Home

Wij lijden aan de tirannie van het nu

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

‘Leeftijdsapartheid, dat is misschien een term om mee te beginnen. Krijgen de uitgeburgerde ouderen misschien als troost een soort thuisland [...] waarbinnen ze wel stemrecht hebben?” Aldus een NRC-lezer naar aanleiding van mijn vorige column over ‘intergenerationele solidariteit’. Daarin stelde ik dat het idee om de kiesgerechtigde leeftijd te verlagen past in een lange traditie van denkers die zich buigen over een rechtvaardige hervorming van onze democratische instituties. Hoewel ik expliciet aangaf dat zo’n instrument per definitie omstreden is, betichtten vele lezers mij van discriminatie.

De verleiding is groot om deze bezorgde lezers voor hypocriet uit te maken. Worden jongeren onder de achttien jaar en toekomstige kinderen dan niet gediscrimineerd in ons electorale proces? Maar het aantonen van deze hypocrisie heeft geen enkele zin, omdat het nadenken over intergenerationele solidariteit tot nu toe tot ongemakkelijke confrontaties leidt.

Twee fundamentele kwalen staan deze solidariteit in de weg. Wij lijden aan de tirannie van het nu, wat betekent dat wij in ons denken over rechtvaardigheid vooral onze kortetermijnbelangen centraal stellen. En wij zijn gegijzeld door onversneden groepsdenken. De meeste mensen zullen vast wel deugen, maar de geschiedenis laat pijnlijk zien dat wij in naam van de groep in staat zijn om de meest extreme vormen van onrecht aan te richten. Fanatisme, nationalisme, racisme – uit naam van ‘onze’ groep blijken wij telkens weer in staat om het bestaan van anderen onmogelijk te maken. Of het nu gaat om ongeboren generaties, dieren en planten – zolang ‘onze’ groep (de mensen die nu leven – meestal welvarend en mannelijk) op korte termijn het goed heeft, boeit het ons niet welke prijs onze welvaart met zich meebrengt.

Wij kunnen natuurlijk voor een ander pad kiezen. In La communauté terrestre nodigt Achille Mbembe ons uit om een nieuwe voorstelling van de wereldgemeenschap te maken. Door grote maatschappelijke omwentelingen zoals klimaatverandering en technologische revoluties zijn wij nu al genoodzaakt om die wereldgemeenschap vorm te geven. Om dit te doen hebben wij nieuwe instrumenten nodig die ons in staat stellen om nieuwe vragen te bedenken en ruimte te maken voor nieuwe oplossingen. Deze nieuwe oplossingen dienen voorbij het eurocentrisch denken te gaan. In dat denken wordt immers onvoldoende rekening gehouden met de natuur en toekomstige generaties.

Volgens Mbembe biedt de Afrikaanse denktraditie ons voldoende instrumenten om die nieuwe wereldgemeenschap vorm te geven. Zo haalt Mbembe het begrip ‘cosmologie générale’ aan, geïnspireerd door de Dogon-religie en -filosofie in West-Afrika. Het is een manier van denken die ons herinnert aan het feit dat de wereld veel groter is dan de mens. Wij zijn slechts medebewoners van die wereld. Voor het duurzame voortbestaan ervan hebben wij een morele plicht haar te verzorgen, en te repareren.

Dit impliceert dat wij liefde en zorg centraal moeten stellen in onze handelingen, die tot nu toe vooral vernietiging brengen. De medemens en de natuur zijn onderhevig aan permanente dreigingen en pijn. Wij moeten een gemeenschap ontwikkelen waarin er een eenheid bestaat tussen alle levenden: mensen die nu zijn geboren, onze voorouders, mensen die nog niet zijn geboren, en dieren.

Het is natuurlijk zonde dat het type denken waar Mbembe zich mee bezig houdt beperkt blijft tot intellectuele kringen. Je zou daarom hopen dat wij vaker naar Afrika kijken en luisteren om onszelf te bevrijden van de tirannie van het nu en het onversneden groepsdenken.

U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.

Source: NRC

Previous

Next