Wat zijn dit voor vragen? Naar aanleiding van tv-programma De ramadan conference tien dilemma’s voor cabaretier Fuad Hassen.
‘Ze zijn verschillend in stijl maar allebei uitstekende comedians. Ik kies Jörgen omdat hij overstroomt van ervaring. Daar kan ik als relatief jonge comedian nog veel van leren. Ik wil vaak nog de snelle reactie. Dat je nú gaat lachen. Jörgen heeft het vertrouwen om zijn grappen rustig op te bouwen. Als er een lange stilte valt, maakt hem dat niet uit. Hij weet dat het uiteindelijk een goede grap zal worden.
‘De ramadan conference is een project van Anuar, hij is bedenker, producent én cabaretier. Geweldig om met hem samen te werken. Hij is echt een jongen van de straat. Als je met hem door Utrecht loopt, wijst hij soms ineens een plek aan en zegt hij: ‘Die ene grap van mij, dat is daar gebeurd.’ Soms denk ik: bedénk jij überhaupt wel eens grappen of pluk je ze allemaal van de straat?
‘Het is mooi dat hij dit project ophangt aan de ramadan. Hij vindt dat een geschikt moment om de boodschap uit te stralen dat we allemaal gelijk zijn en tot elkaar moeten komen. Onder dat motto bieden we een show met verhalen, herkenbare typetjes en allerlei sketches.’
‘Hofnar. Honderd procent. Dat imago draag ik met trots. Ik ben hier niet om de wereld te redden. Dat cabaretiers zoals ik te weinig geëngageerd zouden zijn, is een bekende kritiek. Maar ik ben een clown, hè. Een clown. We leven nou eenmaal in een gekke wereld. Het is mijn taak om die belachelijk te maken.
‘Het is voor mij ook onmogelijk om een grote groep mensen aan te sturen. Iedereen heeft zijn eigen waarheid en zijn eigen achtergrond. Ik heb geen idee wat jij hebt meegemaakt. Moet ik jou dan gaan vertellen hoe jij je leven moet leiden?
‘Ik kreeg laatst na een show een berichtje van een vrouw. Ze bedankte me en zei: ‘Ik had mijn zoon meegenomen en ik heb hem in tijden niet zo zien lachen.’ Dat zegt veel, dat zinnetje. En het laat zien wat mijn rol is. Ik ben er om je je problemen even te laten vergeten. Heel eventjes. Al is het maar anderhalf uur.’
‘Yooo, man. Lastig! Richard Pryor is eigenlijk onaantastbaar. Maar ik kies Eddie Murphy. Hij was het totale pakket. Een comedian met een rocksterrenstatus. Hij was grappig, zag er goed uit én hij kon acteren.
‘Richard Pryor mocht hem aanvankelijk niet. Hij was jaloers en voelde zich bedreigd. Hij dacht dat er maar een beperkt aantal plekken voor zwarte sterren zou zijn, dus dat zijn eigen tijd ten einde was. Uiteindelijk zijn ze tot elkaar gekomen, onder meer door Eddie Murphy’s film Harlem Nights, waarin alle grote comedians uit de jeugdjaren van Murphy – en dus ook Pryor – speelden.
‘Eddie Murphy is honderd procent verantwoordelijk voor mijn stijl. Als kind vond ik Coming to America helemaal geweldig. Ik had de film al een aantal keer gezien, toen iemand tegen me zei: ‘Weet je dat hij verschillende personages speelt in die film?’ Ik dacht: is dat mogelijk? Toen ben ik begonnen met al die stemmetjes nadoen. Daar is mijn gevoel voor imitaties ontstaan.’
‘Twee van mijn typetjes. Ik kies Bane. Veel mensen kennen hem niet, dat maakt het extra leuk. Als ik hem nadoe, zie je ze denken: wat ís dit?’ Zet een trage schurkenstem op. ‘Ah, you think darkness is your ally? I was born in it, molded by it.’ Ja, dat vind ik wel leuk.’
‘Bedeesd. Veel ouders van mijn vrienden konden ook niet geloven dat ik comedian werd. ‘Hè, Fuad? Maar hij is zo verlegen!’ Dat was ik overigens niet. Ik was stil en beschouwend.
‘Ik heb altijd een voorliefde gehad voor comedy. Ik keek alles: Cosby – ik weet het –, Pryor, Murphy. Veel Nederlandse comedians ook. Maar ik had nooit het idee dat ik daadwerkelijk zelf op het podium zou gaan staan om vreemde mensen aan het lachen te maken. Mijn vrienden waren ook allemaal grappig, ik stak er niet bovenuit.
