Vroeger ging je naar het winkelcentrum om een nieuwe cd, dvd, tv of een paar schoenen te kopen. Maar films kijken en muziek luisteren doen we nu digitaal en schoenen haal je vaak bij Zalando of een andere webshop. Ook elektronica kopen we nauwelijks nog in het stadscentrum, net als speelgoed.
Zo blijkt uit de Kamer van Koophandel-cijfers dat in tien jaar 40 procent van de speelgoedwinkels in ons land verdween. Bij schoenenwinkels is dat zelfs 43 procent. Ook veel modezaken en verkopers van kantoorartikelen sloten de deuren.
Dat zorgde voor veel leegstand. Maar het aantal lege panden neemt sinds enige tijd juist af. Dit komt vooral doordat winkels die eten en drinken verkopen de laatste jaren als paddenstoelen uit de grond schieten. Het aantal kaaswinkels steeg in tien jaar met 41 procent, terwijl er 35 procent meer toko's en 23 procent meer bakkers zijn.
Retailexpert Michel Kregel herkent de trend van meer foodwinkels en minder non-food. Ook valt het hem op dat de beide typen winkels steeds vaker naast elkaar zitten, of zelfs in hetzelfde pand.
"Vroeger waren horeca en winkels strikt gescheiden. Denk aan Rotterdam. Daar had je het Schouwburgplein voor horeca en daaromheen waren straten met winkels. Nu is het meer gemixt, ook in andere steden. Daar zie je bijvoorbeeld een lunchroom naast een kledingzaak."
Het gaat volgens hem zelfs nog verder. "Sommige zaken zijn zowel horeca als winkel. Denk aan Paagman, die boekenwinkel in Den Haag. Daar kun je boeken kopen en daarna eten en drinken. Bij koffietentjes zie je dit ook. Je drinkt er eerst wat en daarna neem je een pak koffiebonen mee voor thuis. En je wilt niet weten hoeveel omzet daarmee wordt gedraaid."
Ook speciaalzaken zoals bakkers, kaasverkopers en chocoladewinkels deden het de voorbije jaren goed. Hun omzet steeg en hun aantal groeide. Dit kwam vooral doordat ze profiteerden van het sluiten van de horeca tijdens de lockdowns.
Maar er zijn twijfels of dat doorzet. "Ik verwacht dat hun verkopen dit jaar verder dalen", zegt retaildeskundige Gerarda Westerhuis van ABN AMRO. Volgens haar speelt vooral de inflatie een rol.
"Mensen kiezen weer vaker voor de supermarkt, omdat die goedkoper is. Vooral de huismerken zijn populair. Je zag in de eerste twee maanden van dit jaar dat de speciaalzaken zo'n 10 procent minder verkochten dan vorig jaar, terwijl het aantal faillissementen steeg. Ook merken ze dat klanten terugkeren naar de horeca."
Ook een deel van de non-foodwinkels krijgt het de komende tijd zwaar, denkt Westerhuis. "Dat is waar je als eerste op bespaart als je minder te besteden hebt. Denk aan meubelverkopers of doe-het-zelfzaken. Dat komt onder meer doordat we in coronatijd flink hebben geklust. Veel mensen zijn daar nu voor de komende jaren klaar mee."
Ze verwacht dat vooral winkels die zich niet kunnen profileren, zware tijden tegemoet gaan. "Een winkel moet zich onderscheiden door lage prijzen of door kwaliteit en beleving. Ik kan me voorstellen dat het lastig wordt voor wie daartussenin zit."
Dat denkt ook Kregel. "Nu corona voorbij is, komt de klant terug in de winkelstraat en daar wil diegene verleid worden." Dat kan volgens hem door lage prijzen of door luxe te bieden.
"Maar wie daartussenin zit, gaat verdwijnen. Kijk naar de Miss Etams van deze wereld. Die winkel onderscheidde zich niet en is weg. Ook V&D kon zich in het verleden niet aanpassen aan de veranderde markt en verdween."
Source: Nu.nl economisch