We zijn in ons land Europees kampioen deeltijdwerken (minder dan 35 uur per week). Vooral vrouwen werken minder vaak fulltime. "Onze economie en arbeidsmarkt is daarop ingericht. Veel sectoren en werkgevers maken daar gebruik van. In het buitenland zie je dat vrouwen óf wel óf niet werken. In ons land is er een keuze om bijvoorbeeld zorg en werk te combineren. Datzelfde zie je bijvoorbeeld ook in Duitsland en Oostenrijk", zegt CBS-demograaf Ruben van Gaalen.
Het statistiekbureau heeft gekeken naar de eerste negen jaar op de arbeidsmarkt van mannen en vrouwen die in de periode 2007-2009 het onderwijs met een diploma verlieten.
Dan zie je dat mannen en vrouwen een jaar na afstuderen ongeveer even vaak betaald werk hadden, maar dat mannen hun loopbaan vaker beginnen met een voltijdbaan. Vrouwen werkten een jaar na afstuderen twee keer zo vaak als mannen in deeltijd. In de jaren daarna werd dat verschil nog veel groter, doordat mannen minder en vrouwen juist meer in deeltijd gingen werken.
Minder dan 10 procent van de mannelijke werknemers ging negen jaar na afstuderen als deeltijder aan de slag. Vrouwen gingen in de loop van de jaren juist vaker in deeltijd werken. Het aandeel vrouwelijke deeltijders was na negen jaar opgelopen naar 40 procent bij vrouwen met een universitair diploma, tot 67 procent bij degenen met een mbo-diploma.
De verschillen in deeltijd worden veroorzaakt doordat vrouwen vaker studies volgen die opleiden voor werk in sectoren waarin deeltijdbanen gebruikelijk zijn. Denk aan het onderwijs of de gezondheidszorg. Maar ook als hiermee rekening wordt gehouden, hadden vrouwen een jaar na afronding van hun opleiding minder vaak een voltijdbaan.
Volgens Van Gaalen is het niet zo dat Nederlandse vrouwen niks aan het doen zijn. Door de krapte op de arbeidsmarkt wordt vaak de vraag gesteld of het geen goed idee is dat deeltijders meer uren gaan werken. "Als we meer voltijd werken, ook als vrouw, levert dat elders meer werk op. In de zin dat er dan ook meer mensen nodig zijn in de kinderopvang bijvoorbeeld."
Ook vrouwen die in het begin van hun loopbaan fulltime werkten, gingen in de eerste negen jaar na het afstuderen vaker dan mannen over naar een deeltijdbaan. Dat gold voor vrouwen in alle onderwijsniveaus en ongeacht of ze thuis woonden, alleenstaand waren of samen woonden. Samenwonende vrouwen verruilden vaker hun voltijdbaan voor een deeltijdbaan dan alleen- of thuiswonende vrouwen.
Source: Nu.nl economisch