Op een geel wagentje met oranje zwaailichten wordt een enorm grijs vat langzaam door een lange lege gang naar een verwarmingsbox gereden. Daar zal de inhoud, een vaste stof vol uranium, gasvormig worden. Om vervolgens aan een reis langs centrifuges te beginnen. Hoe die reis eruitziet, en door hoeveel centrifuges die voert, dat is staatsgeheim. Duidelijk is wel dat het verrijkt uranium, dat aan het eind van de reis weer de fabriek uitgaat, elders in de wereld zal worden omgezet in een astronomische hoeveelheid energie. Eén cilinder levert genoeg op om een half miljoen huishoudens een jaar lang van stroom te voorzien.
Urenco in Almelo produceert jaarlijks zo’n vijfhonderd van dit soort cilinders. Als het aan directeur Ad Louter ligt, wordt die productie de komende jaren zo snel mogelijk opgevoerd. ‘Binnen enkele jaren moeten we er een nieuwe hal bij hebben’, zegt Louter terwijl het vat verderop in de koelcel verdwijnt. Ook bij de Urenco-fabrieken in Duitsland, Groot-Brittannië en de VS maken ze haast met uitbreidingsplannen. Louter: ‘Onze orderportefeuille is met een kwart gegroeid. Dus dat is hard nodig.’
Over de auteur
Tjerk Gualthérie van Weezel schrijft voor de Volkskrant over energie en de impact van de energietransitie op het dagelijks leven.
De directeur zegt het in een week waarin de Europese ambivalentie over kernenergie vol in de schijnwerpers staat. Duitsland voltooit dit weekend de Atomausstieg door de drie laatste actieve kerncentrales te sluiten. In Den Haag stond het Franse staatsbezoek aan Nederland juist in het teken van meer kernenergie. Minister Rob Jetten voor Klimaat en Energie tekende met zijn Franse collega een verklaring waarin zij beloven zich in te spannen voor een snelle uitbreiding van kernenergie in Europa.
Nederland maakt zelf plannen voor twee nieuwe centrales. Daardoor zou de hoeveelheid opgewekte kernenergie (nu ongeveer 1 procent van het totale verbruik) in 2035 zeven keer zo groot worden. Maar op dezelfde dag dat Jetten met zijn handtekening de weg naar meer kernenergie luister bijzette, nam hij ook een rapport in ontvangst dat hem juist maant terughoudend te zijn. Laat eerst nog eens goed onderzoeken of de overheid wel moet participeren in de bouw van die miljarden kostende kerncentrales, schrijft het Expertteam Energietransitie 2050 in een door de minister gevraagd advies.
Op het zwaarbewaakte terrein in Almelo reageert Ad Louter afgemeten op die aanbeveling. ‘Ik heb sowieso mijn twijfels bij het advies, omdat het ervan uitgaat dat we in 2050 minder energie gebruiken dan nu. Daar geloof ik niet in. Bovendien: als je zonder fossiele brandstoffen een betrouwbaar energiesysteem wilt bouwen, heb je naast veel windmolens en zonnepanelen ook kerncentrales nodig. Onder meer op donkere winterdagen tijdens lange windstille perioden.’
Uit de mond van een man die jarenlang directeur was van de kerncentrale in Borssele zijn het opmerkingen die niet verbazen. Louter geldt als een van de meest uitgesproken pleitbezorgers van nucleaire energie. De discussie in eigen land houdt hem dus ook zeer bezig.
Maar puur vanuit Urenco bekeken, is de eventuele komst van de twee nieuwe centrales een minder grote kwestie. Het bedrijf is een wereldspeler. Zo’n 30 procent van al het verrijkte uranium dat wereldwijd wordt verhandeld is geproduceerd door Urenco. Opgeteld levert het aan zo’n 150 kerncentrales in negentien landen. En op die wereldmarkt is de trend duidelijk: de vraag naar uranium groeit.
Urenco is in vele opzichten een uitzonderlijk bedrijf. Zo is de gang waar de vaten worden opgewarmd en gekoeld onder voorwaarden te bezoeken. Maar het grootste deel van het productieproces is zeer geheim, alleen door een raam kunnen bezoekers een blik werpen op de hal waar de duizenden ultracentrifuges hun werk doen.
Aan de opening van Urenco, nu ruim vijftig jaar geleden, ligt een internationaal verdrag ten grondslag, het verdrag van Almelo uit 1971. Daarin hebben Nederland, Duitsland en Groot-Brittannië vastgelegd aan welke klanten Urenco mag leveren: alleen aan afnemers die het verrijkte uranium gebruiken om energie mee op te wekken. Andere stoffen die Urenco produceert, worden onder andere gebruikt voor medische toepassingen, zoals de bestraling van kanker. Ten koste van alles willen de oprichters voorkomen dat hun producten worden gebruikt om bommen mee te maken. Daarop is streng toezicht.
De drie landen bezitten nog altijd elk eenderde van de aandelen in Urenco, al hebben de Duitsers dat ondergebracht bij energiebedrijven RWE en E.On. Het is een lucratief bezit, blijkt uit het laatste jaarverslag. Van de omzet van zo’n 1,7 miljard euro blijft een brutowinst van ruim 800 miljoen over. En die bedragen zouden de komende decennia dus nog flink kunnen oplopen.
