Home

Opinie: De zaak-Vlaskamp toont aan dat intimidatie door buitenlandse regimes allesbehalve onschuldig is

Vorige week stuurde het kabinet een brief naar de Tweede Kamer over de aanpak van buitenlandse inmenging. De kabinetsbrief bevat goede voorstellen. Een aantal maatregelen, zoals het meldpunt tegen intimidatie en de verzwaring van de strafbaarstelling voor spionage, juichen we zeker toe. De Alliantie tegen buitenlandse inmenging is ook blij met de rol van diasporagemeenschappen en ervaringsdeskundigen hierin.

Abduslam Gheni en Alerk Ablikim van de Vereniging Free Uyghur in Nederland;
Ahmedjan Kasim van Dutch Uyghur Human Rights Foundation (DUHRF);
Habib el Kaddouri en Laila Ezzeroili van de Monitor Lange Arm Rabat;
Shiva Mahbobi en Parisa Pouyande van de Campaign Free Political Prisoners in Iran (CFPPI);
Mustafa Ayranci, Turkse Arbeidersvereniging in Nederland (HTIB):
Fatma Özgümüs, Vluchtingen Organisaties Nederland (VON);
Federatie van Alevitische gemeenschap Nederland (HAKDER);
Vereniging MARA Belarussen in Nederland;
Tsering Jampa van de Tibet Support Group;
Tibetaanse Gemeenschap Nederland;
International Campaign for Tibet;
Tibet Europe;
Netherlands for HongKong.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Echter, een rijksbrede en integrale aanpak kunnen wij er niet in bespeuren. De voorgestelde aanpak is vrijblijvend, leunt op veel mitsen en maren en oogt zoekende. In de Volkskrant hebben enkele deskundigen zich al afgevraagd of de huidige kennis bij de overheid wel toereikend is.

De timing van de Kamerbrief viel samen met het indrukwekkende verhaal van Volkskrant-journalist Marije Vlaskamp, die door China wordt geterroriseerd. Haar verhaal bevestigt de signalen die wij ontvangen en de zorgen die leven binnen onze achterbannen. Buitenlande inmenging – waaronder intimidatie – is een groeiend maatschappelijk probleem, dat de Nederlandse democratie bedreigt. Wij roepen het kabinet op een Nationaal Coördinator tegen Buitenlandse Inmenging aan te stellen om het tij te keren.

Want intimidatie in opdracht van China, Iran, Turkije, Marokko, Belarus, Eritrea en dergelijke stopt niet met een meldpunt of een bewustwordingscampagne. Deze autoritaire staten blijven doorgaan met het lastigvallen van Nederlandse burgers. Ook vinden zij steeds weer nieuwe manieren en verfijnde tactieken om onze vrijheid en veiligheid te bedreigen. Een steviger en normerende aanpak is geboden.

De nieuwe Nationale Coördinator moet de impact van de intimidatie door ‘lange armen’ agenderen en een wezenlijke bijdrage leveren aan het debat en het maatschappelijk bewustzijn hierover. Niet alleen in zogeheten veiligheidsorganen moet het gesprek worden gevoerd over hoe we onze vrijheid en veiligheid kunnen beschermen, maar ook op school, aan de keukentafel, op de werkvloer, in de media. Net als andere maatschappelijke vraagstukken als grensoverschrijdend gedrag, discriminatie en antisemitisme verdient buitenlandse inmenging een prominente plek op de maatschappelijke agenda.

De zaak-Vlaskamp en die van haar voorgangers staan niet op zichzelf. Ervaringen van talloze en vaak onbekende burgers, die dagelijks last hebben van de lange arm van ‘hun herkomstland’, verdienen meer prioriteit en aandacht. Dat Nederlandse burgers zich niet (meer) durven uit te sprekenm moeten wij ons aantrekken. Hun zwijgen en hun zelfcensuur vanwege angst voor het eigen leven, of dat van hun familie hier of elders, verdient expliciete steun.

Een paar voorbeelden die wij horen: een Iraans-Nederlandse mensenrechtenverdediger voelt zich niet meer veilig in haar buurt in Amsterdam. Een activist wordt in Marokko na familiebezoek gearresteerd. Een Tibetaanse vluchteling voelt zich niet veilig door de zogenaamde Chinese ‘politiebureaus’ in Nederland. Veel van dit soort situaties zijn bij de Nederlandse autoriteiten bekend, maar een te grote groep deelt de eigen ervaring helaas niet. Transnationale repressie moet steviger worden aangepakt. Daarvoor pleitte ook Freedom House onlangs in zijn nieuwe rapport.

Het maatschappelijke debat over buitenlandse inmenging moet nadrukkelijk ook gaan over hoe autoritaire regimes via diasporapolitiek, gebruikmakend van de Nederlandse infrastructuur, (ex-)onderdanen proberen te kneden en te knellen. Daarbij moet de terminologie, door onze Nederlandse overheid gehanteerd, radicaal anders. Bepaalde begrippen zoals ‘ongewenst’ en ‘vrijwilligheid’, die gelden binnen de aanpak Ongewenste Buitenlandse Inmenging (OBI) dragen niet bij aan een effectieve aanpak. Elke vorm van buitenlandse inmenging is onaanvaardbaar.

Begin ook de subtiele vormen en activiteiten van deze landen te problematiseren. Marokkaanse staatsimams tijdens de ramadan, Turkse fatwa-units, Chinese Confuciusinstituten en evenementen van de handlangers van het regime van Eritrea worden te vaak afgedaan als een losse of onschuldige activiteit, die via een diplomatiek gesprek ‘aangekaart zal worden’. Een naïef en niet-transparant signaal, dat bovendien het vertrouwen en de weerbaarheid van diasporagemeenschappen zwaar op de proef stelt.

Kortom, de vrijheid en de veiligheid van Nederlandse burgers staan op het spel en die moeten vooropgesteld worden. Onze alliantie pleit daarom voor een integraal, duurzaam en zichtbaar offensief tegen buitenlandse inmenging. Een Nationaal Coördinator kan daarbij het verschil maken.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next