Home

De man die alles kan: Bob Schalkwijk fotografeert al meer dan een halve eeuw alles van waarde in Mexico

‘Houd je het nog vol?’, vraagt Bob Schalkwijk (90) grijnzend aan de verslaggever. Nou, die houdt het niet heel lang meer. Dit bezoek is op een zaterdagochtend begonnen en nu is het zondagmiddag en zitten we in een schemerige club, terwijl voor ons een mariachiband op het hoogste volume speelt en een dozijn dansers langszwiert in kleurige pakken en jurken.

Het afgelopen etmaal zijn we kriskras door Mexico-Stad getrokken, hebben we hoja santa, ceviche en guacamole met sprinkhanen gegeten, mescal gedronken (veel mescal), tientallen foto’s uit zijn archief bekeken, de opening van een tentoonstelling over zangeres María de Lourdes bezocht, waarbij ook de Nederlandse ambassadeur aanwezig was, en nu zit Schalkwijk tevreden aan de baco en moet de verslaggever aan het zuurstof.

Het bezoek is begonnen bij de Rotterdamse fotograaf thuis, in de wijk Coyoacán, waar zijn vrouw Nina en hij in 1964 een stuk land hebben gekocht. Het is een prachtig huis, met veel donker houtwerk, een betegeld fornuis, kleden, tapijten, kunstwerken en maskers. In de grote tuin staat nog een gebouw, waar hij zijn atelier heeft. Het is een hoge ruimte met aan het plafond grote doorzichtige vuilniszakken gevuld met lege filmdoosjes die de echo opvangen in deze betonnen doos. In het atelier nog meer boeken, kunstwerken, brillen, een oldtimer, houten skeletten, een echte doka en bovenal foto’s. Dit gebouw bevat het complete archief van Bob Schalkwijk. De foto’s van de Tarahumara (een inheems volk uit Chihuahua), van de bouw van het Aztekenstadion voor de Olympische Spelen in de jaren zestig, van Mexico-Stad na de aardbeving van 1985, van China en India, van Mexicaans glas en reclamecampagnes.

Dan treedt ook een van de beroemdste kunstenaarsechtparen aller tijden uit de schaduw. Schalkwijk is namelijk de fotograaf van alle muurschilderingen van Diego Rivera (1886-1957) en de enige fotograaf die het dagboek van Frida Kahlo (1907-1954) heeft mogen fotograferen. Het facsimile The Diary of Frida Kahlo is nog steeds verkrijgbaar. Rivera en Kahlo hebben zijn hele carrière voor een vast inkomen gezorgd.

Bob Schalkwijk werd in 1933 geboren in Rotterdam. Het gezin woonde daarna in Wassenaar, waar ze de Hongerwinter ternauwernood overleefden. ‘In 1944 ben ik er bijna aan onderdoor gegaan. Ik kan me nog herinneren dat ik achter op de fiets bij mijn moeder zat, naar een boer in Leiderdorp, die winterpenen uit een kuil verkocht. We stonden nog in de rij toen die boer zei: ‘Ik houd op, want ik ben doodmoe.’ Dat was natuurlijk ook zo. Hij gooide de kuil dicht en mijn moeder fietste zonder eten weer terug naar Wassenaar. Maar ik heb het gehaald en heb sindsdien een groot respect voor het menselijk lichaam, dat na een dergelijke periode weer terug kan komen en sterk kan worden. Na de oorlog werd ik naar een boerderij gestuurd om wat bij te komen. Daar woonden aardige mensen. Daarna ging het leren ook weer beter. Ik kan me nog het eerste brood herinneren dat we na de oorlog kregen, met Deense boter. Het beste taartje dat ik ooit heb gegeten. Die voldoening vergeet je nooit meer.’

In de jaren vijftig vertrok Schalkwijk naar de Verenigde Staten om te studeren. In 1958 kwam hij voor het eerst naar Mexico, in een oude Volkswagen Kever. Een jaar later vestigde hij zich er definitief. Hij trouwde met de Amerikaanse Nina – zij is in 2004 overleden – en ze kregen vijf zonen. Met zijn vrouw en kinderen heeft hij nooit Nederlands gesproken, en dus is zijn taal bevroren in de tijd. Een beschaafd Polygoongeluid, doorspekt met woorden als ‘heur’ en ‘vrind’. Hij spreekt het nog wonderbaarlijk goed. Toen hij vier maanden vrij had van zijn studie petroleumtechnologie aan de Universiteit van Stanford, ging Schalkwijk naar Mexico om Spaans te leren. Hij was altijd al een amateurfotograaf geweest (zijn eerste verkochte foto was van Louis Armstrong in het Concertgebouw in Amsterdam in 1952) en hier kwam hij in aanraking met Mexicanen die geïnteresseerd waren in een soort fotografie die hij zich misschien eigen zou kunnen maken: reproducties van schilderijen.

