N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
Het Pakistaans Hooggerechtshof stelt dat de onlangs opgepakte Pakistaanse oud-premier Imran Khan moet worden vrijgelaten. Dat melden Pakistaanse media donderdagmiddag. De aanhouding van de 70-jarige voormalige regeringsleider leidt al dagen tot onrust en rellen in het land.
Khan werd dinsdag opgepakt in verband met een universiteit die hij heeft opgericht, waarvoor stukken grond onrechtmatig van eigenaar zouden zijn gewisseld. De oud-premier, tevens leider van de grootste oppositiepartij, noemde de aanhouding zelf een poging om zijn politieke campagne te saboteren en te voorkomen dat hij demonstraties op touw zet. Zijn partij noemde de arrestatie een „ontvoering” en riep op tot protesten, waar duizenden aanhangers gehoor aan gaven. Meer dan tweeduizend betogers werden opgepakt.
Daarin lijkt Khan nu gelijk te krijgen: het Pakistaans Hooggerechtshof noemde zijn arrestatie „illegaal”. Khan zei zelf bij de zitting van donderdag dat hij met stokken geslagen is en sprak eveneens van een „kidnapping”. De rechtszaak waarvoor hij werd opgepakt is slechts één van de tientallen zaken die in een jaar tijd tegen de oud-premier is aangespannen.
Imran Khan werd na een lange carrière als parlementslid in 2018 premier. In 2022 werd hij na een motie van wantrouwen afgezet, omdat hij niet in staat was gebleken de penibele economische situatie in het land het hoofd te bieden. Eerder was hij al de steun van de krijgsmacht verloren, een machtsfactor van belang in Pakistan. Khan noemde zijn afzetting onwettig en beschuldigde zijn opvolger, Shehbaz Sharif, ervan samen met het leger onder een hoedje te spelen met de Verenigde Staten.
Khan wijst dan ook naar de coalitie van Sharif als boosdoener achter zijn arrestatie. In november werd de oppositieleider tijdens een protestmars in zijn been geschoten. Volgens Khan is een hoge Pakistaanse militair daarvoor verantwoordelijk.
U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.
Source: NRC