Home

We zijn tijdelijk én eeuwig. Een stofje in het heelal

Op de mulo, in de jaren zestig, had ik een leraar aardrijkskunde, meneer Wijsfelt. Hij zei ooit tussen neus en lippen het volgende (in mijn woorden): ‘We denken dat alles eindig is, maar misschien is dat helemaal niet zo.’

Sindsdien leef ik met precies het idee dat beschreven wordt door George van Hal in de krant van afgelopen donderdag (‘Huh? Bestaan er écht zwarte gaten die ouder zijn dan het heelal?’). Het is (een deel van) het fundament van mijn bestaan. Het heelal was er altijd al en zal er altijd zijn. Uitdijen en inkrimpen, een beetje als een hartslag. Van Hal spreekt over een ‘totáál bizar alternatief’. In mijn ogen is het de meest logische theorie.

Hoewel het in mijn beleving geen theorie is, maar een feit. Geestverruimend en troostrijk is het inderdaad ook, zoals Van Hal zegt. Het idee dat er ooit niets was – en er ooit weer niets zal zijn – is niet te begrijpen. Hij schrijft verder: ‘Na onze dood eindigt die kortstondige samenstand en waaieren onze elementaire onderdelen weer uit’.

Misschien klonteren sommige onderdelen? En worden die onderdelen weer gebruikt (reïncarnatie)? Misschien verklaart dat hoe een naoorlogs jongetje gedetailleerd ervaringen van een WOII-oorlogspiloot kan reproduceren?

Ik had Wijsvelt nog weleens willen vertellen wat een impact zijn zinnetje heeft gehad op mijn leven en levenshouding. Ik hoop dat hij de Volkskrant leest. We zijn tijdelijk én eeuwig. Een stofje in het heelal. Ik kan er prima mee leven.
Ina Ruijter, Wormer

‘Paste je er wel?’, vroeg Beau met een inlevende blik aan oud-presentator Aïcha Marghadi over haar tijd bij NOS Sport. Confronterend vond ik haar reactie. Zo herkenbaar en pijnlijk ook.

Als in een reflex begon ze aan een opsomming van redenen waarom ze op de redactie wél op haar plek was. De micro-­agressie, verscholen in de ongetwijfeld goedbedoelde vraag, bleef onbesproken.

Het zal niet de eerste of enige keer zijn geweest dat ook buiten de redactie haar aanwezigheid op een plek zo bevraagd wordt. Of haar aanspraak op een plek. Dat ervan opgekeken wordt dat iemand als zij op zo’n plek zit. En dat er uiteindelijk tóch nog even moet worden gecheckt of het heel misschien niet ook een beetje aan haarzelf kan liggen.

Je ziet pas hoe groot micro-agressie kan zijn als je de moeite neemt uit te zoomen en het grote geheel te bekijken. Tot die tijd komt de bodem van de gifbeker voor Aïcha Marghadi en menig ander met vergelijkbare ervaringen nog lang niet in zicht.
Salima El Guada, Nijmegen

Net als met klimaatverandering is de stikstofcrisis niet een probleem met een politieke kleur. Het is iets wat er is, wat we zelf veroorzaakt hebben en dat niet verdwijnt omdat we het een naar probleem vinden. Wat wel een politieke kleur heeft, is hoe we met dit soort grote problemen omgaan.

De afgelopen dertig jaar is het stikstofdossier grotendeels onder de mat geschoven. Hetzelfde geldt ook voor de klimaatcrisis. Inmiddels is de urgentie van beide zaken zo groot dat we wel wat moeten doen. En elke keuze is er één die pijn doet.

Laten we stoppen met van de problemen (of het ontkennen van die problemen) electorale promotiecampagnes maken en vooral kijken naar realistische oplossingen. Daarin kan de politiek laten zien waar de keuzes liggen en wat de consequenties zijn.

