Home

Wat willen mannen duidelijk maken met hun statement sokken?

Wanneer ik ’s ochtends nietsvermoedend in de trein van Utrecht naar Den Haag stap, word ik overweldigd door de hoeveelheid blauw die op me afkomt. Op links zie ik Navy Herringbone, en op rechts flitst Midnight Blue voorbij. De blauwe oase werkt als een koortsige fata morgana op mijn brein: overal verschijnen pantalons, hemden, gilets en blazers. Blauw is zonder meer favoriet onder deze generatie overheidsfunctionarissen, constateer ik.

Het conducteursfluitje blaast. Wanneer iedereen van rechtopstaande naar zittende houding wisselt, begrijp ik ineens hoe wit in essentie een combinatie is van alle spectrale kleuren. Langzaam opkruipend onthullen de omsingelende broekspijpen, als een opgetrokken gordijn, een veelheid aan kleuren en patronen die met duizelingwekkende snelheid op mij afkomt. Rood, geel, groen en paars passeren allemaal de revue terwijl ik wit zie. Plotseling weet ik wat me overkomt: ik zie Happy Socks. Alleen maar Happy Socks.

Dan maakt duizeling plaats voor medelijden. Hoe komt het dat al deze mannen op deze ochtend hun meest kleurrijke paar kousen uit de la hebben getrokken? Willen zij met hun Happy Socks kenbaar maken dat er meer schuilt achter de traditionele huls die hun lichaam versiert? Is het een protestdaad om zich vrij te vechten van de onderdrukking van het blauwe Suitsupply pak? Bieden statement-sokken dan écht dat laatste greintje soelaas in de anderszins zo uniforme blauw-paarse menigte?

Deze gedachten volgen elkaar als relaas in mijn hoofd op. Ik kijk weer omhoog en word getroost door de totale staat van onwetendheid waarin deze mannen zelf verkeren. Onbekommerd en tevreden doezelen zij in om van wat laatste minuten slaap te genieten. De Happy Socks lijken hun werk goed te doen.
Oscar Weusten, Utrecht

Erik Jurgens vindt dierenrechten onuitvoerbaar en vooral overbodig binnen het huidige rechtssysteem. Het lijkt me niet nodig om lang stil te staan bij de uitgangspunten van Jurgens. Vanuit welke praktijken redeneren we als we zeggen dat dierenrechten onuitvoerbaar zijn? Is het bijvoorbeeld onuitvoerbaar om dieren in de intensieve veehouderij te beschermen?

En helaas mogen we het vermogen van ieder mens om ethisch te handelen niet overschatten, al is het maar omdat het nogal moeilijk blijkt om vast te stellen wat nu precies ethisch handelen is. Hadden we maar iets als een grondwettelijke verklaring, waarin we collectief bepalen wat een goed dierenleven is en wat je vooral niet en wel met ­dieren mag doen.

Belangrijker lijkt me de vraag hoe dierenrechten te koppelen aan de zorg voor mensengemeenschappen en de natuur in bredere zin, om bijvoorbeeld illegale houtkap en stroperij tegen te gaan. En of instituties als het Openbaar Ministerie of zelfs ons huidige parlement wel werken om dierenrechten te handhaven en dieren te vertegenwoordigen.

Hebben we misschien iets nieuws ­nodig? Dierenrechten zijn rechtvaardig, maar net als voor mensen is vervolgens de grootste uitdaging om – met dieren? – te bepalen welke politiek-ideologische principes aan die rechten ten grondslag moeten liggen.
Paul van Dijk, Utrecht

Laten wij om te beginnen niet meer spreken over ‘mens en dier’, maar over ‘mens en andere dieren’ of, nog beter, over ‘mens en niet-menselijke dieren’. Dat brengt het zoogdier ‘mens’ wat beter in verhouding tot zijn mededieren.
Gerhard Elferink, Rhenen

Max Pam beschrijft in zijn column zijn ervaringen met Eliza, die de meest exclusieve vakantiebestemmingen voorspiegelt. Eliza is in zijn ogen een chique Engelse dame die zich per Bentley van de ene feeërieke plek naar de andere laat verplaatsen. Hij ontwaakt ruw uit zijn droom; Eliza bestaat niet. Sunweb wel.

Ook mijn Mr. Marvis blijkt door snelle jongens verzonnen. Dagelijks word ik door hem bestookt met beelden van ­vrolijke kwajongens in makkelijke vrijetijdsbroeken die uit speedboten duiken, elkaar met sneeuwballen te lijf gaan of gierend van de lach in en uit cabrio’s springen. Mijn Mr. Marvis spiegelt me een wereld voor waarin het deze flierefluiters aan niets ontbreekt. Niks geen studieschuld of klimaatstress, maar lente in Toscane, zomer aan de Riviera en ’s winters chillen in de laatste sneeuw­rijke Alpenresorts.

Zo zou je ook wel door het bestaan willen stuiteren. Begeleid door mijn, wat bezadigder, Mr. Marvis. Een rijzige man van in de vijftig, klein buikje, grijzend aan de slapen, maatpakken, lekkere luchtjes. Af en toe op bezoek in een van zijn fabrieken. Genoeglijk kuierend door een hal, minzaam koutend met de meisjes achter de naaimachines. Af en toe in het voorbijgaan een olijkheidje en een snelle blik op de cijfers. Om daarna plaats te nemen op een terrasje aan zee voor gegrilde zeevruchten met chablis.

