Home

Hapklare brokjes levensinzicht: waarom de boeken van Charlie Mackesy en James Norbury zo’n gigantisch succes zijn

Grote kans dat u De jongen, de mol, de vos en het paard of een boek over Grote Panda en Kleine Draak in de kast heeft staan: alleen al in Nederland gingen ze samen bijna 850 duizend keer over de toonbank. Wat verklaart het enorme succes van deze ogenschijnlijk zo simpele boeken?

‘Hallo. Ik sprak met een vriendin die lesgeeft aan kinderen met een vrij ruige achtergrond en ze zei: ‘Kun je nóg een boek maken? Het eerste gaf sommige van mijn jongens toestemming om vriendelijk te zijn en eerlijk over hoe ze zich voelen.’ Hierdoor kreeg ik tranen in mijn ogen.’

Deze woorden staan in een post op de Instagrampagina van de Britse illustrator Charlie Mackesy. Het is een quasi-nonchalant handschrift, dat neigt naar kalligrafie, maar tegelijkertijd iets speels, eenvoudigs en innemends heeft. Dat schrift is kenmerkend voor het werk van Mackesy – en waarschijnlijk een bepalende factor in zijn gigantische succes. Mackesy (60) is de auteur van de megabestseller De jongen, de mol, de vos en het paard, een bundeling van tekeningen met daarbij korte dialogen tussen de verschillende hoofdrolspelers – een jongen, een mol, een vos en, inderdaad, een paard. Het boek werd wereldwijd miljoenen keren verkocht en is in Nederland het bestverkochte boek van de afgelopen vijf jaar. Van de twee verschillende versies werden ruim 680 duizend exemplaren verkocht.

Het is niet uniek in zijn succes. Niet lang na het verschijnen van De jongen, de mol, de vos en het paard verschenen achtereenvolgens Grote Panda & Kleine Draak en het vervolg op dat boek, De reis van Grote Panda & Kleine Draak. Ook de auteur van deze boeken is een Brit: James Norbury. En ook deze boeken doen het uitstekend. Alleen al in Nederland werden er 150 duizend exemplaren van verkocht. Met in totaal bijna 850 duizend verkochte exemplaren is de kans groot dat u één van de boeken van Norbury of Mackesy in huis heeft – of iemand kent die ze heeft, misschien wel allebei. Wat ligt ten grondslag aan het gigantische succes van boeken die ogenschijnlijk zo simpel zijn?

De kiem van het welslagen van de titels van Mackesy ligt in een gesprek dat hij met een vriend voerde over het dapperste wat ze ooit hadden gedaan. Waar die vriend (survivalexpert, presentator en beroemdheid Bear Grylls) de ene na de andere zware fysieke beproeving had doorstaan, was het dapperste dat Mackesy ooit deed ‘om hulp vragen toen ik het moeilijk had’, zo vertelde hij een paar jaar geleden tegen de Engelse krant The Guardian. Geïnspireerd door zijn eigen opmerking maakte Mackesy een tekening van een jongetje op een paard, met daarnaast een vosje. ‘Wat is het moedigste dat je ooit hebt gezegd?’ vraagt het jongetje aan het paard. Het paard (dat kan praten) antwoordt: ‘Help’. Die tekening zette Mackesy op zijn Instagrampagina en hij dacht er verder niet meer aan. ‘En voor ik het wist werd-ie gebruikt door ziekenhuizen en instituten, en het leger had hem gebruikt voor [de behandeling van] PTSS, it went crazy.

Mackesy’s Instagramtekeningen, steeds van een jongetje dat wordt vergezeld door pratende wijze dieren, werden vanaf 2018 steeds meer gedeeld. Uitgever Penguin kwam op het idee er een boek van te maken, dat in 2019 werd gepubliceerd.

Eenvoudige tekeningen, universele levenslessen, wijze dieren en onschuldige kinderen – daar draait het om. Maar dit zijn geen boeken zoals Winnie de Poeh van A.A. Milne, Kikker en Pad van Arnold Lobel of de boeken van Toon Tellegen met dierenverhalen, die in Nederlandse boekwinkels vaak naast die van Mackesy en Norbury liggen uitgestald. Dat zijn kinderboeken die weliswaar ook graag door volwassenen worden (voor)gelezen, terwijl de boeken van Mackesy en Norbury duidelijk zijn gericht op een volwassen, in spiritualiteit geïnteresseerd publiek.

Inmiddels heeft Mackesy op Instagram 1,7 miljoen volgers. Hij verkocht werken aan Whoopi Goldberg en Sting en heeft een gelikte webshop waar T-shirts, truien, sokken en linnen tassen met zijn tekeningen te koop zijn. Zijn Instagramprofiel schetst het beeld van een introverte, zonderlinge man met een warrige bos haar in een gerafelde trui. Naast tekeningen post hij voornamelijk foto’s van zijn bejaarde moeder, zijn rommelige atelier en zijn hond. Hij noemt zichzelf in zijn Instagrambio ‘grubby artist’, groezelige kunstenaar, en leest naar eigen zeggen zelf geen boeken. Het succes, vertelt hij overal, heeft hem compleet overvallen.

Vorig jaar verscheen ook de verfilming van De jongen, de mol, de vos en het paard, die dit jaar werd bekroond met de Oscar voor beste korte animatiefilm. Mackesy postte op Instagram een foto van een wc-papiertje waarop hij had geschreven: ‘Hallo, ik ben bij de Oscars en heb me verstopt op het toilet’, vergezeld van een met balpen getekend molletje. In zijn acceptatiespeech begon hij over zijn hond, die hij tijdens de uitreiking tot zijn spijt had moeten achterlaten in zijn hotelkamer.

