Home

Zwanger en extreem misselijk? Dan zul je labiel zijn, horen vrouwen nog vaak

‘Je moet het kind accepteren’, zegt de verpleegkundige aan mijn ziekenhuisbed terwijl ze het vochtinfuus controleert. Ik ben tien weken zwanger en voor de tweede keer ernstig uitgedroogd opgenomen in het ziekenhuis. Ik ben in drie weken tijd 10 kilo afgevallen en lichamelijk zo verzwakt dat ik niet meer zelfstandig kan lopen. Ik heb honger, maar vrijwel alles wat ik doorslik, komt er weer uit. De halve crackers en eetlepels yoghurt die ik wel binnen krijg, worden mij gevoerd, zelf lukt het me niet meer. Na zo’n tweehonderd keer overgeven zijn eten en drinken contra-intuïtieve handelingen geworden.

‘En probeer contact te maken met je baby’, vervolgt de verpleegkundige, ‘dan ga je je vast snel beter voelen.’ Ze verlaat de kamer met verende tred. Ik blijf achter en voel me schuldig: leg ik dan te weinig contact met mijn kind? Wil ik dit niet? Is dat de reden dat ik me zo ziek voel?

De hel waarin ik me bevind heet hyperemesis gravidarum. De meeste vrouwen – ongeveer 80 procent – zijn misselijk tijdens hun zwangerschap. De helft geeft weleens over. Tussen de 1 en 3 procent heeft ernstige zwangerschapsmisselijkheid en braken. In Nederland betreft dit jaarlijks tussen de drie- en vierduizend vrouwen. Hyperemesis kreeg meer bekendheid doordat prinses van Wales Kate Middleton tijdens haar drie zwangerschappen door deze aandoening moest worden opgenomen in het ziekenhuis.

De oorzaak is onduidelijk, maar de fysiologische verklaring die ik toen kreeg, was een (over)gevoeligheid voor HCG, het zwangerschapshormoon waarvan de waarden rap toenemen en pieken rond twaalf weken. Zonder HCG houdt een zwangerschap geen stand. Een beetje misselijkheid zien de meeste verloskundigen daarom als teken van een sterke zwangerschap. ‘Zo zien we het graag’, zei die van mij in eerste instantie ook monter. Een paar dagen later moest ze me aan het ziekenhuis overdragen.

‘We zien het wel vaker bij labiele vrouwen’, zei de verloskundige bij die eerste ziekenhuisopname. Ik had een etmaal naast de wc doorgebracht – de laatste uren schreeuwend van wanhoop. ‘Labiel?’, kreunde ik met een kartonnen bakje onder mijn kin. ‘Ja, dit komt vaker voor bij vrouwen met psychiatrische problemen.’

De zorgmedewerkers behandelden me goed in dat ziekenhuis. Maar de opvatting dat mijn mentale gezondheid de mogelijke oorzaak was voor een lichamelijke aandoening heeft me altijd dwarsgezeten. Waarop is dit gebaseerd?

Ik ben niet de enige vrouw in deze toestand die ‘labiel’ werd verklaard. Jessica Sinay (43) uit Vlissingen heeft een soortgelijke ervaring. ‘Mijn gynaecoloog zei dat het kind niet gewenst was omdat mijn huwelijk slecht was. Ze stuurde me naar een klinisch psycholoog.’ Sinay kan er bijna tien jaar later nog steeds boos om worden. ‘Ik was pas twee maanden getrouwd en had voor deze zwangerschap een miskraam, het kind was dus zeker wel gewenst.’

Sinay is bestuurslid bij patiëntenvereniging ZEHG, in 2013 opgericht door vrouwen die hyperemesis gravidarum hadden gehad en ‘tegen onbegrip van medisch personeel en gebrek aan informatie’ aanliepen. Op mijn verzoek plaatst ze een oproep op onder andere een besloten lotgenotengroep met ruim 3.500 leden. Vijftig vrouwen (17-40 jaar) reageren. Ze waren recentelijk zwanger, in de jaren tien tot nu. Een paar anonieme reacties:

‘Mijn huisarts zei: je lichaam is niet klaar voor een zwangerschap, daarom ervaar je misselijkheid. Je kunt kiezen: ervoor vechten en doorzetten, of opgeven en weghalen.’

‘Ik werd in het ziekenhuis doorgestuurd naar de psychiatrie-afdeling, want misschien had ik wel gewoon veel stress.’

‘Mijn gynaecoloog vroeg of de baby wel gewenst was. Dat ik een paar maanden daarvoor bij haar in tranen aan tafel had gezeten na de zoveelste miskraam was ze kennelijk vergeten.’

‘Als ik niet zou ophouden met spugen zou de arts de kinderbescherming bellen. Het liet duidelijk zien dat ik het kind niet wilde omdat ik veel te jong was – ik was 20 jaar. Ik ben uiteindelijk 30 kilo afgevallen.’

‘In het ziekenhuis vroeg een psycholoog of ik wel een goede jeugd had gehad, hoe de relatie met mijn man was en of de zwangerschap wel gewenst was – na een intensief ivf-traject. Dit was pijnlijk.’

‘Na twintig weken kun je niet meer misselijk zijn’, zei mijn gynaecoloog,.‘Gaat alles thuis wel goed?’

‘Je spuugt alleen maar om aandacht te trekken.’