Zo’n man dus, maar mijn Mr. Marvis bestaat niet. Er is wel een ‘chief operating officer’, er is een bussinesplan en er zijn targets. De wereld wil bedrogen worden. Met mij voorop.
Niek Kalberg, Groningen

Leuke serie over AI, de kunstmatige intelligentie, in de krant deze week. Hoewel de teneur er één is van ‘pas op, kijk uit’ met AI, moeten we toch ook de mogelijkheden ervan bij softwareontwikkeling niet onderschatten.

Op YouTube vind je al voorbeelden hoe je ChatGPT programma’s kunt laten schrijven in Python. Misschien een idee voor onze belastingdienst, die vanwege achterhaalde software en daarmee gepaard gaand gebrek aan ondersteuning én ontwikkeling niet in staat is om alle Kamerwensen te vervullen?

Laat ChatGPT een nieuw pakket ontwikkelen in Python. En daarna zichzelf laten controleren op correctheid. Neem als testcase de toeslagenaffaire. Als dat lukt, is de rest een eitje.
Aloys Oostrik, Wageningen

Nu steeds duidelijker wordt dat AI de toekomst heeft en wij mensen steeds meer zelf de bottleneck worden, vraag ik mij af waarom we weinig meer horen over de zelfrijdende auto. Want wat zou het toch heerlijk zijn om je op zondagochtend nog even lekker in je bedje om te draaien, terwijl je auto al het obligate tochtje door de natuur rijdt.
Diederick van Deventer, Boskoop

Als reactie op een onderzoek merkte Adrianne Dercksen op dat zij zich juist wel veel gesprekken herinnert. Zij meent dat het niet ontluisterend is dat mensen zich niet meer herinneren wat de inhoud van de gesprekken was die ze zelf hebben gevoerd of de gesprekken die ze hoorden van anderen, maar dat de kwaliteit van veel gesprekken betreurenswaardig is.

Er zit volgens haar ‘geen lijn’ in de meeste gesprekken die zij hoort. Deze gesprekken zijn monologen en de dialoog ontbreekt veelal. Dat er geen lijn in een gesprek zit, lijkt mij niet het grootste probleem. Maar wel dat mensen geneigd zijn liever monologen te houden dan oprechte interesse in de gesprekspartner te uiten door vragen te stellen.

Het is fijn dat er de laatste jaren in het onderwijs meer aandacht wordt besteed aan spreken in het openbaar en debatteren. Maar een goed gesprek kunnen voeren dat uit een dialoog bestaat, in plaats van een aaneenschakeling van monologen, is ook een onschatbare vaardigheid.

Ik raad aan om het boek Socrates op sneakers van Elke Wis op de middelbare school te gebruiken bij het vak Nederlands. Uit dit boek blijkt dat wat Socrates ongeveer 2.500 jaar geleden deed, nog steeds actueel is en ook in onze maatschappij past. Het voeren van een goed gesprek, waarin belangstelling voor de gesprekspartner bestaat en waarin ­iedereen zich gehoord voelt, werkt ­namelijk productief en verbindend.
Linda Sibbing, Breukelen

Ik lees mijn krantje. Een aanbieding voor een onkruidborstel. Irritante lui van Koopjedeal denk ik meteen. Ik kijk nog eens. In de Volkskrant-webshop? Een klap in het gezicht van de fantastische Volkskrant-journalisten Caspar Janssen en Jean-Pierre Geelen, wier artikelen in één klap virtueel door de plee worden gespoeld.

Heel Nederland is aan het tegel­wippen. Iedereen met een groen hart probeert tuinen en straten biodiverser te krijgen. Ik ben met mijn buurt de planten en dieren aan het inventariseren. Al bijna duizend soorten in goed twee maanden. Een substantieel deel daarvan gewoon langs de stoep en tussen de tegels. Maar mijn Volkskrant probeert me een elektrisch apparaat van 89,95 (nu voor 75) euro aan te smeren om deze prachtige plantjes te vernietigen.

Caspar en Jean-Pierre, wip even langs bij de afdeling webshop voordat er in het najaar een Volkskrant-bladblazer op de markt komt.
Erik en Boer, Oosterbeek

Dat de flexwoningen liggen te verstoffen in de magazijnen van de bouwers is een enorme opsteker voor het gezonde verstand en voor alle mensen die het aanzien van Nederland een warm hart toedragen en dat zijn er gelukkig heel veel. De architecten en andere ruimtelijk ontwerpers zijn heel lang als gekke henkies weggezet. Natuurlijk zijn ze dat ook enigszins, maar ook de ruimtelijke ordening heeft zijn Wanjka’s nodig, die net als in Slauerhoffs gedicht ogenschijnlijk zinloos blijven spelen op hun fluit.
Arjan Hebly, Delft

Toen ik mijn boeken in verhuisdozen pakte, kwam ik Huishoudboekje met rozijnen van Source: Volkskrant

Previous

Next