Het verhaal van het boek gaat, in het kort, als volgt: een jongen van een jaar of 8 ontmoet achtereenvolgens een mol, een vos en een paard, met wie hij een tocht onderneemt, zonder dat duidelijk is waarheen. Er is geen plot. Wel vertegenwoordigt elk personage een ander aspect van de schrijver én van ons allemaal. De jongen is onwetend, benieuwd naar de reden van het bestaan. De mol is ten onrechte nogal overtuigd van zichzelf en hongerig – hij heeft altijd zin in taart, en ziet taartjes eten als oplossing voor problemen. De vos is teruggetrokken, stil en wantrouwend, want ‘het leven heeft hem pijn gedaan’, schrijft Mackesy in zijn voorwoord. Het paard, tot slot, is kwetsbaar, maar ook de meest wijze en spirituele van het gezelschap. ‘Eerlijk gezegd’, zei de vos, ‘heb ik vaak het gevoel dat ik niets interessants heb te vertellen.’ ‘Iets eerlijk zeggen is altijd interessant’, zei het paard. De boodschap van het boek, in één woord samengevat, is zelfliefde. Durf kwetsbaar te zijn, je mag er zijn, je bent goed zoals je bent. Durf om hulp te vragen.

De Nederlandse uitgever, Arjen van Trigt van KokBoekencentrum Uitgevers, ontdekte het werk van Mackesy op Instagram. Hij zag de tekeningen gedeeld worden door ‘christelijke influencers’, auteurs van zijn eigen, op christelijke leest geschoeide uitgeverij, zoals Pete Greig, bekend van zijn boek Hoe moet je bidden?. Mackesy was atheïst, tot een spirituele ervaring op een bankje in een Londens park, zo’n 25 jaar geleden. Vanaf dat moment gaat hij door het leven als evangelisch christen. Hij maakte ook religieuze kunst, zoals een bronzen beeld met de naam De terugkeer van de verloren zoon, te zien in een Londense kerk.

Van Trigt: ‘Ik kende de tekeningen al, en toen ik zag dat het boek in het Verenigd Koninkrijk in de top-10 binnenkwam, heb ik me gemeld als geïnteresseerde om de rechten te kopen. Er was nog één andere uitgeverij in de race, maar wij hadden een hoger bod.’ Van Trigt wil niet zeggen hoeveel hij heeft betaald. Om het boek succesvol in de Nederlandse markt te zetten, ging de uitgever op zoek naar ‘een vertaler met een bekende naam’ en kwam uit bij Arthur Japin, die ooit één ander boek vertaalde, De gulle boom van Shel Silverstein. Japin kende het boek niet, dus de vraag overviel hem ‘totaal’, vertelt hij. ‘Ik ben eigenlijk helemaal geen vertaler. Mijn eerste impuls was dan ook om nee te zeggen. Maar de redacteur drong aan, die zei: kijk er eerst naar, want het boek past bij je en het is niet veel werk. Dus dat heb ik gedaan. En het is waar. Het is een lief boek en het was niet veel werk. Ik heb er minder dan een dag aan besteed.’

Japin leverde ook een quote voor de achterflap: ‘Zo’n lief en troostend boek.’ Van Trigt noemt de vertaler een goede ambassadeur. ‘Arthur heeft overal over het boek geroepen. Er kwam een buzz, het ging rondzingen. Als je eenmaal in de top-10 staat, lig je vooraan in alle winkels. En wanneer je daar ligt, blijf je er lang liggen.’

Mackesy zelf had geen tijd om geïnterviewd te worden voor dit stuk, en kon dus ook niet de vraag beantwoorden wat het geheim is achter het succes. Japin denkt: omdat ‘het direct naar de kern gaat’. En: ‘Als schrijver doe je een groot deel van het werk, maar een ander deel van het werk is wat lezers er zelf aan toevoegen. Lezers plakken hun eigen leed op dit verhaal. Charlie zelf, die ik één keer via Zoom heb gesproken, heeft geen idee waarom dit boek zo aanslaat. Het is een integere, introverte man, die geïsoleerd leeft. Hij zat na het verschijnen van het boek in een depressieve periode, want zijn hond ging dood. En ineens werd hij overladen met complimenten en verhalen van lezers. Na dat Zoomgesprek ben ik het boek nog een keer gaan lezen. Het antwoord op de vraag over het succes staat, ontdekte ik toen, op een van de eerste pagina’s. ‘Wat zou succes zijn?’ vraagt de jongen, en de mol zegt: ‘Liefhebben.’ Er zijn maar weinig mensen die zo direct over liefhebben schrijven als Charlie, er zit geen filter voor, de ratio zit niet in de weg. Ik denk dat dat is wat mensen zo raakt.’

De ratio zit niet in de weg – voor sommige critici van het boek is dat precies het probleem. Een lezer op het internationale boekenplatform Goodreads.com: ‘We hebben geen veel te dure pseudo-diepgaande zwendel nodig om ons te vertellen dat ‘liefde je thuis brengt’ (...). Volgens mij hadden de clichés die je in dit boek vindt net zo goed in een grot gekrast kunnen worden tijdens het laatpaleolithicum. Maar de hype is wat het is en Source: Volkskrant

Previous

Next