N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.
De cao-lonen liggen 5 procent hoger in het eerste kwartaal van 2023 dan een jaar eerder. Dat is de grootste toename in veertig jaar, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Die stijging is bijna twee keer zo hoog als vorig jaar, toen de cao-lonen in het eerste kwartaal toenamen met 2,7 procent.
In de horeca namen de cao-lonen het meest toe, met 8 procent. Een jaar geleden had die bedrijfstak nog een van de laagste loonstijgingen (0,3 procent). In de sector ‘verhuur en handel van onroerend goed’ stegen de lonen het minst.
Toch betekent deze stijging niet dat het verschil met de inflatie is overbrugd, want die steeg harder dan de cao-lonen. Volgende week wordt de inflatie over het eerste kwartaal bekendgemaakt, maar op basis van voorlopige CBS-cijfers nemen de cao-lonen na inflatiecorrectie af met 1,5 procent.
Dat is nog altijd minder dan over heel 2022, toen de cao-lonen in absoluut opzicht ook toenamen, maar met zo’n 6 procent daalden na correctie voor inflatie. Zo’n groot verschil tussen cao-loonstijging en inflatieontwikkeling is sinds het CBS het bijhoudt niet voorgekomen.
Sinds 2022 nemen cao-lonen met grotere stappen toe, om zo het koopkrachtverlies te compenseren dat is ontstaan doordat de inflatie ook toenam in die periode. Cao-onderhandelingen zijn volgens werkgeversvereniging AWVN de laatste tijd „harder” geworden, met vakbonden die staken of dreigen te staken. Protestacties worden vooralsnog vooral uitgevoerd door mensen die onder cao’s van de overheid vallen, zoals ziekenhuispersoneel, buschauffeurs of gemeenteambtenaren.
Ongeveer 80 procent van de Nederlandse werknemers valt onder een collectieve arbeidsovereenkomst. Hun salaris kan toenemen door cao-verhogingen of door individuele onderhandelingen.
U kunt ons via dit formulier informeren over taalfouten of feitelijke onjuistheden, dat stellen wij zeer op prijs. Berichten over andere zaken worden niet gelezen.
Source: NRC