Tata Steel was naar de rechter gestapt om het toezicht aan te vechten. Maar de rechtbank oordeelt woensdag dat de camera van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied mag blijven staan.
De camera staat op een afstand van 450 meter en de onderkant van het beeld is met een zwart blok afgeschermd. Daardoor is het "hoogst onaannemelijk" dat mensen op de camerabeelden te herkennen zijn, zegt de rechtbank Noord-Holland.
Vorige week hadden advocaten van Tata Steel in de rechtbank bepleit dat medewerkers zich 24 uur per dag bekeken voelen. Volgens het bedrijf zijn zij wél herkenbaar, maar de rechter constateerde toen al dat zij "stipjes" waren op de camerabeelden.
Tata Steel zegt teleurgesteld te zijn door de uitspraak, maar het is nog niet bekend of het bedrijf beroep aantekent. Tata is "niet tegen toezicht", zegt een woordvoerder, ook niet tegen toezicht met camera's. Maar het bedrijf hoopt nog wel op extra maatregelen zodat medewerkers bijvoorbeeld minder vaak in beeld komen.
Met de camera wil de omgevingsdienst in de gaten houden of Tata Steel er wel altijd netjes melding van maakt als er 'rauwe cokes' ontstaan in een van de cokesgasfabrieken. Dat is niet toegestaan, omdat er dan veel schadelijke uitstoot en overlast ontstaat. Elke keer als dit toch gebeurt, moet Tata hier zelf melding van maken én een dwangsom van 100.000 euro betalen.
De rechtbank vindt het begrijpelijk dat de omgevingsdienst "niet langer afhankelijk wil zijn van beelden die Tata Steel zelf opneemt en beheert". Daarbij speelt mee dat er een "breed in de maatschappij levende roep" is om op te treden tegen de uitstoot van schadelijke stoffen.
De rechter verwijst naar een recent rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Daarin staat dat de overheid onvoldoende doet om omwonenden te beschermen tegen de uitstoot van vervuilende bedrijven.
Volgens de omgevingsdienst heeft de camera in de afgelopen twee maanden al negen keer een verdachte rookwolk opgemerkt bij Tata Steel. In vijf gevallen bleek er geen sprake te zijn van ongeoorloofde uitstoot, maar in vier gevallen loopt er nog een onderzoek.
Source: Nu.nl economisch