‘Ik vind het zorgelijk dat het nog steeds gebeurt’, zegt Rebecca Painter (48), gynaecoloog in het Amsterdam UMC en de Nederlandse specialist op het gebied van hyperemesis gravidarum. ‘De generatie van mijn opleiders is nog geschoold met het idee dat hyperemesis een psychiatrisch probleem was waarbij moeder onbewust de zwangerschap verwierp en dat letterlijk deed door het uit te braken.

‘De gebruikelijke behandeling was iemand in een kamer plaatsen waar je nergens in kon braken. Afgesloten wc, afgeplakte wasbakken. En je moest het braaksel zelf opruimen. Dit gebeurde vanuit de overtuiging dat die vrouw zo beter kon genezen.’

Painter heeft patiënten die begin 2000 zwanger waren en deze behandeling nog hebben ondergaan. Onderzoek naar de effectiviteit van de aanpak kon ze nergens vinden. ‘Het is vooral op theoretische gronden gestoeld. Een soort freudiaanse theorie?’

Hyperemesis gravidarum duikt in de tweede helft van de 19de eeuw voor het eerst op in de wetenschappelijke literatuur. Een Engelse overzichtsstudie uit 1905 zet de mogelijke oorzaken op een rij, variërend van letsel aan de baarmoeder tot gifstoffen in het spijsverteringskanaal. Een van de behandelingen was een klysma: het rectaal toedienen van vocht, eventueel aangevuld met melk en geklopte eidooier. Kwam het leven van de moeder in gevaar, dan was de ‘therapeutische abortus’ het laatste redmiddel. Het infuus was in die tijd nog niet gangbaar en sterfgevallen kwamen dan ook geregeld voor. Zo denken deskundigen nu dat de schrijver Charlotte Brontë in 1855 waarschijnlijk niet aan tuberculose is gestorven, maar aan uitputting door hyperemesis.

Er zijn ook gynaecologen die de primaire oorzaak zoeken in hysterie. Een containerbegrip dat artsen in die tijd hanteren om allerlei onverklaarbare lichamelijke aandoeningen – vooral bij vrouwen – te psychologiseren. Sigmund Freud bouwde zijn levenswerk op dit idee. Zo viel het de Duitse gynaecoloog Rudolf Kaltenbach op dat het braken bij allerhande ‘suggestieve’ behandelingen ineens voorbij kon gaan. Dit kon ook na een heftige emotie gebeuren, zoals na de mededeling van de arts dat de zwangerschap zou worden beëindigd. ‘Het feit dat het vaak plotseling ophoudt zonder enige psychische of lichamelijke behandeling zegt veel over de hysterische aard van de aandoening’, stelde Kaltenbach. Het dreigen met abortus werd zelfs toegepast als therapeutische maatregel.

Andere artsen theoretiseren rond 1900 verder over psychogene oorzaken: ongunstige huiselijke omstandigheden, buitenechtelijk kind, aandachttrekkerij, verstoorde moeder-dochterrelatie, seksuele frigiditeit en de bekendste: ‘een ongewenste conceptie’. Het overmatig braken – een ‘orale abortus’ – moest de arts dan overtuigen de zwangerschap te beëindigen. Sociale afzondering zou de vrouw helpen haar zwangerschap te doen accepteren.

Het volledig isoleren van vrouwen uit hun omgeving werd de standaardbehandeling in Europa. Ook in Nederland. ‘Niet zelden houdt het braken dan reeds terstond op’, schrijft de Amsterdamse gynaecoloog en hoogleraar Marius van Bouwdijk Bastiaanse in de jaren veertig. Als de vrouw een paar dagen niet heeft gebraakt, mag de man even op bezoek komen. ‘Dit vooruitzicht zal de vrouw er extra toe aanzetten de braakprikkel te onderdrukken en het voedsel binnen te houden.’

De gebruikte behandeling is nu: vochtinfuus, anti-braakmedicijnen, vitamineaanvulling en eventueel een sonde. ‘Het is pappen en nathouden’, zoals een verloskundige tegen mij zei. Wetenschappelijk bewijs kwam er nooit voor die oude opvattingen over de oorzaak en de behandeling van hyperemesis, maar ze zijn evengoed nooit helemaal verdwenen onder artsen.

‘Ik moest mijn kotsemmer weg doen, want door die emmer ging ik juist spugen’, zegt iemand in de besloten praatgroep.

‘Mijn gynaecoloog zei: ‘Misschien moet je een paar dagen alleen in een donkere kamer gaan liggen zodat je geen contact hebt met anderen en het over je misselijkheid kunt hebben.’’

Bij Jessica Sinay werden in het ziekenhuis de bakjes na een paar dagen weggehaald, want ‘je bent niet ziek, je bent zwanger’.

Na jarenlang twijfelen over een tweede kind vroeg ik mijn gynaecoloog om advies voor een eventuele nieuwe zwangerschap. Ik wist dat de kans dat hg terugkomt bijna 90 procent is. Ik woonde toen in Duitsland. Ze vroeg: ‘Hoe is de band met je moeder?’ Ze adviseerde me eerst in therapie te gaan en daarna pas zwanger te worden. En mocht ik toch weer ziek worden, ‘dan helpt isolatie uit de omgeving’. Dit was in 2019, niet in 1919.

Rebecca Painter vraagt altijd aan haar patiënten hoe het gaat. ‘Als iemand een depressie heeft, moet ik daar wat mee als dokter, maar ik zie niet in hoe dat bijdraagt aan het tot stand komen van die ziekte.’ Ze concentreert zich op de gevolgen, want die kunnen ernst Source: Volkskrant

Previous

Next