‘De acute aanleiding om al onze vier fabrieken zo snel mogelijk op te schalen, is de oorlog in Oekraïne’, zegt Louter in het kantoorgebouw op het met prikkeldraad omzoomde Urenco-terrein. Aan de muur hangt een vrolijke privéfoto naast een kleurrijke ‘nuclidenkaart’, waarop het verval van verschillende radioactieve isotopen staat afgebeeld. Louter: ‘Rusland is de grootste producent van verrijkt uranium ter wereld. De nieuwe geopolitieke situatie maakt dat veel landen hun afhankelijkheid van Rusland willen minimaliseren.’
Dat speelt vooral in Oost-Europa, waar veel kerncentrales door Rusland zijn gebouwd. Het bekendste voorbeeld is de Oekraïense kerncentrale in Zaporizja, de grootste van Europa, die midden in het strijdgebied ligt. Louter: ‘Die staat nu uit, en de belangrijkste zorg is dat de Russen zich aan het oorlogsrecht houden en de centrale met rust laten. Maar daarnaast wil Oekraïne niet afhankelijk zijn van Rusland voor zijn stroomvoorziening. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor Polen, Slowakije en Finland.’
‘Dat is inderdaad allemaal gaande’, bevestigt Wim Turkenburg, emeritus-hoogleraar science, technology and society. ‘Daarnaast speelt vooral dat er wereldwijd steeds meer plannen zijn om nieuwe centrales te gaan neerzetten.’ Na de kernramp in Fukushima waren veel westerse landen afgelopen decennium voornamelijk centrales aan het sluiten. Maar in het spanningsveld tussen kernramp, opwarmende aarde en de technische en maatschappelijke moeilijkheden die enorme zon- en windparken met zich meebrengen, is kernenergie ineens weer aanlokkelijk. Turkenburg: ‘En de vraag naar verrijking volgt natuurlijk die plannen.’
Dat speelt dus in Nederland, waar ambtenaren druk zijn met plannen voor twee nieuwe centrales en Borssele waarschijnlijk tien jaar langer open blijft. België houdt de bestaande centrales langer in gebruik. Frankrijk, met afstand de grootste producent van nucleaire energie in West-Europa, gaat zeker zes en mogelijk veertien nieuwe kerncentrales bouwen. En ook Groot-Brittannië zet concrete stappen om het aantal centrales uit te breiden.
Al die nieuwe plannen roepen wel een andere vraag op: is er op aarde wel genoeg uranium voorhanden? Veel critici van kernenergie hebben de eindigheid van de wereldwijde uranium-reserves de afgelopen decennia aangevoerd als belangrijk argument om te stoppen met de bouw van nieuwe centrales.
Dat is echt sterk overdreven, stelt Urenco-directeur Louter. ‘Voor het huidige energieverbruik is er in uraniummijnen wereldwijd nog voor zo’n 140 jaar aan bewezen reserves. Daarover rapporteert het Internationaal Atoomenergie Agentschap geregeld. En nu de uraniumprijs weer stijgt, zie je die voorraden ook weer verder oplopen omdat mijnen worden geopend.’
Daarnaast kan veel van het radioactief afval dat afgelopen decennia is geproduceerd in de toekomst ook weer worden ‘opgewerkt’ en opnieuw gebruikt. En als de prijs verder stijgt, zijn er ook nog kansen in het zeewater, daarin zit in zeer lage concentraties uranium opgelost. De directeur verwijst voor de betrekkelijkheid van uranium-uitputting naar de prijs van de grondstof. ‘Als er echt nog maar zo weinig van zou zijn, was uranium veel duurder geweest.’
Nee, in Almelo maken ze zich vooral zorgen over een heel ander tekort: ze zoeken met spoed nieuwe mensen. ‘Ons personeelsbestand was al redelijk vergrijsd en door al die uitbreidingsplannen zullen er de komende jaren nog zeker honderd extra arbeidsplaatsen bijkomen.’
Duitsland neemt afscheid van kernenergie
Na 62 jaar komt er zaterdag een einde aan het kernenergietijdperk in Duitsland. In aanloop naar het sluiten van de laatste drie kerncentrales werd er deze week in Duitsland door enkele oppositiepartijen nog op uitstel aangedrongen. Maar daar komt niets van in, stelde milieuminister Steffi Lemke (Die Grünen) tegenover diverse media.
Eigenlijk had Duitsland al vorig jaar definitief de laatste kerncentrales willen sluiten. Maar als gevolg van de gascrisis werden de laatste drie centrales nog enkele maanden langer stand-by gehouden. Onder meer vanuit het CDU, dat in 2011 nog onder leiding van kanselier Merkel besloot tot het stoppen met kernenergie, werd vrijdag gewaarschuwd dat de sluiting een pijnlijke economische en ecologische vergissing zal blijken. Zij wijzen erop dat Duitsland geen beroep meer kan doen op Russisch gas en dat het land de komende jaren meer duur geïmporteerd vloeibaar gas en, nog erger, steenkool moet gebruiken om de elektriciteitsproductie op peil te houden.
Maar minister Lemke benadrukt dat zij blij is dat er na al die jaren van actievoeren vanuit onder meer haar partij een punt achter kernenergie wordt gezet. ‘We moeten al onze energie nu richten op het uitbouwen van energi Source: Volkskrant