En dan hebben we tenminste weer echt wat te kiezen. Dan kunnen we samen stappen gaan maken om uit de ­visieloze impasse te komen waar we momenteel in verkeren.
Annemarie van Zeijl-Rozema, Hulsberg

In reactie op het commentaar van Raoul du Pré over de kwestie-Trodelvy en de stijgende zorgkosten (30/3), is het opmerkelijk dat het perspectief van euthanasie en de daarmee gepaard gaande kosten niet wordt genoemd. Euthanasie kan bijdragen aan een waardig levenseinde voor patiënten met uitzichtloos en ondraaglijk lijden met een euthanasiewens, terwijl het tegelijkertijd de zorgkosten kan helpen beteugelen.

Een open en respectvol debat over ­euthanasie, met de wensen van de pa­tiënt centraal, kan leiden tot een betere verdeling van beschikbare middelen en waarborging van patiëntenautonomie. Dit debat moet worden gevoerd in een samenwerking tussen politici en zorgverleners, en rekening houdend met ethische en morele overwegingen.

Het opnemen van het euthanasieperspectief in dit debat kan leiden tot innovatieve oplossingen waarin een evenwicht kan worden gevonden tussen het respecteren van de keuzes van individuen die uitzichtloos en ondraaglijk lijden, en financiële overwegingen. Door meer opties te overwegen kunnen we een duurzamere en empathische gezondheidszorg creëren die zowel de maatschappelijke als de individuele belangen dient. Dit biedt uitzicht op een win-win situatie voor alle betrokkenen en de maatschappij.
Paul Hoogduin, Eindhoven

Ik ben het grotendeels eens met het opiniestuk van Thijs Overpelt over het niet schrappen in teksten. Enkele kanttekeningen: Overpelt schrijft ‘Hoe de lezer deze tekst in het licht van de tijdgeest beter kan begrijpen.’ Dubbelzinnigheid en een niet eenduidige, voor iedereen andere betekenis lijkt me een van de belangrijke, misschien zelfs onontbeerlijke eigenschappen van literatuur. ‘Dat literatuur een plek kan zijn waar iedereen zich veilig voelt.’ Dat zou fijn zijn, en een mooi streven, maar hoort literatuur niet ook juist ongemakkelijk te zijn?
Rene Ermark, Amsterdam

Wanneer zullen de sensitivity readers met hun opschonende vaardigheden de Bijbel en de Koran eens onderhanden ­nemen? Beide boeken hebben ontelbare doden op hun geweten. In de naam van Agatha Christie en Roald Dahl is nog nooit iemand vermoord.
A.H.J. Dautzenberg, schrijver, Tilburg

Ontbreken dreigt te gaan missen in ons taalgebruik. Steeds meer erger ik me aan het onjuiste gebruik van het werkwoord missen. Beste krantenmensen, even een opfrissertje. Het is: ‘Ik mis iets’ of ‘er ontbreekt iets’. Niet: ‘er mist iets’. Er wordt te veel mist gecreëerd op deze wijze.
Wim van Oudheusden, Loosdrecht

Je kunt, zoals Tineke Bennema, een artikel schrijven vol venijn over de rattenstreken van de regering-Nethanyahu. Je kunt ook een artikel vol lof schrijven over een Israël waar de bevolking en zelfs legereenheden zo protesteerden tegen ondemocratische nieuwe wetten, dat de regering ze voorlopig van tafel moest halen. Iets wat de Poolse en Hongaarse bevolking eerder niet lukte. In Israël heeft de democratie wel gewonnen, daar mag de bevolking trots op zijn.
Jan Rob Dijkstra, Winsum

Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans de krant te halen. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.

Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks halen ongeveer vijftig brieven de krant. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.

Om u deze content te kunnen laten zien, hebben wij uw toestemming nodig om cookies te plaatsen. Open uw cookie-instellingen om te kiezen welke cookies u wilt accepteren. Voor een optimale gebruikservaring van onze site selecteert u "Accepteer alles". U kunt ook alleen de sociale content aanzetten: vink hiervoor "Cookies accepteren van sociale media" aan.

U bent niet ingelogd

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden

Source: Volkskrant

Previous

Next