Home

Zelfs een ui is peperduur in de Turkse plaats Kayseri, toch maakt Erdogan goede sier met de economie

‘De economie’, dat kan in de aanloop naar de Turkse verkiezingen van komende zondag twee heel verschillende dingen betekenen.

De eerste betekenis krijgt vorm op de Erciyes, de op vijf na hoogste berg van Turkije. Daar is de afgelopen tien jaar een skiresort aangelegd, het grootste en modernste van Turkije.

Hotel na hotel verrees op de flanken van de ooit vulkanische berg, met een capaciteit van 2.500 bedden, een aantal dat over vijf jaar moet zijn verdubbeld. De toeristen komen uit Rusland, Polen en tot vorig jaar Oekraïne. ‘Maar ons uiteindelijke doel is de Europese markt’, zegt Murat Cahid Cingi, tot voor kort manager van het resort.

Wie met de skilift naar 2.650 meter gaat, begin mei net boven de sneeuwgrens, heeft een prachtig uitzicht over Kayseri, een stad in Centraal-Anatolië met anderhalf miljoen inwoners. Die haalden tien jaar geleden nog de schouders op over de berg. De Erciyes stond daar maar zo’n beetje, al sinds mensenheugenis. Niemand interesseerde zich ervoor.

Dat is radicaal veranderd. Toerisme is nu een voorname inkomstenbron van wat sinds de jaren vijftig een industriestad was, een van de ‘Anatolische Tijgers’, steden die de gelovige middenklasse voortbrachten waarvan president Erdogans AK-partij het product is. Een ondernemende middenklasse ook, dus heeft niemand er problemen mee dat ’s winters op de berghellingen glühwein wordt geschonken.

Het skiresort, eigendom van de door de AKP bestuurde stad, is een voorbeeld van het soort projecten waarmee de Turkse president in de verkiezingscampagne goede sier maakt. Een schutting tegenover het partijkantoor in Kayseri is daar getuige van. Een vijftiental grote posters somt het op: de elektrische auto TOGG, vliegvelden en snelwegen, de Bayraktar-drone, Teknofest, een technologieproject voor jongeren.

De boodschap is duidelijk. De economische successen van de regering-Erdogan zijn een van haar belangrijkste troeven in de strijd om de kiezersgunst.

Maar dan hebben we het over één definitie van ‘de economie’. De andere betekenis krijgt vorm in en rond Ikinci Bahar (Tweede Lente), een klein restaurant met biologische gerechten in het centrum van Kayseri.

Eigenaresse Hatice Kaya (53) doet hier wat miljoenen Turken elke dag doen: zich beklagen over de kosten van levensonderhoud. De inflatie in Turkije liep de afgelopen jaren gierend uit de hand, tot boven de 85 procent (waarschijnlijk een sterk geflatteerd cijfer). ‘Vorig jaar kocht ik een kilo tomaten voor 5 lira, nu betaal ik 25 lira.’

De huur van de winkel is in een jaar verdubbeld, de prijzen in haar restaurant heeft ze zodanig moeten verhogen dat de klandizie is teruggelopen. ‘We werken hard, maar de winstmarge wordt steeds kleiner’, zegt Kaya.

Geërgerd doet ze verslag van een discussie die ze zojuist had met twee klanten, Duits-Turkse mannen op familiebezoek in Kayseri. ‘Zij verdienen goed, ze kunnen dankzij de zwakke lira veel uitgeven. En dan denken ze dat wij het ook goed hebben.’

Kemal Kılıçdaroglu, leider van de oppositiepartij CHP en tegenkandidaat van Erdogan bij de presidentsverkiezingen, heeft de ui tot speerpunt van zijn campagne gemaakt. De prijs van de groente ging al een paar keer over de kop en als Erdogan aan de macht blijft zal dat volgens de CHP-leider spoedig nog drie keer gebeuren.

‘Onzin’, zegt Vedat Arikan, campagneleider van de AKP in Kayseri. ‘We gaan al een maand de straat op om met kiezers te praten. We horen niemand klagen over de economie. Met ‘een op de honderd’ overdrijf ik al.’

Kosten van levensonderhoud als verkiezingsthema, is volgens Arikan iets van vroeger. Hij wijst op het minimumloon, dat het afgelopen jaar ruim werd verdubbeld.

Of de schatkist niet bezwijkt onder dit cadeautje van Erdogan aan de kiezer zal pas na de verkiezingen blijken; ook de kosten van de wederopbouw na de aardbeving zullen zich dan doen gevoelen.

Het zijn zorgen die aan het bedrijfsleven van Kayseri deels voorbijgaan. De ondernemers in de Industriële Zone van de stad opereren niet alleen fysiek in een soort enclave, 22 miljoen vierkante meter groot, maar ook in financieel-economisch opzicht: ze gaan hun eigen gang, vrijwel los van welke regeringsbemoeienis dan ook.

Meer dan de helft van de omzet van de 1.500 bedrijven is voor de export: meubels, stalen deuren, huishoudelektronica en spijkerbroeken met name. Van de zwakke lira hebben de exporteurs geen last, integendeel. Mehmet Yalçin (47), directeur van de Industriële Zone, denkt dat de export zal stijgen van 3,9 miljard euro vorig jaar tot misschien wel 5 miljard dit jaar. ‘We zitten nooit zonder werk. Er is geen crisis’, zegt hij.

Het zijn dit soort cijfers die door de regering worden benadrukt om de kiezer over te halen de huidige president nog een termijn te geven. Over de wenselijkheid daarvan laat Yalçin zich wijselijk niet uit. Hoewel? ‘De ondernemers in Kayseri willen stabiliteit’, zegt hij. Die krijg je niet, legt hij uit, met een president en maar liefst acht vicepresidenten, zoals de oppositie wil. Dus toch een stemadvies? ‘Nee, ik vat samen wat mijn leden zeggen. Zij vinden dat Erdogan al 21 jaar stabiliteit brengt.’

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next