De fans van Napoli moesten een paar dagen langer geduld hebben. Een late tegentreffer voorkwam dat de club zondag al kampioen werd, maar na het gelijkspel tegen Udinese donderdag is de titel binnen. Het is het meesterwerk van trainer Luciano Spalletti (64), die eindelijk zijn eerste scudetto heeft gewonnen.
‘Spalletti, we geven je je Panda terug als je maar vertrekt’, stond er eind vorig seizoen plots op een spandoek in het Diego Armando Maradano-stadion. De Fiat van de trainer was tot zijn grote verdriet een half jaar daarvoor gestolen. De fans zagen hun ploeg wegzakken naar de derde plek en vreesden dat het onder Spalletti nooit zou lukken om kampioen te worden.
‘Ik zou eerst moeten zien in welke staat ze de Panda teruggeven’, reageerde Spalletti met een glimlach. ‘En vooral of de cd’s van Pino Daniele (een overleden Napolitaanse zanger, red) er nog zijn. Als ik die niet zie, neem ik hem niet terug.’
Over de auteur
Dirk Jacob Nieuwboer is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft over voetbal en handbal. Hij was eerder correspondent Turkije en politiek journalist.
De geboren Toscaan bleef in Napels en maakt nu korte metten met zijn dubieuze reputatie van een vakman – dat wel – die in Italië nooit kampioen werd. Bij zijn enige internationale uitstapje als opvolger van Dick Advocaat bij Zenit St. Petersburg lukte dat wel, maar bij de Italiaanse topclubs AS Roma en Internazionale greep hij steeds naast de titel.
José Mourinho wreef hem dat in 2009 hardhandig in. De toenmalige trainer van Inter vond dat zijn ploeg te veel kritiek kreeg en wees naar Spalletti. ‘Niemand heeft het over Roma dat fantastische spelers heeft, veel spelers die ik zou willen hebben, maar dat het seizoen zal eindigen met zero tituli.’
Spalletti’s Roma haalde inderdaad nul titels en de uitspraak van Mourinho bleef hem lang achtervolgen. In Rome herinneren ze zich Spalletti bovendien als de trainer die sterspeler Francesco Totti tot wanhoop dreef. In zijn autobiografie heeft de clublegende geen goed woord over voor de manier waarop hij in zijn laatste jaar op een zijspoor werd gezet.
Toch zal Spalletti vooral de geschiedenis in gaan als een van de trainers die in de afgelopen decennia het Italiaanse voetbal flink hebben veranderd. Met coaches als Maurizio Sarri (voorheen Napels, Chelsea en Juventus, nu Lazio) en Gian Piero Gasperini (Atalanta Bergamo) heeft hij laten zien dat Italiaanse teams niet voorbestemd zijn voor catenaccio, maar ook aantrekkelijk, aanvallend voetbal kunnen spelen.
De Toscaan kwam zelf als speler niet verder dan de Serie C en maakte in 1994 bij Empoli de overstap van het veld naar de bank. Hij brak door toen hij met het bescheiden Udinese goed presteerde, met als hoogtepunt een vierde plek en plaatsing voor de Champions League in 2005.
In die tijd liet hij zijn ploegen nog vaak 3-5-2 spelen, het systeem waarover hij op de trainersopleiding zijn afsluitende scriptie schreef. Die zat zo goed in elkaar dat hij er het hoogste cijfer voor kreeg en cum laude afstudeerde. Maar een systeemfundamentalist is hij nooit geweest.
‘Systemen bestaan niet meer in het huidige voetbal’, zei hij zelfs in het najaar nadat Napoli twee keer dik had gewonnen van Ajax. ‘Het gaat allemaal om de ruimtes die tegenstanders laten. Je moet snel zijn om het goede moment te zien om toe te kunnen slaan.’
Met het flitsende combinatievoetbal van Napoli dit jaar geeft hij het goede voorbeeld. Steraanvallers Kvicha Kvaratskhelia en Victor Osimhen vallen daarin het meest op, maar Spalletti wordt vooral geprezen omdat hij ook het beste haalt uit mindere goden.
‘Ik probeer uit te vinden wat hun sterke punten zijn en maak van hen de hoofdrolspelers’, zegt hij daar zelf over. ‘Ik probeer hun verborgen kwaliteiten te vinden.’ Het is altijd zijn droom is geweest om te werken met spelers die hij als kind alleen op tv kon zien. ‘Ik word echt verliefd op mijn spelers.’
Spalletti denkt aan ze als hij door de heuvels loopt van La Rimessa, zijn Toscaanse landgoed. Daar heeft hij nog een Panda. De trainer vermaakt zich daar onder meer met het voeren van biscuitjes aan zijn eend Sneeuwwitje, maar hij gebruikt zijn tijd vooral om nieuwe ideeën voor zijn team te bedenken.
‘De stilte van de heuvels is het mooiste in de wereld’, zegt hij. ‘Omdat je de rust vindt om na te denken, je voelt je een beetje als een monnik in een klooster.’
Relikwieën verzamelt hij in de kelder van zijn huis. Honderden voetbalshirts hangen er, keurig op een rijtje. Ook veel van Totti, de man met wie hij zo hard botste, maar die Spalletti nog altijd een van de beste coaches vindt die hij ooit heeft gehad. ‘Niemand zet een team neer zoals hij dat doet.’
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden