Home

Paula Blom drijft al veertig jaar haar eigen concertzaal: ‘We organiseren concerten waarvan iedereen kan komen genieten’

‘Ik kom even bedelen’, zegt Paula Blom. Het is een zondagmiddag in april en niemand komt om haar heen in ’t Mosterdzaadje, een miniconcertzaal in Santpoort-Noord. Zojuist klonk applaus voor het pianoduo Tableaux, nu is het tijd om de bijval te vertalen in euro’s. ‘Tien is de richtlijn, meer of minder mag ook.’ En door vlindert Blom naar de volgende bezoeker.

Zo doet ze het twee keer per week, tachtig concerten per seizoen. En dat al sinds 1983. Ruwweg telt dat op tot 3.200 concerten en 128.000 bezoekers. Nederland telt meer klassiekemuziekseries die worden gedreven door vrijwilligers, van Stichting Kamermuziek Almelo tot Podium Pfanner in Arcen. Maar niemand heeft wat Santpoort heeft: Paula Blom. Zonder subsidie houdt ze haar zaaltje in privébezit al vier decennia draaiend.

‘Ik vind het zelf ook wonderbaarlijk’, zegt Blom (73, hennahaar, rode laarsjes). ‘Als je zoiets begint, reken je er niet op dat je het veertig jaar later nog altijd doet. Het werk is er eerlijk gezegd niet minder op geworden. Vooral met de publiciteit blijft het leuren, leuren, leuren.’

Als kind huppelde Blom hier al voorbij. Ze zag een knus kerkje met hoge ramen dat stond te verpieteren. Later, getrouwd met Pim, kocht ze het pand en knapte het op. ‘Ons idee was: we organiseren concerten waarvan iedereen kan komen genieten. Als we geen entree heffen, dachten we, voelt niemand een drempel. We kwamen er al gauw achter dat het zo niet werkt. Zelfs als klassieke muziek gratis is, ervaren veel mensen een drempel.’

Vanmiddag zijn zo’n veertig van de zeventig stoelen gevuld. Het publiek is overwegend ouder. Blom schiet af op twee onbekende gezichten. ‘Volgens mij zijn jullie nieuw hier?’ Tja, zegt Jeannette Waage, ‘je krijgt er in ’t Mosterdzaadje een familie bij.’ Waage behoort tot het legertje vrijwilligers dat Blom helpt met hand-en-spandiensten. Ze kruipt geregeld achter een tafeltje met audioapparatuur. Want ook dat is een traditie van het eerste uur: wie hier optreedt, krijgt de opname mee. Op zolder liggen de originelen, een sluimerend archief.

De naam van het gebouw stamt uit 1887, toen het als kerkje zijn deuren opende. Uit het minuscule mosterdzaadje, schrijft het Bijbelboek Matteüs, groeit een boom waarin vogels kunnen nestelen. Past nog altijd perfect: sinds 1983 zijn hier generaties musici voorbijgekomen. Blom: ‘Aanvankelijk vooral studenten van het Amsterdams conservatorium. Ik had er een briefje opgehangen: wie wil spelen in ons kerkje? Een vleugel is aanwezig.’

Al snel kwamen er ook beroeps, onder wie de beroemdste stamgast, de cellist Pieter Wispelwey. Tegenwoordig krijgt Blom bijna dagelijks mail van musici die willen optreden. ‘En niet alleen uit Nederland. Ze komen uit Londen, Noorwegen, Servië. Ze vinden het een feest om hier te spelen.’

De muziek mogen ze zelf kiezen. Blom zal artiesten niet vermoeien met een ‘denk aan het publiek’, of zachte dwang uitoefenen om een straffe Boulez te vervangen door een vlotte Einaudi. ‘Met Chopin op het programma staat er een halfuur voor aanvang een rij. Bij een Frans liedrecital ben ik al blij met twintig bezoekers. Vroeger dacht ik dan: kon ik maar een blik mensen opentrekken. Maar de musici zeggen steevast: Paula, desnoods spelen we alleen voor jou.’

Ze ontvangt ze dan ook hartelijk. ’Waar zijn jullie aan toe?’, krijgen de pianisten Ischico Velzel en Anna Michels te horen, die samen het duo Tableaux vormen. ‘Koffie, een stukje paasbrood, soep?’ Dankzij vierhonderd donateurs zijn de honoraria die de zaal betaalt fatsoenlijk. Neem vandaag, zegt Blom: ‘Ischico en Anna krijgen gegarandeerd 400 euro. Haal ik minder op, pas ik bij. Haal ik meer op, krijgen zij het. In coronatijd hebben we alle musici uitbetaald, ook al konden ze niet komen spelen. Hoeveel series zeggen ons dat na?’

Blom beseft dat haar gedrevenheid ook een keerzijde heeft. ‘Mijn twee kinderen hebben een drukke moeder gehad, ik was eeuwig in de weer met ’t Mosterdzaadje. En een superoma ben ik ook al niet, zo iemand die heel de dag gezellig spelletjes doet. Toen mijn man in 2016 overleed, dachten sommigen: dat gaat ze niet redden. Maar ook al is hij er niet meer, Pim blijft mijn stille kracht.’

Steeds vaker haalt ze haar drive ook uit de familiehistorie. Bloms vader, joods, dook in de oorlog onder bij haar moeder, gereformeerd. ‘In hartje Amsterdam hebben ze het samen overleefd. Dan denk ik: ik ben dankbaar dat ik leef. ’t Mosterdzaadje is mijn manier om een mooiere en betere wereld te maken.’

Natuurlijk komt er een tijd van loslaten. ‘Ooit vind ik het mooi geweest, bijvoorbeeld als ik dingen ga vergeten. Dan neemt mijn schoondochter Dasha Beltiukova het over, ze is musicus en woont hiernaast. Ik hoop dat ik dan een vaste stoel krijg. Kan ik lekker blijven genieten.’

Jubileumconcert door Dasha Beltiukova en vrienden, 12/5, ’t Mosterdzaadje, Santpoort-Noord.

Behalve een concertzaal is ’t Mosterdzaadje ook een expositieruimte. ‘We kijken er een maand lang naar’, schrijft de website, ‘dus we moeten het wel ‘mooi’ vinden.’ In mei hangt en staat er werk van Joop Vermeij, de Santpoortse beeldend kunstenaar die de traditie bij de opening in 1983 heeft afgetrapt.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next