Ik zal mijn kaart maar meteen op tafel gooien. Ik verlang naar een groots en veelomvattend plan dat de toekomst verbeeldt en de weg ernaartoe uitzet. Naar een Plan van de Arbeid om precies te zijn. En om nog exacter te zijn naar een nieuw Plan van de Arbeid, want in 1935 is er al eens één geschreven.
De belangrijkste auteur was de latere Nobelprijswinnaar economie Jan Tinbergen. Het was een antwoord op de diepe crisis van die jaren. Een manier om hoop te geven in een tijd die voor veel tijdgenoten uitzichtloos leek.
Over de auteur
Michiel Zonneveld is journalist. Hij presenteert maandag 1 mei in het Amsterdamse Pakhuis De Zwijger zijn boek Plan van de Arbeid (uitgeverij Querido) en gaat daar in gesprek met vertegenwoordigers van de vakbeweging en milieubeweging.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Het verlangen naar hoop zullen velen van ons herkennen. Dat geldt overigens ook voor het gevoel van wanhoop dat eraan ten grondslag ligt. Het is een gevoel dat voortkomt uit het besef dat we verstrikt zitten in een politiek en economisch systeem dat te veel van hetgeen van waarde is, uitholt: de natuur, ons werk, de manieren waarop we sociaal met elkaar verbonden zijn. Het ongemak over de onvervulde beloftes van het kapitalisme (kansen op welvaart voor iedereen) groeit.
1 mei, de Dag van de Arbeid, is een goede gelegenheid om hardop de vraag te stellen of we inderdaad niet opnieuw zo’n Plan van de Arbeid moeten opstellen. Het is immers de dag die voor de socialisten van vroeger in het teken stond van de hoop op een betere, rechtvaardigere wereld.
De kracht van het oude Plan van de Arbeid was de samenhang. Het verbond de strijd tegen de werkloosheid en de armoede met de noodzaak om de economie te moderniseren, de financiële sector te hervormen en de overheid een actieve rol te geven. In het plan werd bovendien een aantal grote werken voorgesteld: de spades zouden letterlijk de grond in gaan.
Ook in het nieuw Plan moet de samenhang de kracht zijn. Als we ons niet willen neerleggen bij de uitholling, zullen we de macht van het aandeelhouderskapitalisme moeten beperken en het financiële stelsel (en het daarmee samenhangende fiscale systeem) hervormen. Een samenhangend plan vereist een overheid die in staat is een aanjagende en organiserende rol te spelen. Het vraagt om het verdelen van macht zodat burgers beter in staat worden gesteld om initiatief te nemen. En verder mogen de concrete projecten niet ontbreken.
We kunnen moed putten uit het feit dat het oude Plan van de Arbeid zeer succesvol was. De voorstellen vormden mede de basis van de economische en sociale politiek van na de Tweede Wereldoorlog.
1 mei is ook een goede gelegenheid om de vraag te stellen wie het initiatief zou kunnen nemen om dat nieuwe Plan van de Arbeid op te stellen. Een plan dat aansluit bij de Green Deal van de Europese Unie en andere voorstellen, zoals het vorige week woensdag gepresenteerde Klimaatplan van minister Rob Jetten. In 1935 kwam het initiatief van de socialistische beweging: de SDAP (voorloper van de PvdA) en de geestverwante vakbond NVV (voorloper van de FNV). Maar het zou een gemiste kans zijn om het meteen een ‘links’ project te maken. De onvrede over de ontsporing van het ‘kapitalisme’ wordt breed gedeeld.
Zou het niet voor de hand liggen als de vakbeweging en de milieuorganisaties die handschoen oppakken? Waarom zetten zij niet een commissie aan het werk, net zoals in 1935 gebeurde? Ik schrijf dat in het volle besef dat de belangen kunnen schuren, zoals bij de discussie over de toekomst van Tata Steel het geval is. Tegelijkertijd voeren ze voor een groot deel dezelfde strijd. Beide hebben te maken met een economisch systeem dat te veel waarde onttrekt. Voor de milieubeweging gaat het met name om de aantasting van de natuur. Voor de vakbeweging om de uitholling van arbeidsverhoudingen.
Allebei strijden ze tegen bedrijven die onvoldoende verantwoordelijkheid tonen. Beide bewegingen richten zich op iets wat voor elk mens van belang is: de natuur en de waarde van arbeid. Bovendien hebben ze elkaar als bondgenoten nodig. Want de bedrijven die belang hebben bij het huidige extractiemodel laten hun verdienmodellen niet zomaar ondermijnen. Allebei beseffen ze bovendien dat de factor arbeid in de transformatie naar een groene economie cruciaal is. De milieubeweging weet dat je bij de transformatie de steun nodig hebt van werkenden. De vakbeweging dat het karakter van veel werk gaat en moet veranderen.
Ik kan het niet laten om te fantaseren over wat er mogelijk is als ze het gewoon probeerden. Het zou het denken in de vak- en milieubeweging verdiepen. Vele anderen kunnen inspiratie bieden door mee te denken. Architecten, vertegenwoordigers van de woonbeweging en burgerinitiatieven, kritische wetenschappers… Het is een kans om over de grenzen van het eigen gelijk en de verontwaardiging heen te springen.
De commissie kan zich ontwikkelen tot een invloedrijke denktank, tegenstellingen worden overbrugd, andere oplossingen krijgen de ruimte. Het Plan van de Arbeid wordt een regeerprogramma-zonder-regering waar niemand omheen kan.
Het kan zijn dat de geesten er nog niet helemaal rijp voor zijn en dan kan het geen kwaad de kopstukken onder druk te zetten. Het beste kan dat door een simpele vraag te stellen: waarom niet?
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden