Ik ben niet dom, behalve soms ontzettend. Wij bewaren ons brood en beleg in een keukenlade, en daarin zag ik op een ochtend overal zwarte korreltjes. Ik dacht: ze zullen wel afkomstig zijn van de ingewikkelde crackers die mijn vrouw eet, van die moeilijke meerzadenplankjes waar allemaal rare spikkels en frubbels in zitten. Zie je wel, hier, deze cracker is half opgegeten weer teruggelegd, vind je ’t gek dat er zo veel kruimels in de la liggen. En wie neemt er nou alleen kleine hapjes uit de sneetjes brood en legt ze dan weer terug? Wat een debiel gezin heb ik toch.
Ik viste de zoetjes uit de la en ging achter mijn koffie zitten. Iets voelde niet in de haak. Er ontbrak iets. De beesten. Waar waren de beesten? Normaal liepen die mij ’s ochtends voor de voeten, zeurend om eten. Ik keek om me heen, en zag de hond nerveus kwispelend naar iets kijken. Ik volgde zijn blik: daar zat de poes intens te loeren naar de plint onder het aanrecht. Af en toe zwiepte haar staart een keer, of draaide ze haar kop met een ruk een decimeter naar links of rechts. De beesten waren duidelijk helemaal gek geworden.
Mijn vrouw kwam de trap af, en slofte naar de lade met haar moeilijke crackers. Ze trok ’m open en deed toen van alles tegelijk: gillen, met haar handen wapperen en naar de overzijde van de kamer huppelen. Ik schrok mij de gevoelige pleuris.
Dat was een week geleden, en inmiddels ben ik een andere man. Harder. Wreder. Ongevoeliger. De sporen van de Grote Muizenoorlog van 2023 hebben hun sporen in mijn gezicht nagelaten. Als ik de muis eerder had gezien, was ik het misschien geweest die had gegild, en was zij de moordenaar geworden. Maar je kunt het verleden niet veranderen. Ik stak een sigaret op en keek uit over de puinhopen van deze eens zo mooie stad. Tijd om de muizenval te checken.
Het vervelende aan muizen is dat ze dood moeten. Je kunt diervriendelijke vallen kopen, maar wat dan? In de stad kun je ze moeilijk buiten loslaten, want dan gaan ze bij iemand anders in huis een gezin stichten, en komen hun kinderen en kleinkinderen straks alsnog in je broodlade wonen. Het alternatief is in de auto springen en rijden tot je de bebouwde kom uit bent, maar om dat voor elke muis te doen is tamelijk onpraktisch.
Moord, dus. Maar hoe? Met de klassieke muizenval weet je nooit wat voor gruwelen je zult aantreffen, qua gehalveerde stuiptrekkende stakkertjes. En gif staat garant voor een langzame pijnlijke dood, plus regelmatig rottendemuizenlijkjes-lucht. Vroeger had je ook nog lijmpapier, maar dat is nu godzijdank verboden om redenen die te gruwelijk zijn om in uw ochtendkrant af te drukken. En wie mij wijst op onze poes, zeg ik: haar methoden zijn sadistischer dan alle hierboven beschreven opgeteld.
De minste aller kwaden is, schijnt, elektrocutie. Ik bestelde een zwart plastic doosje ter grootte van een baksteen. Batterijtjes erin, likje pindakaas in de kill zone, muis loopt de buis in – pzt! Klaar. Feilloos en snel. Als het ledlampje knippert, betekent het dat er een muizengezinnetje vergeefs zal wachten tot papa thuiskomt. De mensenpapa ondertussen, opent het doosje, pakt met een hondenpoepzakje één gaaf, ogenschijnlijk ongeschonden, roerloos muisje eruit, knoopt het zakje dicht en deponeert het in de vuilnisbak. Onderop, want anders raakt de mensenmama van streek.
Source: Volkskrant