De eerste opdracht voor de schilderijen van Diego Rivera kwam van de staatssecretaris van onderwijs, die een boek wilde hebben over de muurschilderingen in het Nationaal Paleis in Mexico-Stad (het regeringsgebouw), voor het geval er een aardbeving zou komen. Diego Rivera werkte van 1929 tot en met 1935 aan de muurschildering in het trappenhuis; hij verbeeldt de geschiedenis van Mexico en beslaat 450 vierkante meter. ‘Het fotograferen van die muurschilderingen was verschrikkelijk veel werk. Je moest het licht precies goed hebben. Ik gebruikte meerdere flitslichten met filters. Lampen aan alle kanten, en maar meten. We maakten die foto’s ’s nachts, als er niemand was. Dan kwam ik om zes uur ’s avonds het ministerie binnen en liep ik er de volgende ochtend pas om tien uur weer uit.’

Uiteindelijk zou hij bijna alle muurschilderingen van Rivera in Mexico fotograferen; die ruim duizend foto’s worden tot op de dag van vandaag gebruikt in musea en lesboeken.

Alle foto’s die Schalkwijk de afgelopen decennia heeft gemaakt, worden nu gedigitaliseerd. Van de 600 tot 700 duizend foto’s zijn er nu zo’n 100 duizend gearchiveerd. ‘Elke dag komen er een paar bij. Er kunnen veel fouten worden gemaakt, en dat gebeurt dan ook. Zoals het verkeerd nummeren van de foto's. Maar het gaat steeds beter. We doen het met zijn zessen. De moeilijkheid is dat ik problemen begin te krijgen met mijn geheugen, zodat we niet alle informatie over foto’s hebben. Daar kun je verdomd weinig aan doen. Als 24-jarige ben ik begonnen met portretten maken van mensen op straat. Nu zeggen mensen dat je altijd moet opschrijven wat je precies doet, maar ja, ga je opschrijven of ga je foto’s nemen? Het gebeurt nogal eens dat mensen van oude foto’s zeggen: dat is mijn familie. Dat is geluk. Godzijdank is mijn zoon Adriaan mijn curator. En mijn vriendin, fotohistoricus Gina Rodríguez Hernández, vindt het prachtig om de geschiedenis te onderzoeken.’

Waar veel fotografen zich specialiseren in één type fotografie, kenmerkt Schalkwijks oeuvre zich juist door zijn veelzijdigheid. ‘Het grote voordeel van de fotografie is dat je wel honderd verschillende dingen kunt fotograferen met dezelfde camera’s en apparatuur. Ik heb allerlei soorten foto’s gemaakt. Het ene moment een openhartoperatie, het volgende moment een mooie meid. Ik heb altijd iets nieuws leuk gevonden en dat heb ik nog steeds. Sinds 2005 fotografeer ik digitaal, tegenwoordig met een klein cameraatje. Je moet altijd blijven observeren, ik kijk nooit niet.’

‘Ik heb nu niet zo veel energie meer, maar vroeger werkte ik veertien uur per dag. Als je het leuk vindt, is het geen werk. Ik geloof dat er twee beloningen zijn: met geld dat je nodig hebt om van te leven, en met lol. Als je er geen lol in hebt, is het veel moeilijker. Eén ding doen als fotograaf, dat heb ik nooit begrepen. Dan verdien je wel goed, maar dat is toch niet alles?’

Hij woont nu bijna zeventig jaar in Mexico. In die tijd zijn er veertig fotoboeken uitgebracht en tientallen tentoonstellingen met zijn werk georganiseerd. Toch voelt hij zich nog steeds een Nederlander. ‘Dat zal ik nooit verliezen. Je kunt het niet opgeven, want het zit erin.’

Op 6 mei werd hij 90 jaar. Zijn verjaardag vierde hij met een jarentwintigfeestje bij hem thuis, ‘met zo’n 120 mensen’. Alle mannen hadden hun snor laten staan. Hij komt net terug van het Festival Internacional de la Imagen in Pachuca, waar hij een eerbetoon ontving. Deze maand opent een tentoonstelling over zijn loopbaan in het Centro de la Imagen in Mexico-Stad. ‘Het is vreselijk druk, ik heb nu wel zin om een paar weken vakantie te nemen.’

Heeft hij nog een wens op fotografiegebied? ‘Ik heb nog nooit een tentoonstelling in Nederland gehad, dat zou ik dolgraag willen.’

Diego Rivera

Diego Rivera (1886-1957) was een Mexicaanse muralist. Het Mexicaanse muralisme kwam op na de revolutie van 1910. De grote muurschilderingen verbeeldden de geschiedenis, heden en toekomst van Mexico en hadden een politieke boodschap. De marxistische Rivera schilderde de inheemse bevolking en de werkende klasse, met elementen uit het kubisme en de traditionele Azteekse kunst. Epopeya del pueblo mexicano, met een oppervlakte van 276 vierkante meter, behoort tot zijn bekendste werken. Zijn derde vrouw was de surrealistische kunstschilder Frida Kahlo (1907-1954). Ze trouwden tweemaal en bleven tot haar dood samen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next