In een vorig leven, toen ik nog freelancer was en single, maakte ik samen met journalist Maartje Duin Een cursus alleen zijn, een vierdelige radiodocumentaire over alleenstaanden in de grote stad. We interviewden medesingles over het verdriet en het plezier van alleen wonen. Ook belichtten we de praktische kanten van het singlehuishouden: is een klusjesman onontbeerlijk? En hoe kun je efficiënt koken voor jezelf?
Een cursus alleen zijn werd een bescheiden hit, in die tijd (2012) waren alleenstaanden nog wat onzichtbaar en achtergesteld, terwijl al die allenigen bij elkaar opgeteld een gigantische demografische groep vormden.
Het aantal eenpersoonshuishoudens is sindsdien alleen maar gegroeid. Alleenstaanden vormen 30 procent van alle huishoudens in de grote steden (het landelijk gemiddelde ligt op 18 procent). Toch is singlediscriminatie de wereld nog niet uit: denk aan de fiscale voordelen voor stellen en de relatief hoge lokale belastingen voor eenpersoonshuishoudens. En één ding is zelfs flink verslechterd voor alleenstaanden: de woningmarkt.
Dat ondervond ik aan den lijve toen ik bijna drie jaar geleden mijn relatie onverwachts zag stranden. Nog geen vier maanden daarvoor had ik mijn goedkope huurwoning opgezegd. Mijn toenmalige vriend en ik woonden al een tijdje samen, en dit zou sowieso voor altijd zijn. Achteraf gezien wellicht hopeloos naïef. Maar ik moet ook denken aan het beroemde citaat van personage Mike Campbell uit Hemingways En de zon gaat op. Als Mike wordt gevraagd hoe hij failliet is gegaan, zegt hij: ‘Op twee manieren. Eerst langzaam, en toen plotseling.’ Zoiets is het ook met relaties, en ik was in die langzame fase blind geweest voor de tekenen. Maar nu moest ik niet alleen de schok van de breuk verwerken, ik had er meteen een ander probleem bij. Want hoewel ik op menig bank van vrienden en familieleden kon slapen, was ik technisch gezien dakloos.
Het werd een lange treurperiode, en dan heb ik het niet alleen over de verbroken relatie. Ik ging door alle Kübler-Ross-fasen van rouw vanwege die fijne sociale huurwoning die ik zo argeloos had kwijtgespeeld aan de liefde. Eerst was er ontkenning (ik vind heus wel een ander goedkoop huis). Toen onderhandeling (Beste woningbouwvereniging X, enige tijd terug heb ik een woning opgezegd, dat was in een vlaag van verstandsverbijstering, mag ik hem terug?). Toen waren daar de golven van woede en depressie (ik zal bij mijn moeder moeten intrekken).
En uiteindelijk: acceptatie. Het was nou eenmaal zo gelopen, en nu moest ik mijn verlies nemen op de vrije markt.
Zo begonnen de problemen waar alleenstaanden door het hele land mee kampen. Want een huis in die vrije huursector is vaak onbetaalbaar voor één persoon, het huurcontract bovendien tijdelijk, zodat je nergens echt kunt landen. Een huis kopen? Op slechts één salaris, en zonder eigen vermogen, krijg je als alleenstaande de financiering vaak niet rond.
Dat probleem ziet ook hoogleraar housing systems aan de TU Delft Peter Boelhouwer. Volgens hem zijn alleenstaanden de dupe van een weeffout in de woningmarkt. ‘Het verschil tussen de insiders en de outsiders is te groot’, vertelt hij in een boeiend stuk van journalist Jeroen Junte, verderop in deze special, die in het teken staat van solo wonen. Die insiders, zo vertelt Boelhouwer, zijn de bewoners van een eigen huis of een sociale huurwoning, die hebben allemaal voordelen. Onder de outsiders zijn de alleenstaanden oververtegenwoordigd.
Ik was nu zo’n outsider. De huur van het huis dat ik had gevonden was meer dan de helft van mijn salaris. Er zat niets anders op dan midden in deze verwarrende fase van verdriet om een stukgelopen relatie ook nog eens flink te bezuinigen. Ik ging nauwelijks uit, ik deed meerdere dagen met de verspakketten van de Albert Heijn. Ik nam boterhammen met pindakaas mee naar het werk, ik kneep alle tubes en flacons uit tot de laatste druppel.
Maar terwijl ik worstelde met die hoge huur, vond ik in die zeer compacte woning ook mijn eigenwaarde terug. Ik herontdekte het plezier van alleen je huis inrichten, en niet uitkomen op een of ander sneu compromis, omdat je partner nou eenmaal van veel leer houdt, of van Escher aan de muur. Ik besefte dat het samenwonen me ook had bekneld, en herinnerde me hoe ik soms jaloers naar binnen had gekeken bij de overbuurvrouw, die zo gelukkig leek te zijn in haar zorgvuldig vormgegeven eenpersoonspaleisje. Er gaat iets magisch uit van solo wonen. De inrichting, de boeken, de uitgehangen jurken: jij bent het allemaal zelf.
Bijna drie jaar later is er veel veranderd in mijn leven. Er is weer een liefde, met wie ik onwaarschijnlijk gelukkig ben. En er is een koopwoning, midden in de stad, die we samen gaan betrekken. Ik kan niet wachten, maar besef ten zeerste dat het in mijn eentje niet was gelukt, een huis kopen in de stad. We zitten midden in een heuse wooncrisis, die singles en gescheiden co-ouders onevenredig raakt.
En toch is er reden voor optimisme. Er bestaan creatieve en hartverwarmende oplossingen voor al die alleenstaanden. Initiatieven als De Warren, een woningcorporatie waar je tegen lage woonlasten mede-eigenaar wordt van een volledig duurzaam gebouw. Ook niet gek: het ‘friends’-contract, waarbij twee bewoners een appartement delen dat daar speciaal voor ontworpen is. In De stadsveteraan kunnen ‘vitale ouderen’ straks smaakvol samenwonen met elkaar, zonder te worden gekort op hun AOW. Het zijn goede ontwikkelingen, vindt hoogleraar Peter Boelhouwer, die nog een ander voordeel ziet in deze nieuwe samenwoonvormen: ze zouden weleens een medicijn kunnen zijn tegen eenzaamheid.
Verder is er het compact wonen: hoe kun je maximaal gebruikmaken van een minimaal aantal vierkante meters? Ook gaan we op bezoek bij de Engelse kunstenaar Harrison Marshall, die in hartje Londen een bouwcontainer omtoverde tot woonstudio, als ludiek protest tegen de hoge woonlasten in Groot-Brittannië.
En tot slot aandacht voor die vermaledijde liefde, die vormgeeft aan je ‘wooncarrière’, of je het nu wilt of niet. Journalist Gidi Heesakkers interviewde Hannah Cuppen, de Nederlandse therapeut en schrijver van de bestseller Liefdesbang, over de hardnekkigheid van bindingsangst en verlatingsangst in onze samenleving. Haar optimistische boodschap: deze ingesleten patronen zijn met de juiste aandacht goed te doorbreken. Cuppen is daar zelf het levende bewijs van: ze is na jarenlang worstelen nu gelukkig in de liefde, en woont sinds haar 45ste voor het eerst samen.
Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.
U bent niet ingelogd
Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden