehad van mensen die noodgedwongen op straat leefden omdat ze bijvoorbeeld in de systemen tussen wal en schip waren gevallen, of bij het verkeerde gemeenteloket waren beland. Zo had ik een zaak van een 21-jarige studente microbiologie die gevlucht was uit Egypte. Ze was uit een onvrij land gekomen in de hoop hier een veilige haven te treffen, maar ze belandde maandenlang op straat. Dat kwam omdat ze bij het ene gemeentelijke loket verkeerd doorverwezen was naar het andere. Als bij het tweede loket de ambtenaar geïnteresseerd zou zijn geweest in haar verhaal, had hij zich gerealiseerd dat ze zich ergens anders moest melden. Maar hij luisterde onvoldoende. Hierdoor was ze maanden dakloos, terwijl ze eigenlijk recht had op opvang.’
Er zijn meer van zulke zaken, zegt hij. ‘Binnenkort houd ik daarom spreekuur bij de Regenboog Groep, na mijn dj-optreden hoop ik dat deze mensen mij beter weten te vinden.’
‘Wat me opviel, al in de eerste dagen, was dat bewoners zeiden: je bent de eerste die langskomt, de eerste die de tijd neemt om het gesprek te voeren. Ik had verwacht dat de afstand tussen de gemeente en bewoners kleiner zou zijn.
‘Ik had bijvoorbeeld een zaak waarbij een nieuwe flat volgens buurtbewoners te hoog was geworden. Ik had afgesproken met de VVE-voorzitter van de omringende woningen, om het eens vanuit het perspectief van de burger te bekijken. Toen ik zijn woonkamer zat begreep ik de klacht wel. Ik wilde dat de gemeente ook langs zou komen, maar dat wilde de gemeente niet. Toen zeiden de bewoners: als zij niet willen, gaan we procederen.
‘Met die houding organiseer je als gemeente je eigen procedures. Dat is niet in het belang van de stad, niet in het belang van de bewoners en het kost ook nog eens allemaal geld.’
‘Ik wil ook een sixpack.’
‘Ik ben blij dat ze dit zegt. De intentie is er, dat is mooi. Maar als je zoiets wilt, moet je er wel wat voor doen. Ik zie wel allerlei mooie initiatieven, maar dat zijn projecten die buiten de normale organisatie vallen. Ik zie nog geen systematische verbeteringen.’
‘Het is heel simpel: ga gesprekken voeren, leer de stad kennen, ga de straat op. Dat vereist wel een andere mindset. Ambtenaren, en dat geldt overigens niet alleen voor Amsterdam, zijn meldingsgericht gaan werken. Die meldingen worden vervolgens verwerkt in rapportages, daarop worden ambtenaren afgerekend. Maar door alleen naar de meldingen te kijken, verlies je het contact met de buurten, mis je de dingen die niet worden gemeld en wel relevant zijn.
‘Daarnaast is de gemeente Amsterdam als organisatie erg verkokerd, de verschillende diensten zijn op zichzelf gerichte eilandjes. Soms zeggen ambtenaren tegen me: goh, jij kent iedereen, kan jij die ambtenaar van de andere afdeling daar eens niet naar vragen. Dan denk ik: maar jullie werken toch bij dezelfde organisatie?
‘Door die slechte samenwerking krijg je irritaties en misverstanden. Ik heb een zaak gehad van een vrouw die jarenlang een gehandicaptenparkeerkaart had, en opeens kreeg ze 21 parkeerboetes. Ze belde in paniek de gemeente. De ambtenaar zei: in het systeem staat niet dat u een parkeervergunning heeft, ik kan u niet helpen, dient u maar een bezwaar in.
‘Uiteindelijk hebben bestuurskundestudenten van de Hogeschool van Amsterdam de vrouw geholpen door uit te zoeken waar het in het systeem mis is gegaan. Maar je had gewild dat de gemeente zelf had gezegd: hé, dit klinkt vervelend, we gaan eens kijken. Er ontbreekt soms sensitiviteit.’
Om daar beter zicht op te krijgen, wil hij dit najaar een groep studenten inzetten als mysteryguest. Om te zien hoe ze bejegend worden. ‘Ik heb zelf ook weleens als mysteryguest naar de gemeente gebeld. Ik vroeg hoe ik een klacht kon indienen bij de Amsterdamse ombudsman, bij mezelf dus. Dat kregen ze me niet uitgelegd.’
Ramlal werd geboren in Spijkenisse, ‘het Purmerend van Rotterdam’. Aanvankelijk is het zijn droom om hindoepriester te worden. ‘Vanaf mijn 7de ben ik me in het hindoeïsme gaan verdiepen, en de vraag: waarom zijn we hier?’ In die tijd wordt hij veganist, en luistert hij naar Indiase artiesten als Anup Jalota en Hari Om Sharan.
Maar op zijn 18de verandert hij van gedachten en kiest hij voor een studie rechten aan de Erasmus Universiteit. ‘Dat was een scharnierpunt, opeens kwam ik in contact met zoveel culturen.’ Na zijn studie promoveert hij en gaat hij aan de slag voor Alex Brenninkmeijer, destijds de Nationale Ombudsman. De discrepantie tussen de papieren, juridische werkelijkheid en het echte leven, is wat hem fascineert.
In dezelfde periode maakt in zijn privéleven het geloof plaats voor een brede interesse in spiritualiteit. Hij leert vrijer in het leven te staan, helemaal als hij zijn vrouw ontmoet, schrijfster Shantie Singh. ‘Ik was de studiebol van de familie, had altijd heel hard gewerkt. Zij zei: hé relax, geniet van het leven.’ Zo is hij inmiddels flexitariër. ‘Het begon met een haring tijdens een uitje naar het Dolfinarium.’ En in 2019 raakte hij, tijdens een vakantie naar Ibiza, in de ban van technomuziek. ‘We waren bij een optreden van Armin van Buuren, het voelde alsof de muziek dwars door mij heen ging. Ik stond te huilen. Kort erna ben ik begonnen met dj-lessen.’
‘Diemen. Komend najaar organiseer ik voor de Amsterdamse bestuurlijke top daarom een studiereis naar Diemen. Ik heb al best wat aanmeldingen.’
‘Deze gemeente probeert dingen. Neem Diemo de Eend, dat is een boa in een eendenpak. Als ouders bij scholen hun auto’s verkeerd parkeren, komt Diemo de Eend naar hen toe. Ik vind dat je echt lef hebt om als ambtenaar zo’n pak aan te trekken. Je kan ook als strenge handhaver met je bonnenboekje gaan zwaaien, maar Diemo de Eend werkt veel beter. Veel kinderen zeggen nu tegen hun ouder: hé, pap of mam, Diemo vindt het niet goed dat je hier stilstaat.
‘Of ander voorbeeld: een marktkoopman wordt ziek en zijn kinderen nemen de kraam tijdelijk over omdat hun vader anders zijn vergunning verliest. De wethouder loopt zelf even langs om bij hen te informeren of het allemaal wel gaat.’
‘Waar het om gaat is dat Diemen een praktisch ingestelde gemeente is, dat de dienstverlening op orde is en dat men oog heeft voor de menselijke maat. Dat is het geheim van Diemen. Kijk je nu naar Amsterdam, dan wordt er nog te veel gedacht in spreadsheets, regels, protocollen en procedures.
‘Maar tegelijkertijd zie ik, en dat wil ik gezegd hebben, ook in Amsterdam veel bevlogen ambtenaren met lef. Zij worden nu nog in toom gehouden door het systeem. Maar in het bijna afgestorven koraalrif dat de g Source: Volkskrant