‘Mijn eerste optreden was in het Comedy Café in Amsterdam op het Max Euweplein. Soundos (El Ahmadi, red.) was de mc en kondigde me aan: ‘Nu is het tijd voor de laatste comedian…’ Dat was de eerste keer dat mijn naam werd gekoppeld aan het woord comedian. O shit, dacht ik, ze heeft het over mij.
‘Het ging goed. Ik ben daarna twee weken high geweest van de extase. Toen wist ik: dit is het. Al combineerde ik het de eerste jaren nog wel met mijn werk als barman in een tent in Den Bosch. Na tweeënhalf jaar ben ik volledig voor comedy gegaan. Mensen om me heen vonden het een grote stap en vroegen zich af of ik volledig was gestopt met werken. ‘Wat dapper van je!’, zeiden ze. Ik had zoiets van: yo, ik was barman hè, geen advocaat. Het is niet zo dat ik een indrukwekkende carrière achter me liet.’
‘…het tweede. Maakt niet uit wat die optie is. Ik wil niet werken waar ik woon, man. Vorig jaar kreeg ik de speellijst van mijn show Vogelvrij en zag ik dat ik in juni in Den Bosch moet optreden. Sindsdien ben ik aan het balen. Het is weird om te spelen voor mensen met wie je de volgende dag in de rij voor de kassa staat.’
‘In de luwte. Dat klinkt misschien gek, maar de meeste comedians houden totaal niet van aandacht. Op het podium is het natuurlijk anders, maar dat zie ik als verdíénde aandacht. Je hebt een kunstje gedaan, krijgt daarvoor aandacht en daarna hopelijk waardering. Maar zodra ik van het podium stap en mensen met me gaan praten, word ik sneller awkward. Ik weet niet wat het is, maar veel comedians en artiesten hebben dat.’
‘Subtiel. Ik ben niet zo’n fan van grove grappen. Die zijn vaak makkelijk. Ik vind het ook altijd jammer als bijvoorbeeld Hitler in een comedyshow wordt genoemd. Zo evil als hij, bestaat niet. Het is niet zo moeilijk om daar mee te choqueren.’
‘André van Duin. Daar keken we thuis met de hele familie naar. Hij deed dingen waarvan ik denk: dat zou ik nooit kunnen. Want de timing van André van Duin is echt subliem.
‘Met Ronald heb ik overeenkomsten. Het Brabantse accent en de intonatie. Ik hoor vaak dat ik op hem lijk. Ik ben daarop gaan letten, want dat is niet de bedoeling.’
‘Theater. Talkshows hebben me vaak gebeld om over vluchtelingenkwesties en immigratie te praten. Zij denken: hij zal er waarschijnlijk wel een mening over hebben en hij kan ook nog eens een grap maken. Dat wordt leuk!
‘Mijn management vindt dat ik die mediaoptredens goed kan gebruiken. Maar wil ik het grote publiek zo achter me krijgen? Nee. Dat wil ik op het podium bereiken. Ik ben helemaal geen expert op het terrein van immigratie of vluchtelingenkwesties. Ik ben comedian.
‘Op 5-jarige leeftijd ben ik uit Eritrea gevlucht. Ik voel niet de behoefte om daarover te vertellen. Misschien ooit, maar dan op een verantwoorde manier. Het is een serieuze situatie, ik kán daar geen grappen over maken. Nou ja… misschien wel, maar dan alleen met mensen die iets soortgelijks hebben meegemaakt.’
De ramadan conference (met Anuar, Jörgen Raymann, Fuad Hassen en Mouna Laroussi) is zondag 23/4 om 21.40 uur te zien op NPO 3. De show Vogelvrij van Fuad Hassen is vanaf 13/5 t/m 2/6 nog vier keer te zien in Boxmeer, Arnhem, Breda en Den Bosch.
1981 Geboren in Asmara, Eritrea
1998-2001 MBO Ondernemer/manager Detailhandel niveau 4
2002-2003 Propedeuse Toegepaste Psychologie, hogeschool Fontys Tilburg
2003 – 2008 Barmedewerker Café Cordes, Den Bosch
2006 Begint met stand-upcomedy
2008 Wint publieksprijs van Culture Comedy Award
2008 – 2014 onderdeel van comedygroep Comedy Explosion
2013 Finaleplek Cameretten. Patrick Laureij wint
2015 – 2017 Voorstelling Pareidolia
2017 – 2019 Voorstelling Held
2019 – 2021 Voorstelling Remmende Voorsprong
2022 – nu Voorstelling Vogelvrij
2023 De ramadan conference met Anuar, Jörgen Raymann en Mouna Laroussi
Fuad Hassen woont in Den Bosch.
Source: Volkskrant